Vrijdag, 9 maart, 2018

Geschreven door: Mathijsen, Alma
Artikel door: Dobbelaer, Roeland

De grote goede dingen

Onderzoeksliteratuur van Alma Mathijsen

[Recensie] Mila is achttien jaar en ze wil weten wie haar vader Just was, die negen jaar eerder overleed. Ze trekt een tijd op met Don Keizer (viool), een van de muziekmaatjes van haar vader. Met nog twee andere mannen vormden ze in de jaren zestig een strijkkwartet, maar dan op hippie-achtige anarchistische wijze. Het waren de tijden van Provo. Vooral haar vader was het toonbeeld van onaangepastheid; hij wilde geen vaste baan en vertelde iedereen ongezouten wat hij van mensen vond.

Via Don ontmoet Mila ook de andere leden van het orkestje. En zo herleven oude tijden, blijken oude ruzies opeens nog niet opgelost en moeten er nog wat rekeningen worden vereffend. Door de gesprekken met de andere drie leden krijgt Mila langzamerhand een beeld van haar vader. Don: “Ik geef niets om geluk. Daar ontstaat niets wezenlijks uit. Dat zegt niets over het leven. Jouw vader speelde zo goed door zijn somberheid. Met de wind in de rug zonder te jagen.” En David Cohen, alias Majoor (altviool): “Werkelijk? Wil je echt meer weten over je vader?”[…] “Ik heb je vader alleen als muzikant meegemaakt. Nou ja, muzikant. Hij speelde eigenlijk alleen muziek voor zichzelf. Hield weinig rekening met anderen.”

Alma Mathijsen schrijft het op met grote zeggingskracht, net als in haar andere boeken. En net als in haar andere boeken is ze op onderzoek uit. Ook Alma Mathijsen haar vader overleed op negenjarige leeftijd. Haar vader, Hub Mathijsen, speelde viool en had net als Just uit De grote goede dingen alternatieve orkestjes voordat hij een echte baan kreeg als muzikaal leider van het Resistentieorkest te Amsterdam. Het onderzoek van Mila is Alma Mathijsens onderzoek. Een ouder verliezen als jong kind betekent met grote vragen blijven zitten als jong volwassene. Anderen zeggen dat je op hem of haar lijkt, herkennen gedragingen van hem of haar in jou, maar jij kent hem of haar niet (meer). Herman Grup (cello) als hij Mila voor het eerst sinds de dood van haar vader ziet: “Herman duwt me van zich af en houdt me voor zich. Daarna trekt hij me weer naar zich toe. ‘Ik herken iets wat ik gemist heb. Je kijkt hetzelfde als je vader, jullie ogen zijn net zo zwart.’”

Onderzoek doen is misschien wel een constante lijn in het nog kleine oeuvre van Mathijsen (1984). In haar debuutroman Alles is Carmen onderzoekt ze hoe mensen reageren op een verwend, wreed en mooi meisje en hoe het haar vergaat als ze voor het eerst in haar leven echt verliefd en hiermee afhankelijk wordt van iemand. In Vergeet de meisjes is het een onderzoek naar vriendschap tussen vrouwen. “Ik miste de verhalen over vriendschappen tussen vrouwen. Veel boeken gaan over ouwe jongens krentenbrood, zoals Nescio’s boeken bijvoorbeeld, en ik herkende me daar nooit in.” (Interview in Vice )

Wordt Vervolgd

In De grote goede dingen gaat nog om de eigen familierelaties, die wonderwel door de vriendschappen van de vader verkend worden. Het onderzoek brengt Mila via Ruigoord en Weerd naar Israël. Ze reist met Don mee, maar Don heeft een eigen agenda en is op zoek naar een wonderlijke viool, een violofoon of strohviool, een viool zonder klankkast maar met een toeter, zoals vroeger op de grammofoonspelers stond. De vader van Mila had zo’n ding en speelde er op (Er is een leuk aflevering van Kunststof, nog met Joost Karhof waarin Mathijssen vertelt over het boek en waar een violist de violofoon van haar vader bespeelt.) In de roman bevindt de violofoon zich vermoedelijk in Israël en het instrument is de sleutel tot het snappen van haar vader en het uiteindelijk accepteren van zijn vroege dood.

De grote goede dingen is een mooi boekje, maar voor mensen die jong hun vader verloren is het niet meteen een bron van troost. Verhalen over ouders die overleden terwijl ze nog jonge kinderen hadden en er alles hebben gedaan om bijvoorbeeld na een nare ziekte weer gezond te worden, die hebben geknokt om bij hun kinderen te kunnen blijven, dat zouden verhalen van troost kunnen zijn. Maar in het geval van Mila/Alma ligt het gecompliceerder. Wat als je vader er alles aan deed om vroeg te sterven, door zelfdoding of zoals in het geval van de vader van Mila, door overmatig drankgebruik en het roken van twee en half pakje sigaretten per dag? “Bij zijn autopsie bleek dat zijn leven nog maar voor twee procent functioneerde.” Hoe ga je hier mee om als kind, als je merkt dat je vader er niet alles aan heeft gedaan om zijn kind te zien opgroeien? En hoe moet je daar dan vrede mee krijgen? Daar gaat De grote goede dingen over. Mila lukt het uiteindelijk. Het onderzoek is dan afgerond. Een prachtig boek.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles