Zondag, 14 december, 2008

Geschreven door: Schippers, K
Artikel door: Starreveld, Laura

De hoedenwinkel

Hoe zou deze recensie eruit zien als de taal niet meer bestond

Taal is iedere dag aan verandering onderhevig. Taal geeft de werkelijkheid vorm, vormt mensen en wordt door mensen gevormd. Het verbeeldt en leeft. Maar wat als de taal uitvalt, ophoudt te bestaan? Wat geeft dan vorm aan ons dagelijks leven? Hoe communiceren we dan met elkaar? En hoe benoemen wij, zonder taal als uitdrukkingsmiddel, de ruimte om ons heen?

Sonja Driebeecke, hoofdpersoon in De hoedenwinkel, de nieuwste roman van K. Schippers, staat op het punt haar eigen hoedenwinkel te openen. Tegelijkertijd wordt haar door een stedenbouwkundige gevraagd straatnamen te bedenken voor Landerije, een nieuw dorp in de polder. Het dorp heeft nog geen historie, is als een blanco bladzijde. Aan Sonja de taak om aan deze figuurlijke leegte invulling te geven. Een pittige, doch niet onmogelijke opdracht. Maar dan blijkt er iets merkwaardigs aan de hand. Eenmaal in de polder lijkt de taal langzaamaan uit te vallen, te verdwijnen. En niet alleen in de polder, ook in het dagelijkse leven daarbuiten verliest de taal terrein. Er lijkt een strijd gaande tussen taal en dat wat taal benoemt: de ruimte om ons heen. Het lijkt een angstaanjagend scenario. Twee geheimzinnige dames die telkens op verschillende plaatsen in de roman opduiken wijzen Sonja aan als degene die de strijd moet beslechten. En wel voor de opening voor het nieuwe parlementaire jaar in september, symbool voor weer een jaar vol woorden.

Zoals in Schippers’ voorlaatste roman, Waar was je nou, het kijken centraal stond, zo is in De hoedenwinkel de taal het hoofdmotief. Schippers trekt het postmoderne uitgangspunt dat taal en werkelijkheid niet kunnen samenvallen in twijfel:

‘Het is haar opgevallen dat de taal wordt overschat. Dat geeft hoop. Het is een uitdrukkingsmiddel onder andere uitdrukkingsmiddelen, zoals kleur, beweging en het licht.’

Awater

Meer dan eens laat Schippers zijn personages een eigen werkelijkheid scheppen door de dingen die ze doen of zeggen. Dit laat zien dat taal en werkelijkheid weliswaar onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, maar dat de werkelijkheid is zoals we hem zien doordat we die werkelijkheid op een bepaalde manier benoemen. Als de middelen tot het benoemen van de ons omringende ruimte ontbreken lijkt dat desastreus, maar Schippers laat zien dat dat niet het geval hoeft te zijn. Andere uitdrukkingsmiddelen scheppen weer andere, nieuwe mogelijkheden. Schippers creëert hiermee een evenwichtige dosis spanning tussen het verdwijnen van de taal enerzijds en het ontstaan van niet talige uitdrukkingsmiddelen anderzijds en dat geeft de roman net dat beetje extra. Het laat De hoedenwinkel uitstijgen boven een taaie studie over het wezen van de taal. Het getuigt van meesterschap dat Schippers een complex en ongrijpbaar onderwerp als taal toch zo concreet weet te beschrijven.

Hoewel taal het overkoepelende thema is in De hoedenwinkel neemt ook de liefde een prominente plaats in. Liefde tussen mensen, maar ook voor de taal. En de relatie tussen taal en liefde:

‘“Het zijn woorden uit de liefde en die hebben iets eeuwigs.”

“Alles is liefde?” vraagt ze.

“Wat anders?”’

De hoedenwinkel staat bol van verwijzingen, zowel naar zaken binnen als buiten de roman. En zonder hier al te veel weg te willen geven de voorbeelden zijn talrijk. Frank, de cutter, die ter plekke acte geeft van zijn verhalende beroep en daarmee de werkelijkheid op dat moment verandert. Maar ook buiten de roman zelf: de roman is immers zelf opgebouwd uit taal en gaat daarmee de discussie aan met zijn eigen inhoud. Dit is nog maar het topje van de ijsberg. In De hoedenwinkel staan veel meer dingen met elkaar in verbinding dan op het eerste gezicht lijkt en dat maakt de roman intrigerend. Het nodigt uit tot herlezen, want pas dan weet je zeker dat je alles eruit hebt gehaald en niets over het hoofd hebt gezien.

Schippers speelt in De hoedenwinkel een open spel met taal, ruimte, licht en liefde. Zonder te verzanden in onduidelijkheid of abstractie neemt hij de lezer mee in een zoektocht naar een van de meest fundamentele vragen van de taal: wat doet ze voor ons?. Schippers nodigt zijn lezers met De hoedenwinkel uit na te denken over het eigen wereldbeeld en de rol die taal daarin speelt, een zowel actuele als tijdloze kwestie. Wat het oplevert is een liefdevolle, herleesbare en gelaagde roman.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *