Zondag, 7 maart, 2021

Geschreven door: Kusters, Wouter
Artikel door: Lansink, Cyril

Pure waanzin

Zoektocht naar de psychotische ervaring

“Wie een psychose heeft, loopt een aanzienlijk risico met psychiaters in aanraking te komen.’

[Recensie] Met deze droogkomische constatering begint Wouter Kusters zijn zoektocht naar de psychotische ervaring. Om vervolgens duidelijk te maken dat psychiaters aan deze ervaring doorgaans geen recht doen. Zij blijven buitenstaanders en zijn primair gericht op het vinden van oorzaken en oplossingen voor de stoornissen die bezit hebben genomen van hun patiënten. De waanzin verklaren (en mogelijk genezen) geeft echter nog nauwelijks inzicht in hoe het is om in een waan te verkeren.

Van binnenuit ‘de gek’ begrijpen, nadrukkelijk stil staan bij zijn ervaringen en de betekenis ervan – dat is wat de auteur in dit intrigerende essay beoogt. Daarvoor is het nodig afstand te nemen van een medisch-wetenschappelijk perspectief waarin psychotisch gedrag tot een (neurologische) ziekte wordt gereduceerd. Het vreemde van de waanzin is namelijk meer dan een perversie van de normaliteit, het heeft iets aantrekkelijks en moet op zijn eigen merites beschouwd worden.

Met een beroep op eigen ervaringen (in de zomer van 1987 was hij zelf opgenomen vanwege een psychose) en geïnspireerd door een keur aan filosofische theorieën verduidelijkt Kusters de aard en de betekenis van de psychose. Met behulp van de denkbeelden van De Saussure over taal en tekens, van Bergson over tijd, van Hume over conventies en gewoontes en van Foucault en Deleuze over de relatie tussen maatschappij en waanzin ontwikkelt hij een zelfstandige, niet-psychiatrische visie op de psychotische ervaring. De kern daarvan is de totale ontregeling van de betekenissen, symbolen en conventies waarmee mensen normalerwijs houvast en identiteit vinden in de werkelijkheid. Zonder het lijden aan wanen te romantiseren wijst Kusters erop dat die ontregeling niet alleen iets negatief is maar ook de opmaat kan zijn voor creativiteit, euforie en een nieuwe vrijheid. Niet elke psychose is verbonden met angsten, depressies of totale ontreddering.

C2W

Wij, zelfverklaarde normale mensen, houden de waanzin het liefst zo ver mogelijk van ons weg. Ter eigener geruststelling verbannen we de gek uit de samenleving en isoleren hem. We houden ons niet anders met hem bezig dan uit een plichtsbesef dat we ook geesteszieken niet aan hun lot overlaten. Dit boek haalt de psychoot dichterbij. Hij blijkt in belangrijke opzichten te lijken op de kunstenaar en de filosoof, de dromer en het kind, op de adolescent die zich in de roes van de extase verliest of op de buitenlander die ons toespreekt in een vreemde taal. Hij is minder zielig en minder onbegrijpelijk dan we denken. Er zit methode, normaliteit in de waanzin. Sterker, Kusters’ analyse laat zien hoe dun de grens kan zijn tussen gek en gewoon. Zijn betoog eindigt met de provocerende stelling dat het ‘normale’ leven in onze kapitalistische samenleving veel weg heeft van een collectieve gekte, van een hyperpsychose die zich voltrekt op het maatschappelijke niveau van handelen en algemeen aanvaard denken. Er zit waanzin in de methode, in de normaliteit. Zijn het niet de psychoten, de onaangepasten en ontregelden die buiten de voortsnellende boot van het moderne bestaan vallen, die ons daaraan herinneren? 

Eerder verschenen in Intermediair