Maandag, 4 mei, 2020

Geschreven door: Mayer, Joachim
Artikel door: Wouter van Dijk

Met de natuur in je zak op stap

[Recensie] Iedere natuurliefhebber loopt er weleens tegenaan dat tijdens het wandelen of fietsen ineens je nieuwsgierigheid gewekt wordt naar die bijzonder grillig gevormde boom op je pad, het mooi zingende vogeltje dat erin zit of de sporen in het zand die je tegenkomt. Aangezien de meesten onder ons geen doorgewinterde vogelspotters of biologen zijn kom je er niet altijd uit wat het precies is dat je voor je hebt, ook al heb je met je smartphone de wereld binnen handbereik. Op zo’n moment gaat er niets boven een ouderwets papieren natuurgidsje waarin je op gemakkelijke wijze je object van studie kunt doorvorsen. Dat is nu precies waar de gidsjes uit de natuurreeks van Fontaine voor zijn gemaakt. Ze zijn van klein formaat en niet te dik, zodat ze gemakkelijk in je zak passen en je geen rugzak met lectuur door bos of duin hoeft te zeulen. Dan gaat de lol er immers snel vanaf.

In de gidsen zijn door middel van kleurcodes en thema’s allerlei zaken te determineren. Zo worden van de diersoorten in het boekje de belangrijkste kenmerken verteld, waar het dier in kwestie voorkomt en is door middel van vele foto’s inzichtelijk gemaakt waarop gelet moet worden bij het determineren. Bijvoorbeeld bij de gids om diersporen te leren herkennen. Hierbij gaat het niet alleen om pootafdrukken, maar ook om vraatsporen, braakballen, uitwerpselen en nesten en holen. Een bezoek van een zanglijster kun je afleiden aan een grote stapel stukgeslagen lege slakkenhuisjes tussen takken, stenen of boomstronken, waar de vogel zich in zijn lijstersmidse tegoed heeft gedaan aan een maaltje huisjesslakken. Hij is echter niet de enige die graag een slakje lust, ook bijvoorbeeld woelmuizen eten graag een slak. Zij slaan de huisjes echter niet stuk, maar knagen het open langs de opening.

De vogelgids zit iets anders in elkaar, daar wordt wel ook gewerkt met een kleurcode, maar dan om de vogels in typen onder te verdelen. Een onderscheid wordt gemaakt tussen de watervogels, roofvogels, ‘loopvogels’, ‘wadvogels’, duiven tot spechten en zangvogels. Iedere vogelbeschrijving gaat gepaard met een duidelijke foto om de vergelijking te vergemakkelijken, daarbij worden de belangrijkste kenmerken om de vogel te herkennen nog in een beknopt kadertekstje weergegeven. Geen overbodige luxe, want het valt niet altijd mee om een graspieper van een boompieper te onderscheiden, of een bosrietzanger van een kleine karekiet. Voor de leergierige amateur zoals ondergetekende zal het ook met de gids erbij niet meevallen, maar het helpt een stuk.

Dan de boomgids. Die neemt de bladvorming van de boom als uitgangspunt voor determinatie. Het boekje is opgebouwd aan de hand van de categorieën ‘bladen enkelvoudig’ met als onderscheid gaaf of gekarteld/gezaagd of gelobd, ‘bladen samengesteld’ tegenoverstaand of verspreid, ‘loofgewassen met schubvormige bladen’, ‘Naalden’ enkel en naast elkaar, naalden in bundels en naalden schubvormig. Door schematische tekeningen van de bladeren wordt je nog eens extra geholpen het omschreven onderscheid te begrijpen. Deze onderverdeling in gebladerte helpt je om eenmaal in het bos snel uit te kunnen sluiten om welke soorten het niet gaat. Het is alsof je een vragenlijstje afloopt over de kenmerken van de boom die met ja of nee kunnen beantwoord worden. Uiteindelijk kom je bij de juiste soort uit. Naast bekende bomen als beuk, zomereik, berk, els en plataan zijn in het boekje ook bomen te vinden die je niet zo snel aan zult treffen, zoals de wilde peer, de tamarisk of de zwarte walnootboom. Net als in de andere gidsen zijn ook in het geval van de bomen de belangrijkste kenmerken in een kader bij de foto van de betreffende boom geplaatst.

Wandelmagazine

Door de registers in de gidsjes zijn ze ook zeer gemakkelijk in het gebruik als naslagwerk. Stuk voor stuk handige reismaatjes dus als je een dagje de natuur in trekt, en tegen een aantrekkelijke prijs.

Eerder verschenen op Hereditas Nexus