Woensdag, 6 april, 2005

Geschreven door: Meulen, Tony van der
Artikel door: Wybenga, Pieter

De verzwegen moeder

Bizarre levensloop aangrijpend, maar wel erg eenvoudig weergegeven

Historische verhalen met weemoedige thema’s lijken de rode draad in het werk van Tony van der Meulen. Waar hij in eerdere boeken verslag deed van het verloop van de recente en weinig vrolijke geschiedenis van Uganda, de teloorgang van de Nederlandse middenstand en de mensonwaardige geschiedenis van de Birma-spoorweg, staat in zijn vierde boek het waargebeurde levensverhaal van een vrouw op zoek naar haar ouders, haar identiteit en erkenning centraal. In De verzwegen moeder volgt de lezer het merkwaardige leven van een vrouw die wanhopig probeert erkend te worden door haar biologische moeder, die zich altijd als haar zus heeft voorgedaan. Haar vader heeft ze nooit gekend.

In het eerste deel van het boek staat de jeugd van de hoofdpersoon centraal, die het hele boek door met ‘ze’ wordt aangeduid, om haar situatie als niet-erkende dochter te benadrukken. Ze wordt vlak na de oorlog geboren in een groot katholiek gezin in Brabant. Tot haar 12e jaar waant ze zich de jongste dochter, een nakomertje. Dat de man en vrouw die ze haar vader en moeder noemt haar opa en oma zijn, wordt haar in één zin verteld door haar ‘zus’, Maria: ‘Ik ben niet je zus, maar je moeder.’ Maria had vlak na de oorlog een kortstondige relatie met een Canadese soldaat. Deze was echter net zo snel weer weg als hij gekomen was, en omdat in het naoorlogse katholieke Brabant een ongetrouwde vrouw geen kind kon hebben, werd de schandelijke situatie stil gehouden en het meisje in het gezin opgenomen als jongste dochter. Dit grote zwijgen probeert de hoofdpersoon het hele boek door tevergeefs te doorbreken. Ze wil dat haar echte moeder haar erkent als haar dochter, maar Maria blijft volharden in haar rol als oudste zus.

In het tweede deel van het boek, dat zich dertig jaar later afspeelt gaat ze op zoek naar haar vader. Ze weet hem te traceren in Canada, maar hij blijkt al te zijn overleden. Wel komt ze een hele schare halfbroers en -zussen op het spoor, die ze opzoekt. De hartelijkheid waarmee ze daar ontvangen wordt en de openheid over een deel van haar eigen geschiedenis, staat in schril contrast tot de omgang met haar eigen familie. Eenmaal terug in Nederland komt het gesprek met Maria nog steeds niet op gang. Even lijkt die zich van haar rol als zus te ontdoen bij het zien van foto’s van haar jeugdliefde, maar het eindigt toch waar het begon, met een groot stilzwijgen.

Van der Meulen weet een moeilijk te omschrijven verdriet realistisch weer te geven. Zeker in het eerste deel van het boek, waarin de gedachtewereld van een tiener met zulk verdriet wordt omschreven, toont Van der Meulen veel inlevingsvermogen. In het tweede deel lijkt de hoofdpersoon echter geen enkele ontwikkeling doorgemaakt te hebben. We lijken nog steeds datzelfde twaalfjarige meisje te zien, op zoek naar erkenning. Doordat de focus voortdurend gericht is op haar worstelingen, krijgen de omgeving en de andere personages te weinig diepte. De stijl draagt hier in sterke mate aan bij: het boek bestaat uit een aaneenrijging van korte, erg eenvoudige dialogen. Hoewel hierdoor talloze tranentrekkende momenten worden vermeden en het een vlot leesbaar boek oplevert, slaat de kinderlijke eenvoud af en toe door naar simplistische, bijna infantiele gesprekken. Dat is jammer, want het ontneemt een levendig, aangrijpend verslag van een bizar leven de meerwaarde die een boek de moeite van het herlezen waard maakt.

Trouw


Eerder verschenen op Recensieweb

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.