Maandag, 13 juli, 2020

Geschreven door: Johansson, Sverker
Artikel door: Veen, Evert van der

De oorsprong van taal

Waar, wanneer en waarom de mens begon met praten

[Recensie] “Taal kan de sleutel zijn die ons tot mens maakt”, pagina 15. Mensen spreken en leven in talen, momenteel zo’n 4000 – 7000 wereldwijd. Fascinerend is het feit dat een tiende van deze taal door stammen in Nieuw Guinea wordt gesproken. Dit boek gaat over de geschiedenis van taal in het algemeen: hoe is taal ooit ontstaan, wat weten we over de oudste mensenrassen en hun communicatie? Ook dieren hebben hun eigen vormen van taal waardoor zij met elkaar communiceren en de auteur haalt in heel het boek vele voorbeelden uit het dierenrijk aan om dit op levendige wijze te illustreren. Taal tussen dieren bevindt zich tussen twee partijen: ‘spreker’ en ‘luisteraar’. Taal tussen mensen kent daarnaast echter nog een andere, derde dimensie, met verwijzingen naar iets of iemand die er ook bij betrokken is.

Sverker Johansson is Zweeds natuurkundige en linguïst en heeft tevens onderzoek gedaan in een internationale onderzoeksgroep op het gebied van de oorsprong en evolutie van taal.

In dit boek gaat hij op zoek naar de herkomst van taal. Zijn betoog illustreert hij naast de vele voorbeelden uit het dierenrijk met wetenschappelijke experimenten en onderzoeken. Tevens zijn er allerlei sfeerverhalen waarin de lezer naar lang vervlogen tijden wordt meegenomen en op denkbeeldige wijze dichter bij de toenmalige mens komt te staan.

De auteur neemt de lezer mee in een lange en soms wel wat breed uitgesponnen betoog waarin hij duidelijk maakt wat de essentie van taal is, hoe taal is opgebouwd en aan welke kenmerken taal voldoet. Steeds trekt Johansson in een cursief gedrukt gedeelte een conclusie waarin het voorgaande wordt samengevat. Zijn verhaal is zeer toegankelijk maar soms wel wat langdradig en ook met een zekere herhaling waarbij de lezer het gevoel kan hebben: dit wist ik toch inmiddels al?

Wordt Vervolgd

In het boek is veel aandacht voor de menselijke evolutie waarvan de taal ook deel uitmaakt: “Taal ontwikkelde zich bij levende wezens die al beschikten over hetzelfde vermogen tot denken en communiceren als chimpansees of bavianen”, pagina 102.

Hoewel de oorsprong van taal niet meer exact te achterhalen valt, is wel vrij zeker dat de Homo erectus de eerste taal sprak. Deze oertaal van 1 miljoen jaar geleden vormt de basis voor alle latere talen. Een reconstructie is uiteraard niet meer mogelijk omdat deze taal niet gedocumenteerd is. De menselijke soort ontwikkelt zich en de taal gaat mee in dit proces waarin erfelijkheid en omgeving een rol spelen. De mens beschikt over taalinstinct, dat wordt in de loop van dit boek wel duidelijk: “We weten dat de mens zich uit niet-sprekende voorouders heeft ontwikkeld. Dat wil zeggen dat ons taalvermogen moet zijn ontwikkeld, en dat het taalvermogen dus ook vatbaar moet zijn voor ontwikkeling”, pagina 205.

De Homo erectus leefde samen met anderen op basis van onderling vertrouwen en hulpvaardigheid en binnen deze familaire structuur waarin men samenwerkte, ontstond taal.

Aan het slot van het boek probeert de auteur “het web rond de oertaal” nog eens in kaart te brengen door vragen te stellen en die te beantwoorden. Het boek wil uiteindelijk duidelijk maken dat wij ons hebben ontwikkeld “van kwetsbare apen naar sprekende mensen”, pagina 387.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles