Vrijdag, 20 oktober, 2017

Geschreven door: Jong, Steven de
Recensie door: Voskamp, Nico

Bezorgde burgers

Op naar de afgrond, of Hoe zwaar op de hand kun je zijn?

[Recensie] Met motto’s moet je uitkijken, vooral als je Gerard Reve citeert: “Iedereen komt je te hulp, behalve als je in moeilijkheden zit.” Als schrijver loop je het risico dat jouw stijl naast die van de onnavolgbare stilist gelegd wordt, of dat de troostrijke maar snijdende humor van de woordartiest best briljant afsteekt tegen jouw grapjesmakerij, of dat de zwaarte van het leven die de oude Reve ervoer niet in verhouding staat tot de ondiepe, alledaagse probleempjes die jij in jouw leven opvoert.

We laten ons echter niet biassen en beginnen blanco aan Bezorgde Burgers. Daar werkt Samuel bij Communicatiebureau Puntjes op de i, of werken moeten we het eigenlijk niet noemen. Samuel probeert zo weinig mogelijk te doen met zo min mogelijk contact met zijn collega’s. Waarom wordt niet duidelijk, maar Samuel heeft een intense afkeer van zijn collega’s. Bloedserieus, zonder Reviaanse ironie.

Even bijstellen twintig pagina’s later: Samuel heeft een intense afkeer van alles. Titel van het eerste blok tekst: “Was het maar oorlog”. Want “Onderworpen aan een avondklok zou ik het wel laten om op stap te gaan. Toch hunker ik naar vrijheid. De meeste burgers hunkeren daar helemaal niet naar. Die debatteren zich een ongeluk over hoe moslims zich moeten schikken naar hun vrije samenleving. Een farce dus, die vrijheid. Geregelder dan dit krijg je een land niet. Was het maar oorlog, dan had ik recht op verzet. Nu leef ik onder de tirannie van gebruiken waar de elite consensus over bereikt heeft.”

Deze dystopische stijl woekert het gehele boek door. Het verongelijkte toontje is waarschijnlijk bedoeld om de gevoelens van de hoofdpersoon weer te geven, maar gaat de lezer al snel een beetje tegenstaan. Sterker nog: het wordt strontvervelend steeds weer te lezen dat er niks deugt aan de gevestigde orde, aan de burgers, aan de verdeling van de economie, aan Nederland an sich, etcetera, etcetera. Al lezend zie je 40 afleveringen van De Wereld Draait Door voorbijkomen. Het touwtje uit de brievenbus van Jan Terlouw, scheldkanonnades op Twitter, de Boze Blanke Burger, de nepperigheid van het toerisme in Amsterdam. Let wel: bloedserieus, subtiliteit is ver te zoeken en relativering al helemaal.

Scènes

Verwondering wekt het dan ook niet (verrast wordt de lezer sowieso nergens) dat Samuel afglijdt naar een toestand van lethargie en afkeer van de maatschappij. Via de disco met te veel drank, verder indrinken met foute vrienden, een kampioenskater daarna, en op kantoor een nieuwe collega die hem op alle fronten overtroeft, belandt hij in een inrichting. Daar verleidt hij nogal onwaarschijnlijk zijn therapeute Sophie. Hij chanteert haar vervolgens met de film van hun seksuele escapades en smokkelt zichzelf in een IKEA-meubel weer de vrije wereld in. IKEA als model voor het geest- en fantasieloze bestaan, vat u ‘m?

Volgt een ronduit flauw stuk over een asielzoeker en een incompetente vluchtelingenwerker, “wij van Vluchtelingenwerk hechten aan heldere communicatie over en weer”. Het eind mag u zelf lezen, als u daar nog trek in hebt.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.