Vrijdag, 10 mei, 2019

Geschreven door: Reisel, Wanda
Artikel door: Timmermans, Jurgen

Adam

De held in een videogame en niet meer

[Recensie] Adam opent met Adam Landau en zijn eerste bezoek aan de kapitalistensociëteit: De Koninklijke Industrieele Groote Club, maar meer nog dan geld (want dat heeft-ie dan nog niet) heeft Adam een enorm ego. Uitkijkend vanaf het balkon over de Dam, blik op het oorlogsmonument op de Dam, de herdenkingsnaald, hoort hij een stem achter hem in zijn oor fluisteren: “Niet omkijken jij, ik weet waar jij mee bezig bent. Jij moet je leven omgooien.” Momenten erna blaast een achtergelaten rugzak vol explosieven de naald uiteen. Brokstukken vliegen om Adam heen, ongeraakt loopt hij tussen gewonden en doden, en loopt hij Talens van Erdingen, voorzitter van de raad van bestuur van het fonds Vluchteling in Nood en passant tegen het lijf; hij moet zijn leven omgooien, zoeken ze nog een financiële man?

Wanda Reisel merkt op dat het was “alsof hij de held was in een videogame.” Het is duidelijk: Wanda schuwt een beetje spektakel niet. Meer aanslagen volgen: op het Alexanderplatz in Berlijn, in Pisa en in Parijs, maar die doen er eigenlijk niet zo toe voor het verhaal – op het einde pas weer. Adam ondertussen is die financiële man en weet grote sommen geld over te maken op zijn eigen, nieuwe, buitenlandse, steeds wisselende bankrekeningen. Adam gooit zijn leven om: met miljoenen en een koffer (niet allemaal in die koffer) stapt hij op de trein naar Zürich. Hier ontmoet hij de vamp Lili – ze reist eersteklas, geen ticket, Adam betaalt ticket en boete – die hem in ieder geval in gedachten, soms als persoon vergezeld door het boek. De held deed nog even zijn befaamde George Clooneylachje, maar wie bespeelt wie eigenlijk?

Adam reist de wereld over, mogelijk achtervolgt door onbekende uitvoerders van de wet, in ieder geval altijd angstig over zijn schouder kijkend. De reis brengt hem – in de gelijknamige delen – naar Amsterdam (A’DAM), Zürich (ZÜR), Shanghai (SHANG), zijn Waterloo: Songefjord (SJØ), en gevangeniseiland Bastøy (ØY), maar het is een vlucht zonder echte noodzaak: Adam weet niet voor wie hij op de vlucht is: “Jij moet je leven omgooien.”

Wat volgt is een reeks avonturen en geld overboeken, maar Adam heeft geen doel: hij moest zijn leven omgooien, fluisterde de stem, maar waar wil Adam nou heen, vraag je je af. Adam blaast vooral alles op (pun intended), ook de band met zijn broer – al woonde deze al in Shanghai omdat die band echt stuk was na Adams schuld in de dood van hun moeder – waarom hij dan toch naar Shanghai vluchtte, kan alleen sentimenteel verklaard worden, ware het niet dat Adam daar wars van is.

Archeologie Magazine

Een willekeurige opeenstapeling van gebeurtenissen, denk je als het doek valt. Reisel knoopt de verhaallijnen op dit einde netjes aan elkaar, maar het een heeft minder met het ander te maken dan ze hier wil doen uitstralen. Wat blijft is een actieroman: spektakel afgewisseld met familieperikelen, een vamp als hulpje en seks, maar allemaal zonder doel. De videogameheld ontwijkt zijn verantwoordelijkheid zoals hij op de eerste bladzijden de stukken steen van de gedenknaald ontweek: “De brokstukken leken in stilte en met een vertraagde beweging in een zonnekrans uiteen te zweven. Hij keek er met domme, open mond naar. Nog vreemder was dat hij die op hem afvliegende betonbrokken kon ontwijken door naar links of rechts te hellen, alsof hij de held was in een videogame.” En de lezer raakt hij ook niet: Adam is een goedgeschreven roman, maar weinig beklijvend, zonder duidelijke boodschap en dat komt helemaal op het conto van de aalgladde en doelloze Adam die zijn leven moest omgooien.

 —

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles