Zaterdag, 21 december, 2019

Geschreven door: Wildsmith, Brian
Artikel door: Voskamp, Nico

Een kerstverhaal

Weinig nieuws onder de sterren

[Recensie] Er zijn twee soorten kerstverhalen. Het oude, Bijbelse, op het feest der herkenning mikkende verhaal en het nieuwe, verrassende, de lezer op het verkeerde been zettende verhaal.

Bij de tweede soort blaast de schrijver (m/v) de lezer omver met gekke invallen, vernieuwende inzichten, breinkietelende ideeën. De schrijver moet hier wel van goeden huize komen om bevrediging bij de lezer te bereiken. Bij de eerste soort – het oude kerstverhaal – wordt het bekende Bijbelse verhaal verwacht, zonder fratsen graag. Een klein beetje bling mag wel, wat gekleurde sterren of een iets moderner uitgedoste Wijze uit het Oosten, maar uitbundiger dan dat mag het niet afwijken van het origineel.   

Het luistert dus nauw en er is geen automatische succesgarantie bij het uitbrengen van een oud ‘nieuw’ kerstverhaal. Hoe brengt Brian Wildsmith het er hier met Een kerstverhaal van af? Als het aan de achterflap ligt, is het een gelopen race:

“Dit prachtig geïllustreerde verhaal over een klein meisje dat samen met haar ezeltje op reis gaat naar Bethlehem is een echte kerstklassieker. Het is een mooi geschenk om met de hele familie van te genieten tijdens de feestdagen.”

Geschiedenis Magazine

De eerste indruk: met de uitvoering zit het wel snor. Het is een handzaam (cadeauformaat) boekje in fraai blauw met gouden opdruk. De contouren van een Oosterse stad ontwaren we onderaan de tekening, en een gouden ster straalt daar recht boven. De verwijzing is niet te missen en blijft bovendien binnen het betamelijke. Binnenin zijn de tekeningen liefjes, er lopen zeer aaibare dieren rond, levensechte mensen en er is een realistische woestijnachtige omgeving.

Brandnieuw is dit boek niet: bij nadere bestudering blijkt het in 1989 voor het eerst uitgegeven te zijn. Het hoofdpersonage is een ezeltje, geboren lang geleden in een stad die Nazareth heet. Vanuit dit viervoetersperspectief beleven we het verhaal. Als het ezeltje negen maanden oud is, vertrekt zijn moeder met zijn beide baasjes Maria en Jozef op een lange reis. Rebecca wordt gevraagd of ze voor hem wil zorgen.

Eigenwijs als ezeltjes nu eenmaal zijn, weigert het te eten omdat het zijn moeder mist, dus pakt Rebecca water en voedsel en gaat samen met het ezeltje zijn moeder zoeken. Ze gaan op pad. Jozef en Maria achterna.

“De straten waren vol mensen, onderweg naar allerlei plaatsen en steden. ‘Heb je misschien een ezel gezien, met een man en een vrouw?’ vroeg Rebecca aan een reiziger. Hij antwoordde: ‘Ja, ik kwam ze tegen op weg naar Jeruzalem.’”

Zo vervolgt Rebecca haar weg tot ze bij een zekere herberg aankomen, die ook nog een stal heeft. Daar ontrolt zich de finale die – niet opzienbarend – de originele versie niet veel ontloopt. Terug naar de stelling in de tweede alinea: is er niet te veel gemorreld aan het oude verhaal? Neuh. We hebben het perspectief van de ezel, en de luxueuze uitvoering, plus de vertederende tekeningen, die allemaal goed te verteren zijn. En het oorspronkelijke verhaal wordt geen geweld aangedaan. Missie geslaagd, al blijft de zoetige nasmaak lang hangen.

Voor het eerst verschenen op De Leesclub van Alles