Vrijdag, 16 juli, 2021

Geschreven door: Tsjechov, Anton
Artikel door: Regniers, Gaëtan

De dertig beste verhalen

Tsjechovs Greatest Hits

[Recensie] In de Lage Landen staat Tsjechov in de eerste plaats bekend als dramaturg (denk aan komedies als De kersentuin en Oom Vanja), waardoor zijn novellistisch werk niet altijd de aandacht kreeg die het verdient. Bijna 120 jaar na zijn dood zet De beste dertig verhalen Tsjechovs kandidatuur als een van de beste auteurs van kort proza kracht bij.

Om Tsjechovs proza anno 2021 – goed 125 jaar na datum – aan de lezer voor te stellen selecteerde Uitgeverij Athenaeum – Polak & Van Gennep dertig verhalen, gaande van een in enkele gebalde bladzijden samengeperst kortverhaal tot novelles van een respectabele honderd pagina’s. Goed voor in totaal 752 pagina’s is het meteen ook de meest lijvige Tsjechov-bundel in jaren.

Een hitparade voor literatuur lijkt per definitie problematisch en inderdaad, ook binnen het oeuvre van een auteur is kiezen niet zelden verliezen. Uitgeverij Athenaeum – Polak & Van Gennep koos dan wel voor de ‘beste’ verhalen, maar een waarde-oordeel over elke vorm van kunst is heikel want welke maatstaf hanteer je in dat geval? Men had ook kunnen kiezen voor een representatieve weergave van Tsjechovs oeuvre, met inbegrip van zijn vroege, overwegend humoristische korte verhalen. Dit gezegd zijnde, vergeleken met gelijkaardige buitenlandse bloemlezingen en vergeleken met het immer kritische oog van Vladimir Nabokov (zie zijn Lectures on Russian Literature) is de selectie voor het grootste deel te verantwoorden. Anderzijds ontbreken wel enkele verhalen die je in een dergelijke bundel verwachten mag. Denken we maar aan het intrigerende verhaal Zaal 6, dat zich afspeelt op de psychiatrische afdeling van een ziekenhuis, of het melodramatische Kasjtanka dat op veel lezers een beklijvende indruk naliet.

Met Hans Boland nam een van de meest ervaren (én meest eigenzinnige) vertalers het Russisch van Tsjechov onder handen. Zijn opzet licht Boland toe in Het Nederlands van Tsjechov. Pleidooi voor een emancipatie van de vertaalkunst. (Pegasus, 2021), dat kan doorgaan als een bijsluiter bij de vertaling. Boland mikt niet op het vertalen van wat er in het Russisch staat, maar wel op Tsjechovs teksten ‘contextgetrouw’ weergeven in hedendaags, literair Nederlands. Dat hij daarvoor zinnen herschrijft tot ze leesbaar Nederlands opleveren (of als ze dit in de weg staan zinsdelen schrapt) zal zeker niet iedereen kunnen smaken.

Geschiedenis Magazine

Men hoeft het niet met alle keuzes eens te zijn, maar het siert Boland dat hij zijn radicale keuzes expliciteert. In veel gevallen maakt hij verdedigbare keuzes, maar soms ontbreekt het hem aan pragmatisme. Het overbekende verhaal De dame met het hondje omdopen tot De vrouw met het hondje is daar een voorbeeld van. De vijf argumenten die hij aanvoert overtuigen niet. Bolands vertaling is van een hoog niveau, maar een vakman die “wel tien roebel maakte”, een personage dat “Na de Pasen” in het huwelijk treedt of “op de tuin” werkte zijn voorbeelden die aantonen dat Boland zijn zelfopgelegde standaard zeker niet altijd haalt. De ironie wil bovendien dat Bolands radicale keuze om Tsjechov in een eigentijds Nederlands te presenteren (en de daarbij horende uitdrukkingen zoals “So what?” en “Alles kits?”) net daardoor een verhoogd risico loopt dat de vertaling binnen afzienbare tijd gedateerd zal ogen.

Nu kan het proza van Tsjechov, net als zijn toneelwerk, wel tegen een stootje. Hij is in de eerste plaats een getuige van zijn tijd en oordeelt niet, niet toevallig kennen heel wat verhalen een open einde. In een brief aan zijn broer noemde Anton Tsjechov zelf zes ingrediënten voor een goed verhaal: geen lange uitwijdingen over politieke, economische of sociale thema’s, totale objectiviteit, getrouwe beschrijvingen van personages, kortbondigheid, durf en originaliteit en medeleven. Wie, met dit lijstje in het achterhoofd, De beste dertig verhalen leest zal merken dat elk verhaal bewijst dat Tsjechov literatuur serveert die haar smaak behoudt.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles