Woensdag, 14 juli, 2021

Geschreven door: Holmes, Rachel
Recensie door: Verplancke, Marnix

Eleanor Marx, Een leven

Zo vader, zo dochter

Eleanor Marx bewonderde haar vader Karl mateloos. Ze vertaalde zijn socialistische theorie naar de praktijk, werd een bekende feministe en vakbondsactiviste, en pleegde op haar 43e teleurgesteld zelfmoord. Of was het moord?

[Interview] “Ik kon het artikel voor de Tribune gisteren niet schrijven,” meldde Karl Marx op 17 januari 1855 aan zijn vriend en medestander Friedrich Engels, “Vandaag lukte mij dat evenmin en allicht zal ik daar in de onmiddellijke toekomst ook niet in slagen want gisteren is mijn vrouw bevallen van een wettig kind – jammer genoeg is het van de sekse par excellence (…). Het zou makkelijker te aanvaarden zijn als het een jongen was geweest.” Het kind waar Marx het over had was Eleanor, zijn jongste, en zijn derde dochter ook. Met zonen lukte het niet zo goed in het gezin Marx. De kleine Fawkes was in 1850 gestorven en Edgar had volgens de dokters nog maar een paar dagen te leven toen Eleanor ter wereld kwam.

Dat Eleanor Marx uitgroeide tot het boegbeeld van het marxistisch feminisme, de vrouw die de vakbondsbeweging naar haar hand zette en het Britse socialisme de parlementaire weg op begeleidde heeft volgens haar biografe Rachel Holmes veel met dat verlangen naar een zoon te maken. “Ik begrijp dat,” zegt ze, “Toen ik nog in de buik van mijn moeder zat had mijn vader al een naam voor zijn toekomstige kind: Horatio. Dat ik een meisje kon zijn en dat hij dus ook een meisjesnaam paraat moest hebben, kwam niet bij hem op. Hij had immers al een dochter.” Voor Karl en zijn vrouw Jenny was Eleanor de zoon die ze nooit zouden hebben, en zo voedden ze het meisje dan ook op. Waar haar oudere zussen Jenny en Laura naar school gingen en niet veel meer leerden dan zingen, naaien en hoffelijk zijn, werd Eleanor door Karl zelf opgevoed, en door Engels. Zat ze niet op de schoot van haar vader te luisteren naar zijn korte resumé van Das Kapital, dan verbleef ze in Manchester, bij Engels, die een heus lesprogramma voor haar opstelde, met leeslijsten en taken. ‘Nonkel Engels,’ zoals ze hem noemde, liet haar kennismaken met Oud-IJslands, Oudnoors, een beetje Deens en zelfs wat klassiek Arabisch. Je kennis kon niet breed genoeg gaan, vond hij.

En het had resultaat. Eleanor werd een kleine wijsneus. Op haar negende gaf ze Abraham Lincoln in een paar brieven advies over de wijze waarop hij best de burgeroorlog kon afhandelen en vier jaar later werd ze een Fenian Sister die zich inzette voor de stichting van een Ierse Republiek en tegen haar twee leermeesters in de gewapende strijd verdedigde. Haar engagement ging zo ver dat haar huisgenoten er soms de draak mee staken. “Kijk,” zeiden ze dan wanneer een nors kijkende Eleanor de kamer in kwam, “daar heb je de Arme, Verwaarloosde Natie”, wat Karl steevast bijzonder grappig vond.

TijdvoorTijdschriften

In de socialistische voetsporen treden van die Karl was echter niet haar eerste droom. Nee, ze wou actrice worden. Toen Marx na de deur gewezen te zijn in Duitsland, Frankrijk en België in augustus 1849 in Londen belandde was het maar pover gesteld met zijn Engels. Hij leerde daarop de taal aan de hand van het verzameld werk van William Shakespeare en gaf nadien zijn liefde voor de bard door aan Eleanor, al zag hij haar liever geen actrice worden. Na veel aandringen mocht ze uiteindelijk toch acteerlessen volgen, om tot haar ontsteltenis te ontdekken dat er voor vrouwen in feite geen grote rollen bestonden. Ze wou Richard III spelen, maar diende tevreden te zijn met Juliette. Bovendien was ze niet goed in het aannemen van de identiteit van anderen. “Eleanor werd een van de meest gevraagde socialistische spreekster van Engeland, die zelfverzekerd het spreekgestoelte beklom en erin slaagde duizenden mensen tot tranen toe te ontroeren,” vertelt Holmes, “Ze hield pleidooien voor de achturige werkdag en het instellen van 1 mei als Dag van de Arbeid en citeerde daarbij uit de losse pols poëzie. Maar wanneer ze een toneelscène beklom voor een publiek van een paar honderd mensen, kwam ze niet verder dan wat onverstaanbaar gemompel.”

Stel dat zij wel een puike actrice was geweest en dat er goede vrouwenrollen hadden bestaan, was zijn dan in het theater gebleven en geen activiste geworden?

Holmes: “Ik denk het niet. Daarvoor was haar verzet tegen het onrecht te groot. Er zijn van die mensen. Sylvia Pankhurst, die de fakkel van het socialistisch feminisme van haar overnam na haar dood was ook zo iemand. Zij moeten gewoon in opstand komen tegen onrechtvaardigheid. Niet omdat ze geloven dat alle mensen gelijk zijn, maar omdat ze het weten”

Waarvoor moeten we Eleanor het meest eren?

Holmes: “Ongetwijfeld voor haar inzicht dat feminisme een economische zaak was en voor de link die ze legde tussen het socialisme en de toen nog jonge democratische politiek. Eleanor is de moeder van het socialistische feminisme. Zij is de eerste die daar een uitvoerig essay over schreef, The Woman Question: From a Socialist Point of View, dat in 1886 werd gepubliceerd. Het is een pagina of dertig lang en geschreven in de stijl van Karl Marx, een cocktail van politieke theorie en populaire cultuur. Het gaat over economie, maar net zo goed over Flaubert. Het doel was duidelijk maken dat vrouwen tot meer in staat waren dan voor hun man zorgen en de sokken van hun babytjes stoppen. En ze legde ook de mechanismen uit die de vrouw in haar ondergeschikte positie hielden. Het interessante was dat ze niet louter grote theorieën wou verkopen, maar die ook actief uitdragen. Ze was een activiste van het eerste uur. De eerste golf van de vakbondsbeweging in Groot-Brittannië had ze gemist. Die vond plaats in de jaren 1830, maar ging alleen over grote industriële en mannelijke arbeidersbewegingen. Vijftig jaar later ontstond er een nieuwe golf, die ontstond in beroepscategorieën die vanouds als vrouwelijk werden gezien en ook kleiner waren, zoals de uienpelsters bijvoorbeeld, of de kledingindustrie, en Eleanor was daarbij de frontvrouw. Zij werd vooral beroemd omwille van haar inzet voor de vakbond van de gasarbeiders, die zwaar werk leverden in de gasfabrieken.”

Is dat niet te veel eer? The Woman Question is amper dertig pagina’s dik. Dat zie je toch niet liggen naast Das Kapital?

Holmes: “Hoe dik is Het Communistisch Manifest? Ook flinterdun, maar het heeft wel een enorme impact gehad. Boeken moeten niet meteen dik zijn om invloed te hebben. Het enig verschil is dat Het Communistisch Manifest door twee mannen werd geschreven en The Woman Question door een vrouw. Belangrijk is dat haar pleidooien voor een socialistisch feminisme en de sociaal-democratie vertrekken vanuit een economische analyse. Relevant voor het einde van de negentiende eeuw, maar vandaag zijn we daar al lang overheen, denk je nu misschien, maar voor mij is Eleanor vandaag nog even belangrijk als in haar eigen tijd. Ze toont immers dat vrouwen toegang moeten krijgen tot de volledige arbeidsmarkt en voor hun werk een gelijke verloning moeten krijgen. Deze economische invalshoek is vandaag veel kleiner dan bijvoorbeeld dertig jaar geleden. Identiteitspolitiek heeft haar plaats ingenomen en verduistert zo de ware reden voor de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. In feite volgde Eleanor wat dit betreft Friedrich Engels en wat hij schreef in The Origin of the Family, Private Property and the State. De oudste gemeenschappen waren matriarchaal en socialistisch georganiseerd, zei hij, en het is pas met de opkomst van het privébezit dat het gezin en het patriarchaat algemeen werden. Wat mij betreft is dat boek een van de belangrijkste feministische teksten ooit.”

Het was dus niet voldoende om vrouwen stemrecht te geven, zoals liberale feministen toen beweerden?

Holmes: “Natuurlijk niet. Dat was precies waar Eleanor tegen in het verweer kwam, net zoals Clara Zetkin en Rosa Luxemburg na haar. Wat deze vrouwen benadrukten is dat het vrouwenstemrecht niet los gezien kon worden van het algemeen stemrecht. Ik merk vaak dat mensen niet beseffen dat in de tijd van het socialistisch feminisme ook veel mannen nog geen stemrecht hadden. Hoe Eleanor daarover dacht mag blijken uit de anekdote die over haar verteld wordt en die speelt in de tijd toen ze in Dublin was, om de Fenians te steunen in hun republikeinse idealisme. Ze zat in een vrachtwagen met allemaal mannen die het over het algemeen mannelijk stemrecht hadden. Opeens onderbrak ze hen en zei ze dat ze daar niet naar moesten streven, maar wel naar een algemeen menselijk stemrecht.”

Maar niet iedereen was het daar binnen de socialistische beweging mee eens. Ten tijde van de Eerste Internationale vonden de Fransen bijvoorbeeld dat vrouwen niet thuis hoorden op het congres. Denken moesten ze aan de mannen overlaten, was het idee. Vrouwen moesten goede socialisten kweken. Hoe ging Eleanor daarmee om?

Holmes: “Door plaats te nemen in de perszaal en te tolken voor anderen. In tegenstelling tot de meeste Britse deelnemers aan het congres was ze meertalig en goed bespraakt. En je mag ook niet vergeten dat ze niet alleen een vrouw was, maar ook een Marx, en dat ze ook nog eens Engels vertegenwoordigde omdat die het niet zo fijn vond om te reizen. Ze was afgevaardigde van de gaswerkers en sprong meermaals in de bres voor joodse vakbonden die door de andere bonden werden genegeerd. Moties van joodse vakbonden werden bijvoorbeeld niet aanvaard op het congres, wat openlijk antisemitisme was. Eleanor diende ze daarom in haar eigen naam in, waarna ze wel aanvaard werden.”

Maar als ze de dochter van Marx niet was geweest was haar dat niet gelukt?

Holmes: “Nee, daar ben ik van overtuigd. Door haar naam had ze een streepje voor bij iedereen.”

Was ze niet veel pragmatischer en sociaal-democratischer dan haar vader? Dat er een revolutie zou komen die het proletariaat aan de macht zou brengen, leek ze toch niet echt te geloven?

Holmes: “Karl was de theorie en Eleonora de praktijk. Vandaar haar grote waarde. Karl had bijvoorbeeld geen oog voor het feminisme in zijn analyse. Zij daarentegen was zich heel goed bewust van de band tussen micro- en macrorelaties. Hoe mensen binnen een gezin met elkaar omgingen vond zij even belangrijk als de grote krachten die het kapitalisme naar het communisme zouden leiden. Daarom kwam zij op voor de bevrijding uit het keurslijf van het traditionele gezin en voor de vrije liefde. Daar had Marx helemaal niets mee. In feite leidde hij een heel conventioneel leven. Engels daarentegen, dat was de man van de vrije liefde, en Eleanor waardeerde hem daar ook voor. Stel dat Marx langer had geleefd en niet al in 1883 was gestorven, dan zouden hij en zijn dochter wellicht een paar interessante discussies gevoerd hebben, zoals over de oprichting van de Independent Labour Party bijvoorbeeld en de deelname aan de parlementaire democratie.”

U had het net over het antisemitisme binnen de socialistische beweging. Benadrukte Eleanor haar eigen joodse identiteit om dat aan te klagen?

Holmes: “Antisemitisme, racisme en vrouwvijandigheid zijn zaken die een hele samenleving infiltreren. Je kan die dus ook niet buiten de socialistische beweging houden. Toen niet en nu ook niet trouwens. De vraag is dan hoe je ermee omgaat. Eleanor zag hoe sommige van haar vrienden gediscrimineerd werden en hoe joodse arbeiders hetzelfde lot beschoren waren wanneer ze zich probeerden te organiseren. Het is op dat moment dat ze Jiddisch begon te leren. Dat ze oog had voor zulke discriminatie vloeit misschien wel voort uit haar internationale achtergrond. Ze kwam uit een echte Europese familie en had een internationale kijk op het socialisme, in tegenstelling tot de intellectualistische Fabian Society, die in 1884 werd opgericht en veel meer naar binnen keek. Die spanning bestaat vandaag trouwens nog steeds binnen het Britse socialisme.”

Net als het antisemitisme blijkbaar, want Jeremy Corbyn werd door sommigen toch ook jarenlang antisemitisch genoemd?

Holmes: “De rechtse koers van Tony Blair en zijn derde weg heeft Labour verscheurd. Een deel van de militanten wou nadien een linksere weg op, met meer aandacht voor ongelijkheid en mensenrechten. Corbyn was de voorzitter van het Palestine Solidarity Committee. Hij koos altijd resoluut de kant van de Palestijnen, tegen Israël in, en dat viel niet overal in goede aarde. Vandaar de verwijten van antisemitisme, maar die zijn volstrekt ongegrond, want er is een verschil tussen antisemitisme en niet akkoord zijn met de politiek die Israël voert in de bezette gebieden. Mocht ze nog leven, dan zou Eleanor Marx haar mouwen oprollen en Corbyn volmondig steunen.”

Eleanor kwam op voor de vrije liefde, maar ze werd er ook het slachtoffer van. Ze was vijftien jaar samen met Edward Aveling, een wat leeghoofdige bon-vivant die haar vanaf de eerste dag bedroog, zelfs met een andere vrouw trouwde en Eleanor liet opdraaien voor de kosten. Hoe kon ze dat allemaal over zich heen laten gaan?

Holmes: “Zo zijn mensen nu eenmaal. Ze laten iemand van wie ze houden niet gauw in de steek. Ik zie dat ook bij vriendinnen van me, feministische vriendinnen om duidelijk te zijn, die jarenlang bij een man blijven die op moreel vlak nog net tot aan hun enkels komt. Eleanor was een slachtoffer van Edward, maar ook van de omstandigheden van die tijd. Vrije liefde was ook dure liefde. Maar ze hield echt van hem. Ze werd geconfronteerd met de vraag hoe te leven als je niet bereid bent een conventioneel bestaan te leiden. Wanneer je netjes binnen de lijntjes blijft, is alles duidelijk. Wanneer je echter buiten die lijnen kleurt, weet je niet hoe het moet.”

Heeft die onzekerheid haar uiteindelijk tot zelfmoord gedreven op haar 43e?

Holmes: “In 1897, het jaar voor haar dood, was ze tot het besluit gekomen dat het zo niet verder kon en dat ze moest breken met Edward. De reden waarom ze hem toch nog om zich heen verdroeg was dat hij ziek was en stilletjes aan het sterven. Maar hij was razend dat ze langer zou leven dan hem. Eleanor voelde zich daar ook schuldig over. Uiteindelijk was het moord door zelfmoord, omdat hij haar ertoe dreef. Haar vrienden waren trouwens van plan hem aan te klagen, maar hij stierf voor dat kon.”

Zeg je nu dat hij haar het gif toediende?

Holmes: “Ik denk het in feite wel. Edward dreef haar zo ver dat ze bereid was het gif van hem aan te nemen. Moord door zelfmoord dus. En er was ook Freddy natuurlijk. In de brief die Marx naar Engels stuurde de dag na Eleanors geboorte had hij het over een ‘wettelijk’ kind. Je kan er overheen lezen, maar het was belangrijk. Marx had immers ook een onwettig kind, Freddy, de zoon die hij verwekte bij zijn huishoudster en die hij weigerde te herkennen. Iedereen ging ervan uit dat Engels de vader was, tot die in 1895 op zijn sterbed bekende dat hij er niets mee te maken had. Voor Eleanor, die op jongere leeftijd al een paar keer het slachtoffer van hysterie was geworden, zoals dat toen heette, was dat een donderslag bij heldere hemel. Ze had altijd heel erg opgekeken naar haar vader en begreep niet waarom hij al die jaren zijn zoon had genegeerd. Als hij zoiets kon, tot wat was hij dan nog allemaal in staat?”

Eerder verschenen in Knack