Woensdag, 21 april, 2021

Geschreven door: Lang, Wally de
Artikel door: Veen, Evert van der

De razzia's van 22 en 23 februari 1941 in Amsterdam

Aangrijpende verhalen

[Recensie] Het lot van 389 Joodse mannen luidt de veelzeggende ondertitel van dit boek. Wally de Lang, historica in met name Joodse geschiedenis die ook commentaar schreef bij de dagboeken van Etty Hillesum, heeft met De razzia’van 22 en 23 februari in Amsterdam een leemte in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog gevuld. De Februaristaking van 1941 is algemeen bekend en het indrukwekkende beeld van de Dokwerker op het Jonas Daniël Meijerplein in Amsterdam herinnert daar op markante wijze aan.

De aanleiding tot deze razzia’s – de dood van NSB’er Koot – kennen we maar over de razzia’s zelf wisten we tot dusverre zeer weinig. Wie waren deze mensen die door de Duitsers werden opgepakt en wat kunnen we vertellen over hun verdere – trieste – lot? Het is goed dat Wally de Lang op onderzoek is uitgegaan en in staat is gebleken om zoveel persoonlijke verhalen te achterhalen. Op de themasite van het stadsarchief van Amsterdam zijn nog meer verhalen te vinden.

Deze razzia’s waren goed voorbereid en verliepen strak georganiseerd zodat binnen het Sperrgebiet niemand in staat was om te ontsnappen, doordat bijvoorbeeld bruggen omhoog stonden. Uit de gedetailleerde en aangrijpende getuigenissen wordt duidelijk dat de razzia’s met het nodige geweld gepaard gingen maar dat Nederlandse ‘goede’ agenten hun best deden om nietsvermoedende Joden te redden die van buiten het gebied naderden. Een aantal foto’s, die door een fotograaf met een vooruitziende blik dubbel werden afgedrukt en in het geheim bewaard, laat zien hoe de aktie verliep. Sommige foto’s zijn iconisch geworden.

De Joden die het slachtoffer werden van de razzia’s waren meest mannen in de leeftijd van 19 – 35 jaar. Wally de Lang vertelt over hun gezin, maatschappelijke situatie en hun werk; de meesten waren werkzaam in de handel. Rond de groep van 389 arrestanten waren zo’n 3000 direct betrokken familieleden die in onzekerheid achterbleven.

Scènes

Deze eerste razzia’s in ons land worden in dit boek ook in een breder verband geplaatst en zo komen de politieke – internationale – situatie en het groeiende antisemitisme eveneens ter sprake. Duidelijk komt ook naar voren dat men het lot van de 389 mannen onderschatte en dat hetgeen zich al langer in Duitsland afspeelde in ons land niet werd onderkend. “Seyss-Inquart was een wolf in schaapskleren” (p. 64) die enkele weken na de Februaristaking zei: “Wij zien de Joden niet als deel van het Nederlandse volk. De Joden zijn voor ons geen Nederlanders. Zij zijn vijanden met wie wij noch tot wapenstilstand, noch tot een vrede kunnen komen…Wij zullen de Joden raken, waar wij ze kunnen raken. En wie hen helpt, zal net zo hard getroffen worden” (p. 122 – 123).

Aandoenlijk zijn de verzoeking om vrijlating waarop niet eens werd geantwoord want het vooropzette doel was: “Rückkehr nicht erwünscht”. Ook de Joodse Raad had niet in de gaten wat er met de groep van 389 in concentratiekamp Buchenwald gebeurde. Het regime was daar wreed en onmenselijk. We kennen dat uit het boek van Eddy de Wind, die tot deze groep van 389 behoorde Eindstation Auschwitz. Het beleid was “Vernichtung durch Arbeit”.

Talrijke foto’s van documenten, lijsten en kaarten spreken hun eigen taal van wat er met deze 389 mannen is gebeurd. Uitgebreide bijlagen documenteren onder andere hun leeftijd, de straat waar ze woonden en hun beroep. Een indrukwekkend boek!

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles