Dinsdag, 24 augustus, 2021

Geschreven door: Huisden, Daphne
Recensie door: Verplancke, Marnix

Charlatans

Dystopische avonturen roman

De eerste zin

“Het was het meest onwaarschijnlijke verhaal dat Ibrahim Reza in jaren had gehoord – en dat wilde wat zeggen.”

Recensie

Wanneer Ibrahim Reza, kapitein van de NausikaƤ, in de buurt van de haven van Stokerdam komt, merkt hij een aantal drenkelingen op. Ze worden aan boord gehaald en vertellen dat ze gevlucht zijn uit de stad die bekend staat als het laatste paradijs op aarde, waar mensen niet verpest worden door sociale media, individuen een samenlevingscontract afsluiten met de overheid en ieder zorgt voor de ander. Misdaad komt er niet meer voor, want afgedwaalde burgers worden door het Bureau Corrigerende Dienstverlening op een Reflectie-Traject getrakteerd. Het paradijs dat jaarlijks massaā€™s toeristen trekt is in realiteit een hel, vertelt een van de drenkelingen: ā€˜We dachten dat we alles hadden, maar we hadden niets.ā€™ Zo had Reza het nooit eerder bekeken.

TijdvoorTijdschriften

Acht jaar na het bejubelde Dit blijft tussen ons komt Daphne Huisden met Charlatans, een dystopische roman die de beklemming veroorzaakt door de gulden middelmaat als onderwerp heeft, of om het met de woorden van Etna Bakermat, de burgemeester van Stokerdam te zeggen: “Evolutie is het werk van de meerderheid,” en wie niet tot die meerderheid behoort kan het schudden. Zo iemand is Norah, die na vijftien jaar afwezigheid terugkeert naar Stokerdam en daar schaamteloos de kant kiest van haar neef Lorenzo, een illusionist en de zoon van een postbode die steevast zijn eigen route uitstippelde. Hij is een man van grote verhalen, een dromer en een charlatan, die mensen wijsmaakt dat het ook anders kan, wat in een maatschappij waar men ervan overtuigd is dat het voorkomen van ongewenst gedrag begint bij het opsporen en registreren van ongewenste gedachten staat voor het vogelvrij verklaren van jezelf.

DystopieĆ«n zijn er in alle geuren en maten, maar de meeste zijn nogal grijs. Niet zo die van Daphne Huisden die spat van de felle kleuren en het schrijfenthousiasme. Van de eerste pagina sleurt ze je mee aan boord van de NausikaƤ en waan je je op een zestiende-eeuws piratenschip. Wat natuurlijk niet kan, aangezien haar boek in de toekomst speelt. Vertwijfeling en onwennigheid behoren tot het gereedschap waarmee Huisden haar scĆØnes opbouwt. Ze lost op de juiste momenten de juiste hoeveelheid informatie, weet de lezer in spanning te houden en voert hem uiteindelijk dronken met haar fantasierijke beelden.

Drie vragen aan Daphne Huisden

De utopische wereld die u beschrijft is in feite heel normaal. De overheid wil iedereen een zo glad mogelijk leven geven. In hoeverre is dat het doel van alle utopieƫn, denkt u?

Huisden: “Voor ik begon te schrijven heb ik veel dystopische romans gelezen. Wat ik daaruit opstak was dat ik zo ver mogelijk uit de buurt wou blijven van die gebaseerd op geweld, tanks en geweren. Dat kennen we zo onderhand wel. De psychologische variant leek me veel interessanter en realistischer. Kijk naar sektes, die houden hun leden niet binnen met geweld, maar wel met psychologie. Mensen moeten zich goed voelen in een dystopie. Ze moeten het gevoel krijgen dat het alternatief de totale anarchie is, met onlusten en gevaar, zodat ze tevreden zijn in hun veilige gevangenis.”

In feite is een utopie dus een kleinburgerlijk ideaal?

Huisden: “Wanneer je je de ideale wereld voorstelt kom je inderdaad heel snel uit op het gemiddelde. Daar kan iedereen zich wel in vinden. De kapitein van het schip dat de vluchtelingen oppikt ziet bijvoorbeeld niet wat hun probleem is. Zij komen toch uit het paradijs? Enerzijds vinden de meeste mensen het gemiddelde comfortabel, maar na verloop van tijd wordt het ook beklemmend. Vandaar dat zovelen kleine dorpen verlaten voor de grote stad. We verlangen naar ā€œrust, reinheid en regelmaatā€, zoals een Nederlandse tegeltjeswijsheid luidt wanneer het over het opvoeden van kinderen gaat, maar wanneer we die hebben, willen we iets anders: avontuur en spanning.”

En daar gaan de charlatans helemaal voor. Is de schrijver ook zoā€™n charlatan?

Huisden: “Dat heb ik me tijdens het schrijven meer dan eens afgevraagd, ja. Ik heb vaak nagedacht over de overeenkomsten tussen schrijvers en illusionisten. Beiden werken met suspension of disbelief, gebeurtenissen die in het echt niet mogelijk zijn worden aanvaard binnen de specifieke context waarin de illusionist of de schrijver aan het werk is. Vandaar dat de research voor het boek ook zo fantastisch was. Ik leerde hoe je een illusie opbouwt en merkte dat dit heel veel raakvlakken heeft met het opbouwen van een fictief verhaal. Wat is een goede spanningsboog? Wanneer laat je iets gebeuren? Ik vond zelfs een boekje uit de jaren zestig, geschreven door een heel strenge meneer die erop stond dat de illusionist altijd kaarsrecht stond, die de negen stappen van de perfecte illusie uitlegde. Een revelatie was het.”

Eerder verschenen op Knack