Woensdag, 24 januari, 2007

Geschreven door: Bok, Pauline de
Artikel door: Zuidhof, Bert

Blankow, of het verlangen naar Heimat

Mensenlevens

Wat drijft een vrouw om Amsterdam te verlaten en naar een verlaten boerderij in het noordoosten van Duitsland af te reizen, om daar enkele maanden te verblijven? Een zoektocht naar zichzelf? Een noodzakelijke vlucht na een vastgelopen relatie? Zo bruisend is het deel van de voormalige DDR waar de vrouw heengaat niet: het voorwerk Blankow, de naam van de boerderij op het landgoed Dornhain – is sinds het vertrek van de laatste boer in 1995 langzaam maar zeker aan verval overgeleverd. De reden van haar komst is dat ze Blankow beter wil leren kennen, de mensen die er hebben geleefd, en daarmee de geschiedenis van Duitsland. Ze wil het grote verhaal van de historie van dit land vertellen, vanaf het begin van de negentiende eeuw tot de jaren negentig van de twintigste eeuw, waaronder natuurlijk de Wereldoorlogen en de Koude Oorlog. Met behulp van brieven, foto’s, archiefstukken uit plaatselijke bibliotheken en de verhalen van de ex-bewoners zelf, probeert ze Blankow te reconstrueren. Vrienden van haar hebben de boerderij ooit opgeknapt, en nu verblijft ze daar met haar hond, wandelend, interviewend, lezend en schrijvend. En twijfelend. Want welk recht heeft ze om in te breken in een – waargebeurde – geschiedenis die niet de hare is?

Dit blijkt een terechte vraag, want het rondneuzen in andermans verleden brengt dingen boven die erg dichtbij komen. Het zijn verhalen van boerenfamilies die over en weer worden geslingerd tussen verschillende regimes – dat van Nazi-Duitsland, de Sovjet-Unie, Polen – waar uitbuiting, onrecht (door (positieve) discriminatie), het moeten vluchten, oorlogsmisdaden, verkrachtingen en armoede de gevolgen van zijn. Elke persoon en elke familie die ten tonele wordt gevoerd heeft een eigen schokkend verhaal. Mede hierom heeft Pauline de Bok besloten om alle namen van zowel personages als plaatsen te veranderen: in alle ellende zijn dader- en slachtofferrol niet zo makkelijk te onderscheiden, en de meeste mensen die door haar worden genoemd hebben geen mogelijkheid meer om zich te verweren.

‘Het gaat me niet om de individuen, maar tegelijk ben ik ervan overtuigd dat het grote verhaal zich het best laat vertellen aan de hand van mensenlevens.’

De Bok heeft zich degelijk en grondig verdiept in dit specifieke tijdvlak van dit intrigerende land; de historische feiten en de persoonlijke verhalen worden voortdurend met elkaar verweven. Het grote manco van het verhaal is echter dat het, ondanks de schokkende geschiedenissen, helemaal niet dichtbij komt. De personages wisselen elkaar veel te snel af en krijgen niet de mogelijkheid om uit de verf te komen: in anderhalve bladzijde passeert een volledig leven de revue. Tot op de laatste tien bladzijden worden er op deze manier nieuwe personen en nieuwe levens op de bühne getoverd. Er is geen tijd om je in te leven en het gevolg daarvan is dat een dergelijk levensverhaal niet blijft hangen. Ook de manier waarop het contact tussen de hoofdpersoon en de mensen die ze spreekt wordt beschreven, is erg afstandelijk: ‘De deur ging op een kier, daarachter stond een vrouw. Was zij de dochter van Ella Jurczyk? Dat was ze inderdaad, zei de vrouw schuw.’ Het zorgt voor een soort journalistieke afstand, die empathie met de mensen wel erg moeilijk maakt.

Bergen

Het verhaal van de vrouwelijke hoofdpersoon zelf maakt op dit gebied niet heel veel goed. Van haar leven voor haar tijd op Blankow weten we niets. Er worden wel veel toespelingen worden gemaakt op haar vader, maar nergens wordt dat uitgediept. Van ontwikkeling is niet echt sprake, behalve dan de twijfel die haar gaandeweg steeds meer overvalt: wie ben ik om me te bemoeien met deze levens? De enige echte interactie die er lijkt te zijn, is die tussen de vrouw en haar hond, die als een soort spiegel werkt in het verhaal: hij jaagt op de dieren rond Blankow, zoals zijn bazin jaagt op de verhalen van de overlevenden. Het verhaal leeft hier desondanks niet van op, en omdat de hoofdpersoon, die duidelijk gefascineerd is door haar onderzoek, deze fascinatie niet op de lezer kan overbrengen, mist er een verlangen naar meer.

De onderzoeksinformatie is in overvloed aanwezig, er is genoeg stof voor een boeiend verhaal. Blankow is echter geen historische roman, zoals Oorlog en Vrede waar de hoofdpersoon zo van onder de indruk is. Blankow is een mengeling van een onderzoeksverslag en een journalistieke tekst, bijna driehonderd pagina’s lang. Het laat zich het best lezen als een geschiedenisboek, wat je gerust kan naslaan op historische feiten. Als roman is het minder geslaagd; ik ben alle namen en verhalen al grotendeels vergeten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.