Vrijdag, 19 juni, 2020

Geschreven door: Velde, Roger van de
Artikel door: Stoel, Jan

De knetterende schedels

Waanzinnig boeiend, knetterend, sprankelend en na 50 jaar nog actueel!

[Recensie] Op 30 mei 2020 was het vijftig jaar gelezen dat schrijver Roger Van de Velde op 45 jarige leeftijd kwam te overlijden. Reden voor Uitgeverij Vrijdag om Ā de verhalenbundel De knetterende schedels Ć©nĀ het pamflet Recht op antwoord in Ć©Ć©n band opnieuw uit te brengen. En terecht, dit zijn klassiekers, dit is topliteratuur, al is er geen sprake van een roman zoals op de cover staat.

Van de Velde onderging drie maagoperaties en kreeg van zijn huisarts Palfium als pijnbestrijder voorgeschreven. Toen was niet bekend dat het een zwaar verslavend middel was waarvan je steeds meer nodig had. Van de Velde slikte uiteindelijk wel zestig pillen per dag in plaats van vier. Om aan het middel te komen vervalste hij doktersrecepten. Dat werd ontdekt en hij werd veroordeeld wegens valsheid in geschrifte en op basis van een psychiatrisch ā€˜onderzoekā€™ van nog geen vijfentwintig minuten (!) geestesgestoord verklaard. Van de laatste acht jaar van zijn leven zat hij zes jaar geĆÆnterneerd in gevangenissen en psychiatrische instellingen zonder dat er iets aan de verslaving gedaan werd. Hij mocht niet schrijven en teksten werden op allerlei papiertjes naar buiten gesmokkeld. Het resulteerde in zijn eerste bundel Galgenaas. Wat een toepasselijke titel. Dat smokkelen werd hem zwaar aangerekend en hij kwam onder strenge censuur te staan. Zo ging dat in BelgiĆ« in de jaren zestig.

Recht op antwoord is een aangrijpende aanklacht tegen het Belgische rechtssysteem, de psychiatrie, de censuur en wat Van Velde was aangedaan.

ā€œMoraalridders in de kille burchten die men zo pompeus Justitiepaleizen pleegt te noemen.ā€

Wordt Vervolgd

Hij beschrijft, scherp en vilein, hoe hij is behandeld en dat de straf die hem opgelegd te zwaar was. Moordenaars werden minder zwaar gestraft.  Zieken worden als misdadiger behandeld. Van de Velde fileert  stap voor stap, strak opgebouwd, de manier waarop psychiaters en politici wegkijken. Er is geen speld tussen zijn argumentatie te krijgen. Hij wil een antwoord! Hij vindt dat hij daar recht op heeft.  

ā€œHet ligt niet in mijn bedoeling amok te maken in hun paleizen en kabinetten. Het ligt wel in mijn bedoeling getuigenis af te leggen van wat ik in de penitentiaire vergeetputten van dit land gezien, gehoord en ervaren heb.ā€

Hij komt vrij maar overlijdt snel daarna. Zijn grafzerk kreeg, veel betekenend, de vorm van een celdeur.

In De knetterende schedels (1969) beschrijft hij de wereld in de inrichting.  Wat schrijft Van de Velde verfijnd en helder, wat is zijn taal fris, wat zijn deze twintig korte verhalen ongelofelijk krachtig. Stilistisch is het smullen geblazen van zinnen als ā€˜ā€™SĆ©raphin, die doofstom was en over wiens misdrijf ook door de andere in alle talen werd gezwegenā€. Niet voor niets adviseerde Willem Elsschot Van de Velde. Hij zei hem uitsluitend over mensen en dingen te schrijven ā€œdie ge kent. En doe het zo sober en eerlijk mogelijkā€. Hij portretteert zijn medegevangenen/patiĆ«nten, mensen die zich aan de zelfkant van de maatschappij bevinden. Met gevoel beschrijft hij messcherp de grote en kleine dramaā€™s die hij ziet. Tegelijkertijd stipt hij de wantoestanden in de instelling aan, waar niemand echt behandeld wordt door de medici. In een van de verhalen staat dat er in de grote zaal waar de geĆÆnterneerde bijeenzijn voor honderd man drie toiletten zijn en privacy niet bestaat.

Van de Velde is betrokken bij de medegeĆÆnterneerden bij wie het in de schedels knettert. Jules Leroy, bijvoorbeeld, die zielsveel van zijn witte kater Poesjkin hield, maar hem vermorzelt als de kater het stukje rosbief dat Jules zo graag eet, heeft gestolen. In dit verhaal wordt de tegenstelling tussen het gruwelijke, bloederige en het mooie uitgespeeld. Het verhaal heet Wit was de kater. Aan het eind van het verhaal ligt de dode kater ā€œin een hoek onder de centrale verwarming uitgestrekt met vier mollige pootjes onder de smetteloos witte vacht.ā€  Of DaniĆ«l die slechts drie, maximum vier dagen per maand rookt, maar dan aan een stuk door. Er wordt eens per maand geld aan hem overgemaakt en daar koopt hij sigaretten van. Hij plakt drie sigaretten aan elkaar vast, een haast rituele gebeurtenis. Dan houdt de geldstroom op. Van de Velde heeft met de man te doen en koopt rookwaar voor hem. Daardoor raakt DaniĆ«l in crisis.

ā€œHij gaf de doordringende schreeuw van een patrijs, rende op zijn steltbenen door de zaal, verdween in het achterhokje naast de keuken, en dronk er het vierde van een fles Javelwater leeg voor de bewaker had kunnen ingrijpen. Met brand in zijn ingewanden en groenachtig schuim op de mond werd hij in allerijl overgebracht naar het ziekenhuis.ā€

Van de Velde heeft een rake, beeldende manier van schrijven,  observeert nauwkeurig , schrijft met een ondertoon van soms wrange humor. Zoals bij de drieĆ«ntachtigjarige Livinius die nog een week te leven heeft en die de laatste borrel ontzegd wordt:

ā€œEigenlijk was hij al in het voorstadium van ontbinding. Hij rook naar groene zeep en humus.ā€ Of bij Bernard Delcourt: ā€œEen bloedarme vijftiger met een lachwekkende en volkomen nutteloze krans van rossige haartjes rondom zijn kale schedel en een ijzeren lorgnet, boven een neus als een blikopener.ā€

Het laatste verhaal De verboden voorwerpen gaat over een man die na elf jaar en negen maanden het asiel verlaat. ā€œDe doctoren zijn van mening dat hij, na al die pillen en injecties weer een bruikbaar sociaal wezen wasā€. De bewaker weet dat hij over een paar dagen alweer terug zal zijn. Dit verhaal vormt wel een mooie brug naar Recht op antwoord.

In het nawoord stelt biografe Ellen van Pelt dat het interneringsbeleid in Belgiƫ nog altijd tekort schiet en dat de Belgische overheid hiervoor al meermaals veroordeeld werd door het Europese gerechtshof. Recht op antwoord is dus nog altijd actueel!!!

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub Van Alles