, Artikel door:
Auteur(s) boek:

Hotel zonder sterren

Een voortrazende rollercoaster

Juist wanneer Lara Taveirne (1983) voor De kinderen van Calais de Debuutprijs 2015 in ontvangst neemt, verschijnt haar tweede roman: Hotel zonder sterren. De boeken vullen elkaar aardig aan. Lezen wij op de achterflap van haar debuut dat ‘de auteur liefde in al haar facetten ontleedt en amputeert: moederliefde, zussenliefde, naastenliefde. Allesverterende liefde’, ook op de achterflap van haar nieuwe roman zouden woorden van gelijke strekking niet misstaan. Maar dan met name dat ‘allesverterende’.

Het verhaal begint met een voorstel: nadat zij elkaar tien jaar niet meer hebben gezien, nodigt Larissa Andreas uit om samen twee dagen door te brengen in het allermooiste hotel van Europa, om ‘de tijd in te halen en uit te komen op de plek waar het verkeerd is gegaan’. Wat volgt is een stortvloed aan herinneringen. Ontelbare ontwikkelingen trekken als een voortrazende rollercoaster aan je voorbij. Net als je denkt dat je wel zo’n beetje op de hoogte bent van hun beider levens, en het verhaal (die beloofde reis!) nu eindelijk kan beginnen, volgt andermaal een uitgebreide introductie: ditmaal komt haar moeder Isabella Maria – en haar vele verhoudingen – aan de beurt. Vanuit een overdaad aan invalshoeken en met de neiging om flink te overdrijven, gaat Taveirne tot in de allerkleinste details. Van mij had het allemaal wel een tandje minder gemogen.

Zonder al te veel chaos en onduidelijkheid te veroorzaken – dat moet ik haar nageven – springt Taveirne van de hak op de tak, van verleden naar heden, van Larissa naar Isabella Maria, en weer terug. We lezen over Larissa’s precaire relatie met jeugdliefde Andreas, en de vele andere wegen die zij bewandelde. Parallel daaraan volgen we Isabella Maria in haar hippie-achtige bestaan. Beiden zien zich gesteund door liefhebbende en begrijpende echtgenoten, maar waarderen doen zij dat niet.

Hysterische liefde

Zowel Larissa als Isabella Maria komen over als uitermate labiel en onvolwassen. Immer zijn zij op zoek naar aandacht en liefde, om die nooit te vinden. Of in ieder geval niet op de manier die hen gelukkig zal maken. Larissa’s liefde voor Andreas is ziekelijk, obsessief, beklemmend, hysterisch. Geen wonder, dacht ik steeds, dat Andreas niet voor een leven met haar heeft gekozen:

Er zijn wel momenten gekomen dat hij haar vroeg om weg te blijven. Iets met rustpauzes en ademruimte. Larissa lachte dan. Ze begreep maar niet dat iemand de definitie van liefde zo verkeerd kon interpreteren. De liefde was hollen tot je zonder adem neerviel.

Ik ben er echter nog steeds niet helemaal uit: was de liefde tussen Andreas en Larissa nou wederzijds of niet? Zelfs de alwetende verteller verschaft ons hier geen duidelijkheid over; Larissa’s positie is helder, maar over Andreas’ gevoelens lezen wij weinig tot niets. ‘Heel eerlijk, hij had niet zo vaak aan haar teruggedacht’, lezen we. En toch wil de schrijfster ons meermaals doen geloven dat de liefde van twee kanten kwam, en dat zij simpelweg ‘een manier om voor altijd van elkaar te houden hadden gevonden’, door elkaar nooit meer te zien. Maar het klopt niet: Andreas lijkt eerder wijselijk aan Larissa’s bezetenheid te zijn ontsnapt. Nooit bij elkaar zijn, dat is hét drama in Larissa’s leven, en om daar vrede mee te hebben, verbindt zij deze onfortuinlijke toestand aan een veel mooiere gedachte:

Waarom liet hij toch niks van zich horen? En welke man duwde in godsnaam een vrouw van zich af voor hij het hoogtepunt had bereikt? Daar kon ze gewoonweg geen verklaring voor vinden. Tenzij, tenzij hij bang was geworden. Dat moest het zijn, hij was bang geworden. Misschien wel net omdat het hoogtepunt naderde. Hij was doodsbang geworden dat het vanaf nu alleen nog maar bergafwaarts kon gaan met hen. En iedereen wist hoe het ging met bergafwaarts: het ging steeds sneller en beneden spatte het uiteen. Ze kon Andreas geen ongelijk geven, ze begreep hem zelfs.

Larissa voelt zich behoorlijk in de steek gelaten, niet alleen door Andreas, maar ook door haar moeder, Isabella Maria. Op een gegeven moment kan zij alleen nog maar hopen dat ‘twee mensen pijn in hun buik kregen van spijt’. Die twee mensen zijn de bron van haar misère, meer nog dan de lezer aanvankelijk kan vermoeden.

Vergeten te doseren
Hoewel Hotel zonder sterren knap in elkaar zit en Taveirne haar sprongen in tijd en perspectief goed onder controle heeft, is het drama te veelomvattend. Te graag wil de schrijfster haar punt maken, en zij vergat daarbij schromelijk te doseren. Met ingenieus gevonden zinnen en mooie beeldspraak probeert ze haar verhaal kracht bij te zetten, maar het komt allemaal erg geforceerd over.

En wat die reis naar dat mooie hotel betreft kan ik kort zijn: van uitstel komt afstel.

Titel

  • Hotel zonder sterren

Vertaling van

Auteurs

Genre

ISBN

  • 9789044628340

Uitgeverij & Jaar

  • Prometheus 2015

Aantal Pagina's

  • 243

Beoordeling:

  • (2)

Boek aanschaffen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Recente artikelen:

De diefstal van Albert
Het monster van Essex
De kunst van controleverlies

Bestellen

Op zoek naar een boek? Bestel het hier.
Zo steun je De Leesclub van Alles