Woensdag, 23 december, 2020

Geschreven door: Onbekend
Artikel door: Veen, Evert van der

Een beloofd land

Open gordijn

[Recensie] De verkiezing en de inauguratie van Barack Obama zijn van die momenten in de wereldgeschiedenis maar ook in je eigen leven die je je blijft herinneren. Ik weet nog hoe ik ’s morgens vroeg met tranen in de ogen keek naar de uitslag van de verkiezingen en de prachtige woorden die Obama daarbij sprak. Het was een bijna messiaans moment, deze mens met uitstraling en van statuur, een mens die hoop en warmte om zich heen verspreidt en niets liever wilde dan anderen meenemen in die beweging. Hij wás een belofte voor zijn eigen land, met name voor de zwarte bevolking maar ook voor vele minderheden in de wereld en allen die verlangen naar meer gerechtigheid en menselijkheid.

Het is een lijvig boek geworden dat ver uitgaat boven het aanvankelijke plan van Obama om zijn memoires op te schrijven en zo mensen dichter bij het leven en werken van een president te brengen. Hij schrijft eerlijk en persoonlijk en kan behoorlijk uitweiden over alles wat in de loop der jaren voorbijkomt. Als lezer krijg je een uniek inkijkje – een gordijn opentrekken, noemt Obama het – in het Witte Huis waarbij je ontdekt dat het presidentschap gewoon ontzettend hard werken en vaak ook enorm doorzetten is om iets te bereiken. De energie die gaat zitten in het lobbyen om voldoende steun te verzamelen. Obama beschrijft het allemaal en wil zich in dit boek min of meer verantwoorden tegenover zijn volk en de wereld.

Wat opvalt is Obama’s intense betrokkenheid bij mensen. Een aangrijpend voorbeeld is een neergestort jachtvliegtuig dat in Libië op missie is. Obama hoort ervan wanneer hij op staatsbezoek in Chili is en hoewel hij zijn professionele houding bewaart, houdt het hem innerlijk erg bezig. Hij neemt zich aan het begin voor om goed naar mensen te luisteren zodat hij kan echt kan vertolken wat er in de samenleving leeft. Typerend is zijn bezoek aan gewonde militairen in het ziekenhuis en die aanblik en hun verhalen maken hem klein. Hij vraagt zich op die momenten wel eens af waarom al die buitenlandse missies plaatsvinden en of ze al die slachtoffers waard zijn. Hij vindt het belangrijk om “de prijs van de oorlog te kennen”.

Met weemoed denk ik terug aan de fraaie toespraken die hij hield, de doordachte woordkeuze, de fraaie zinsbouw en de wijze waarop hij zijn boodschap voor het voetlicht bracht. Wat je als hoorder niet beseft, is het feit dat een president – evenals veel andere hooggeplaatste personen – een speechschrijver heeft. Bij Obama was dat Ben Rhodes die in 2018 een prachtig boek schreef, Mijn jaren met Obama, waarin je als lezer ook dicht bij het leven en werken van Obama komt. De woorden ‘Yes, we can’ zijn gevleugeld geworden en het is aardig om te lezen dat ze afkomstig zijn uit een voorstel voor een reclamespotje van Axe ter ondersteuning van zijn campagne.

Archeologie Magazine

Erudiet! Zó stel je je een president voor en zeker van het machtigste land ter wereld. Dat het ook anders kan, laten de afgelopen jaren wel zien… “De moed om hoop te hebben”: die houding typeert Obama. Want hoop vereist inderdaad moed, naast visie, volhardendheid en daadkracht. Obama had in zijn optreden vaak iets profetisch, was visionair. Hij was er de man niet naar om de bestaande situatie te bevestigen of onderbuik gevoelens op te roepen. Hij zocht naar verbinding, was uit op een betere samenleving en een menswaardiger wereld. Dat had hij niet in de hand en hij heeft wellicht minder kunnen bereiken dan hij had gewild maar hij had wel de moed om te hopen. Alleen al met die houding heeft hij veel mensen geïnspireerd.

Een flink deel van het boek is gewijd aan de aanloop naar het presidentschap en daarin krijg je als lezer een goede indruk van de enorme moeite die iemand zich moet getroosten om dit doel te bereiken. Jaren hard werken, met een campagneteam om je heen en dat alles kost enorme bedragen waar ook veel nuttigs mee gedaan zou kunnen worden. Moét het zo, vraag je je als nuchtere Hollander af. Kán dit proces niet efficiënter worden ingekleed? Obama is vaak heel eerlijk over zichzelf en zo benoemt hij ook dat hij zich eenzaam voelt naarmate zijn kansen om president te worden stijgen en hij grotere aantallen mensen op de been brengt bij toespraken in zijn campagne.

George Bush draagt alles correct aan Obama over en dan schrijft hij: “Ik nam me voor om mijn opvolger later op dezelfde manier te helpen bij de transitie”, pag 261. Dit zinnetje heeft de laatste weken wel een bijzondere lading gekregen…

Mooi is ook wat hij op verschillende plaatsen schrijft over Michelle en de kinderen. Dat verwacht je ook wel maar opvallend zijn de lovende woorden die hij over zijn schoonmoeder schrijft. Zij is voor hem van grote betekenis. Heel kwetsbaar is de beschrijving van zijn persoonlijke overpeinzing in de kerkdienst die aan de inauguratie vooraf gaat evenals zijn persoonlijke gebed om leiding iedere avond.

Al lezend word je meegenomen in het leven binnen de muren van het Witte Huis: de organisatie van het werk, de uitgebreide staf, de talloze besprekingen en de muziekuitvoeringen die er geregeld plaatsvinden. Een mooi detail zijn de duizenden brieven en emails die er dagelijks binnenkomen. Obama heeft de gewoonte om er dagelijks een aantal te lezen en te beantwoorden. Het is een deel van zijn taakopvatting: “Ik was president geworden om het vertrouwen van het Amerikaanse volk te herstellen: niet enkel in de overheid, maar ook in elkaar”, pag 344.

We lezen hoe Obama de financiële crisis probeert het hoofd te bieden. Daarin ziet hij ook de gevolgen voor mensen want zij raken hem. Boeiend zijn Obama’s politieke beschouwingen waaruit blijkt dat hij over veel achtergrondkennis beschikt, altijd wikt en weegt wat het effect is van het te voeren beleid. Hij ontdekt ook tegen wil en dank het schrille contrast tussen droom en werkelijkheid:

“Opnieuw leerde ik een moeilijke les over het presidentschap, namelijk dat mijn gevoel nu geketend was aan strategische overwegingen en tactische analyses en mijn overtuigingen onderhevig waren aan argumenten die tegen mijn intuïtie indruisten”, pag 558.

Fraai zijn de vele observaties van mensen. Obama houdt van mensen, dat merk je steeds weer. De ontmoeting met jonge mensen inspireert hem. Hij kent, doorgrondt en waardeert mensen en relativeert vaak zijn eigen aandeel in de aanpak van actuele kwesties zoals blijkt uit deze zin: “Dit, zo besefte ik langzamerhand, was het wezen van het presidentschap: soms bestond je belangrijkste werk in zaken die niemand opvielen”, pag 474.

Bij de uitreiking van de Nobelprijs voor de vrede is Obama in gedachten bij een missie in Afghanistan waarbij slachtoffers zijn gevallen. Alle politieke items van deze jaren komen in dit boek Een beloofd land voorbij: de opkomende beweging van de Tea Party, Obama care, de oorlog in Afghanistan, het Kyoto verdrag, ontwikkelingen in de EU, de sluiting van de Guantánamo gevangenis. Aan het einde van het boek is er een bijzondere en ook spannende operatie die kan worden samengevat met de sindsdien legendarische woorden: “We ’ve got him” (de operatie in Pakistan waarbij Osama Bin Laden wordt uitgeschakeld).

Een prachtig boek dat soms wel enig geduld vraagt om te lezen maar absoluut de moeite waard is!

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles