, Artikel door:
Auteur(s) boek:

Mijn landhuizen

Geslaagde bloemlezing

[Recensie] “De brieven over huizen en wonen zijn bedoeld als deel van zijn zelfportret. Ontwerp, inrichting en gebruik van huizen vertellen vooral een verhaal over de persoon Plinius. Of beter gezegd, over zijn gewenste imago.” (p. 14)

In de bloemlezing die vertaler en classicus Vincent Hunink voor dit boek bij elkaar heeft gebracht, gebruikte hij brieven waarin grote of kleine bijzonderheden worden gegeven over het wonen als een rijke Romein. Hunink vertaalde al eerder zeer goed ontvangen antieke geschriften, waaronder In moerassen & donkere wouden. De Romeinen in Germanië (2015) en Het leven van Agricola. De Romeinen in Brittannië (2016) allebei van Tacitus. In zijn Plinius. De Vesuvius in vlammen. Brieven aan Tacitus (2017) gebruikte hij het werk van Plinius.

De Romeinse schrijver Gaius Plinius Secundus Minor, beter bekend als Plinius de Jongere (ca. 62 – ca. 113) was een rijke Romein uit de tijd van keizers Domitianus, Nerva en Trajanus. Van zijn hand is een grote verzameling brieven bij elkaar gebracht, die hoewel Plinius de indruk wekt dat dit niet zo is, waarschijnlijk zorgvuldig zijn geselecteerd en bewerkt. Hij publiceerde de in totaal 247 brieven in negen opeenvolgende boeken, de Verzamelde brieven. Samen vormen de brieven als het ware een portret van Plinius, ze bieden een bont en afwisselend beeld van de activiteiten en relaties van deze Romein in de bredere context van zijn tijd en de Romeinse cultuur rond het jaar 100.

“Met een zorgvuldige selectie van brieven wil Plinius er een fraai geheel van maken, waarin hij zijn wereld en zijn eigen prestaties daarbinnen kan verheerlijken en vastleggen voor het nageslacht.” (p. 8-9)

Trouw

In de inleiding van zijn vertaling wijst Hunink ook juist op de zaken die in Plinius’ brieven niet onder de aandacht worden gebracht. Zo krijgt de lezer geen inzicht in Plinius’ financiën en blijft ook zijn rijkdom schimmig. Daarnaast maakt hij amper een woord vuil aan alles op zijn landgoederen wat praktisch nut kan dienen. Ook persoonlijke domeinen zoals liefde en seks ontbreken, net als elementen zoals kleding en hygiëne, drinkwatervoorziening en maaltijdbereiding.

“Voorraadschuren, slaaphokken voor slaven, productieruimten met olijf- en druivenpersen, stallen voor het vee: geen woord.” (p. 20)

Desalniettemin stelt Hunink dat de brieven wel plezierig zijn om te lezen voor wie geniet van literaire teksten. Want schrijven kan Plinius volgens Hunink wel en dat ben ik met hem eens. Plinius is een taalkunstenaar pur sang.

Mooie toevoeging aan de vertaling zijn de noten die Hunink achter elke brief toevoegt. Hier kan Hunink achtergrondinformatie kwijt over de personen, gebeurtenissen en locaties die in de brieven worden beschreven. In twee beroemd geworden ‘villabrieven’ geeft hij uitgebreide beschrijvingen van zijn buitenverblijven aan de kust bij Roe en in Umbrië. Hij vertelt hierin ook over zijn tuinen, kunstwerken en landschap. Hierdoor krijgt de lezer een idee hoe de allerrijkste Romeinen woonden en leefden.

Al met al is Huninks vertaling van de brieven van Plinius een buitengewoon geslaagde bloemlezing geworden. Geschiedenisliefhebbers zullen genieten van de Romeinse elitewereld die met Plinius’ woorden tot leven wordt gewekt: het reizen naar de landhuizen en de ideale dagindeling tijdens een vakantie in zo’n woning. Hunink brengt met de vertaling van Plinius’ brieven de wereld van de Romeinse elite een stukje dichterbij.

Eerder verschenen op Hereditas Nexus

Titel

  • Mijn landhuizen

Vertaling van

Auteurs

Genre

ISBN

  • 978925308070

Uitgeverij & Jaar

  • Athenaeum – Polak & Van Gennep 2017

Aantal Pagina's

  • 116

Boek aanschaffen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Recente artikelen:

Nieuwe steden in de middeleeuwen
Alexander, Napoleon & Joséphine
De witte reiger

Bestellen

Op zoek naar een boek? Bestel het hier.
Zo steun je De Leesclub van Alles