Vrijdag, 24 januari, 2020

Geschreven door: Diverse Auteurs
Artikel door: Stoel, Jan

18 Verloren zielen

Ontvlucht de waanzin

[Recensie] In 18 Verloren Zielen hebben achttien auteurs zich laten inspireren door wat het betekent om iets kwijt te raken wat je dierbaar is. Als je iets essentieels verliest, heb je het gevoel dat je ziel een beetje ‘sterft.’ De bundel verhalen past in de inmiddels befaamde ‘cijferreeks’ die uitgeverij Godijn sinds 2014 op de markt brengt. Vooral spannende, esoterische en fantasy-verhalen hebben hierin een plek gekregen. Het thema ’18 Verloren Zielen’ is door iedere auteur op een andere manier uitgewerkt. Dat maakt de bundel afwisselend, verrassend, soms bizar zeker ook door de verschillende onderwerpen, vertelvormen en perspectieven die gekozen zijn.

Johan Klein Haneveld heeft al dertien romans, vooral Science Fiction, geschreven, waarvan er maar liefst vier in 2019 uitgekomen zijn. In zijn verhaal Het zwarte veld spelen droom en werkelijkheid door elkaar en krijgt de lezer dus twee perspectieven voorgeschoteld. In de openingszinnen weet Haneveld de lezer meteen in het verhaal te zuigen:

“Simon bevond zich op een zandpad. Twee sporen waren er, met in elk een in morse gecodeerde boodschap van donkere plassen. (…) Achter de grijsgroene wanden moest het bos schuilgaan.”

(Dat is ook wat op de cover te zien is). Simon wil graag hogerop komen en eindelijk krijgt hij zijn kans. De dualiteit tussen ambitie en ‘gewoon blijven’ is een overkoepelend thema in dit verhaal, maar ook in veel verhalen in de bundel. Kiest Simon voor zijn droom? En wat zijn de consequenties als je ambities doorschieten? Verliest hij zijn ziel door zijn ambitie? Je kunt het verhaal ook verbinden met de actualiteit: hoe gaan onze rücksichtslose managers om met de honger naar steeds meer? Deze prachtige zin van Haneveld spreekt wat dat betreft boekdelen:

Bazarow

“De leegte in de ogen van de mensen op zijn eigen niveau (Simon) viel hem steeds minder op. Bijna iedereen keek zo.”

Monique Belier laat de lezer met De hike op het punt van de stoel zitten. Ze vertelt het verhaal vanuit drie perspectieven en speelt met de chronologie. Daardoor wordt het verhaal spannend, word je in verwarring gebracht. Het is een verhaal met veel dynamiek. Centraal staat in haar verhaal hoe ver je kunt gaan om iemand die je dierbaar is ook bij je te krijgen. Het plot zie je niet aankomen.

Maatschappelijke relevantie is een thema dat door onder meer Ilse Bockstaele, Frans van der Eem, en Jan Sebrechts wordt uitgewerkt. Het hoofdpersonage in Uit-einde-lijk (let op de koppeltekens!) is Elisa. Ze werkt in de verpleging en raakt verzeild in een gezelschap DOL (Dood of Levend), dat als motto heeft: ‘Als iedereen leeft, gaan we allemaal dood.’ De gevolgen van de overbevolking van de aarde zijn een motief, evenals de kosten van de gezondheidszorg. Het aantal mensen op aarde moet teruggebracht worden. Een bijna fascistoïde idee. Moet Elisa de mensen die ze zo liefdevol verzorgt doden? Wil ze bij de club horen waar haar geliefde bij zit? Een dilemma. Van der Eem schreef een spannend verhaal waarbij hij speelt met tijd en perspectief. Zijn verhaal Transit gaat over wat een vluchteling doormaakt als hij met mensensmokkelaars te maken heeft. Een boot leidt schipbreuk en Sirani wordt gered door een Nederlands stel, dat haar willen helpen. Maar er is nog iemand gered: haar vader? Van der Eem beschrijft in omgekeerde volgorde de tocht: begint dus op het schip en eindigt op het moment dat Sirani en haar vader aan de tocht beginnen. Jan Seebregts’ ‘De mazenspeler’ gaat over de gevaren van kunstmatige intelligentie en nieuwe technologieën. Waar kom je in terecht als je zo gehecht bent aan je eigen leven dat je wilt voortleven in een virtuele wereld? Wat gebeurt er als je jezelf kunt kopiëren en het blijkt dat je vorige kopieën ook verder willen leven en wat doe je als door jouw schuld een heel dorp dreigt te sterven? Een fantasy-verhaal dat je aan het denken zet.

Andere schrijvers leggen op andere manieren een relatie naar onze samenleving. Jeroen Kraakman schreef Maan, een spannend verhaal over een bloedmaan. In oude culturen werd het gezien als een gevaar of een slecht teken en werden er bezweringsrituelen uitgevoerd. Tegenwoordig geloven bijvoorbeeld de Mormomen dat een bloedmaan het einde der tijden aankondigt. Moet je het natuurfenomeen nu aanschouwen of niet? Neem je dat risico? Silvia van Gimst greep met Achterblijvers terug op de Griekse mythologie waarbij Charon als een veerman de boven- en onderwereld met elkaar verbond. In haar verhaal is Kharon een liftbediende. Mensen mogen mee als ze een muntje betalen. Hij vindt dat de mensheid te ver gegaan is, de aarde is kapot gemaakt. Dat is slecht. Maar wat blijkt: de hel is vol en de doden moeten uitwijken naar de aarde. “Een oproer van Bijbelse proporties is het gevolg.” Van Gimst bouwt het verhaal mooi op. Ze schrijft in een heel prettig ritme, alsof je je waant in de lift van Kharon.

“Op de keukentafel liggen uitgeknipte overlijdensberichten. Gerarda pakt ze op (…) onder de tafel staat een tas met daarin een ijspriem en een hakbijl, klein formaat, maar vlijmscherp.”

Een huiveringwekkend begin van een gruwelijk verhaal waarin Gerarda zeventien kindermoorden pleegt. Langzamerhand krijgt de lezer zicht op wat haar beweegt. Ook zij is iets kwijt geraakt wat haar dierbaar is. De achttiende moord, maakt alles duidelijk: achttien verloren zielen.

Achttien getalenteerde auteurs hebben voor een mooie verhalenbundel gezorgd. Niet meer van hetzelfde, maar steeds net iets anders. Verhalen over het je onaantastbaar weten, maar uiteindelijk toch kwetsbaar zijn, verhalen waarin hoop waanzin wordt. Misschien is de boodschap wel: ontvlucht de waanzin.

Eerder verschenen op Hebban