Woensdag, 17 mei, 2006

Geschreven door: Aalten, Thomas van
Artikel door: Stoffelsen, Daan

Coyote

De vervreemding is volledig

We zijn in Heimstadt, bekend om zijn kantoren en kerken, om zijn grootse dom, ideaal gelegen tussen heuvels en bossen. Onze personages zijn er om de meest uiteenlopende redenen, maar die van tandarts Ivar Benedict is wel de eigenaardigste: hij komt er rustig zijn praktijk uitoefenen in een villawijk. En dat terwijl Heimstadt eigenlijk veel geschikter is voor toeristen als muziekjournalist Fjodor, zuipende en snuivende onderwereldfiguren als mediamagnaat Perez en muzikanten die hogerop willen. Een positieve uitzondering in dat duistere universum was Isabella, een prachtige en talentvolle zangeres. Maar die wordt al enige maanden vermist, en nu zijn haar tanden gevonden in een hotel. Alleen haar tanden.

‘“Waar het op neer komt: de vrouw komt uit het buitenland. Haar platenmaatschappij zit in Heimstadt, maar ze is hier nog nooit geweest. Ze heeft nooit ingecheckt in die hotelkamer. Haar broer weigert te geloven dat het haar tanden zijn. Is het mogelijk dat tanden zo netjes uit iemands mond worden gehaald?”
“Kan iemand die tanden in haar kamer hebben gelegd?” vraag ik en kijk afwezig naar zijn hangwangen.
“Maar dat is het nou juist, die kamer is niet gebruikt. Zelfs de schoonmaaksters zijn niet in die kamer geweest, alles is gecheckt met getuigen. Snapt u hoe zoiets kan?”
Mijn blik verstart.
“Er is nog iets geks. Er zat een Japanse tekst bij de tanden. Een soort haiku. Over een brand in een bos.”
Mijn hart slaat over. “Was ze Japanse?”
Tromp schudt zijn hoofd. “Ze heette Isabella.”’

En het blijft niet bij dat vermiste meisje en die gevonden tanden. Isabella’s tweelingzus neemt haar plek in bij de platenmaatschappij, vreemden ontmoeten elkaar volgens onbekend plan, er doen zich onverklaarbare aardbevingen en bosbranden voor. Dat de postbode op stiletto’s de post rondbrengt, of dat iemand voor een baantje als clubpianist droog, zonder piano, moet voorspelen, lijkt dan eigenlijk nog heel normaal. Net als het feit dat iedereen opeens in het Japans begint te spreken of te dromen.

Langzaam raken de levens van de personages verstrengeld, en komt er een complot naar boven, waarvan het doel eigenlijk onduidelijk blijft. De aardbevingen nemen toe, er blijken metingen noodzakelijk te zijn in Ivars tuin, pianist Vladimir krijgt een onduidelijk pakketje, en ergens in het bos wordt Isabella gesignaleerd. En net als je denkt dat het verhaal ergens naartoe gaat, volgt het bizarre eindakkoord. De vervreemding is volledig.

Scènes

Thomas van Aalten, ook bekend als tv-maker en muzikant, schreef eerder Sneeuwbeeld(2000), Tupelo (2001) en Sluit deuren en ramen (2003), duistere romans over een heden zonder toekomst. Coyote past in dat plaatje. À la David Lynch sleept hij je mee in een verhaal dat in steeds grotere mate licht ontbeert, dat even duidelijker lijkt te worden, maar uiteindelijk duister eindigt. Van Aaltens verteltechniek is voor een groot deel verantwoordelijk voor de spanning: telkens door een ander van de vijf belangrijkste personages, maar steeds in de tegenwoordige tijd, laat hij de gebeurtenissen beschrijven. Niemand weet nog van de afloop, niemand weet eigenlijk – net als de lezer – precies wat zijn rol in het geheel is. Zo maakt hij de lezer de verwarring – of, net zo vaak, de verdoving door drugs of drank – eigen.

De tweede grote beweging in het boek is de dreiging; al vroeg vraag de lezer zich af of en hoe gruwelijk die Isabella het heeft moeten ontgelden, maar je moet al snel concluderen dat zij niet het enige slachtoffer zal zijn. Maar zolang je nog in het ongewisse bent over het grotere geheel, over wie wie kent en wie wie gebruikt, blijft die dreiging abstract. In Heimstadt snuift en zuipt men nu eenmaal veel, en tja, waar gehakt wordt (in wie?) vallen spaanders (van wie?); het onbekende schept eerder de zekerheid dat je het toch niet zal ontdekken dan een onbestemde angst.

Terwijl die angst toch bijna expliciet een van de thema’s is. Er is een dreiging die velen ontvluchten in drugs en drank, maar die een enkeling, als het anonieme kind dat met zijn belevenissen het boek opent, en zoals Ivar Benedict, aanvaardt als een levensgezel. In de vorm van een coyote. Een echte coyote? In de climax, een snijpunt van illusie en werkelijkheid, lijkt een antwoord te liggen. Lijkt.

Coyote wordt pas echt eng verwarrend als mensen daadwerkelijk ontvoerd worden en enorme machines de tuinen van mensen infiltreren, en dat is wat laat, maar Van Aalten is er wel helemaal in geslaagd een bizarre, onoplosbare puzzel te maken. Hij maakt het ons moeilijk, toont in zijn literatuur wat de werkelijkheid eigenlijk is: complex. En aan zulke puzzels geef ik de voorkeur, boven de sudoku’s en de Da Vinci-codes.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *