Vrijdag, 8 maart, 2019

Geschreven door: Jansson, Tove
Recensie door: Nooij, Marjon

Fair Play

Er zijn leemtes die je moet respecteren

Tove Jansson (1914-2001) was een veelzijdige Zweedstalige Finse kunstschilder en illustrator. Ze schreef hoofdzakelijk kinderboeken en stripverhalen. De omvangrijke kinderserie over de immens populaire Moomins, maakte haar bekend en samen met Lennart Hellsing en Astrid Lindgren kon ze zichzelf tot een van de groten rekenen op het gebied van Zweedstalige kinderliteratuur die de fantasie en de belevingswereld van het kind centraal stellen.

Voor het eerst is het boek¬†‘Fair Play’¬†nu vertaald door¬†Kim Liebrand¬†en opgenomen in de Schwob-actie van winter 2018. De prachtige cover is een portretje van de hand van Jansson.

Ali Smith¬†opent het boek met het voorwoord en de woorden¬†labora et amare –¬†werk en liefde¬†-,¬†die Jansson als motto verwerkte in haar¬†ex libris.¬†Zelf zei ze hierover: “Werk is het belangrijkste voor me. En daarna liefde.”

Hoe Jansson de twee thema’s werk en de liefde beleefde, komt heel intiem naar voren in deze roman over¬†Mari¬†en¬†Jonna. In haar bijna bedrieglijk eenvoudige, raadselachtig lucide stijl van schrijven, verwerkte ze ogenschijnlijk ervaringen uit haar relatie met haar partner en grafisch kunstenares¬†Tuulikki Pietil√°, met wie ze ruim veertig jaar samen heeft gewerkt en gereisd.

In zeventien korte verhaaltjes beschrijft Jansson situaties en belevenissen van de twee dames. Zeventien verschillende onderwerpen, maar met een grote onderlinge samenhang van liefde, vriendschap en hun beider werk. In de oorspronkelijke tekst die Jansson schreef op de achterflap van het boek, vertelt ze dat het eigenlijk een vriendschapsroman is.

Mari en Jonna zijn twee liberale, excentrieke vrouwen van net in de zeventig. Mari schrijft, Jonna is kunstenares. Twee vrouwen heel verschillend qua karakter. Mari is de intro-spectieve en meest bescheiden partij. Jonna daarentegen is de meest directe en extroverte. Beiden koesteren ze hun eigen plekje om er in alle rust te kunnen werken, en die vrijheid in tijd en ruimte gunnen ze elkaar, maar tegelijkertijd blijven ze gevoelsmatig veilig in elkaars nabijheid.

“Ze woonden ieder aan een kant van een groot appartementencomplex vlak bij de haven, en tussen hun ateliers in was de zolder, een onpersoonlijk niemandsland met hoge gangen met aan weerszijde gesloten, houten deuren. Mari hield van die wande-ling over de zolder, die een denkbeeldige streep van broodnodige neutraliteit tussen hun domeinen vormde. Ze kon onderweg blijven staan om naar de regen op het plaatijzeren dak te luisteren, over de stad uit te kijken waar de lichten aangingen of gewoon voor haar plezier een beetje tijd te rekken.”

Als lezer word je, vanuit een stil hoekje, deelgenoot gemaakt van het wel en wee in hun dertigjarige relatie. Zonder toeters en bellen vertellen de verhalen over hun kleine twists, hun onvoorwaardelijke liefde en hun zorgen om elkaar. De avonden brengen ze het liefst samen door om films te kijken. Whisky en sigaretten voor het grijpen.

Regelmatig gaan de vriendinnen samen op reis en in de zomer verblijven ze in een huisje op een eiland aan de zuidelijke kust van Finland. Prachtig is het om te lezen hoe ze elkaar ook tijdens hun reizen aanvullen en elkaar hun interesses gunnen. Mari stimuleert Jonna in het maken van haar films en Jonna zoekt de locatie van de plaatselijke begraafplaats waar Mari zo gefascineerd rond kan lopen. Dit gegeven laat heel mooi zien hoe ze de balans in hun relatie weten te houden. Wanneer ze tijdens hun vakantie in de VS besluiten om de volgende dag verder te reizen, krijgt Mari het even te kwaad.

“‘Och, waarom huil je?’ zei Jonna
‘Ik weet het niet precies. […]’
Jonna zei: ‘We sturen Verity een mooie ansichtkaart vanuit Tucson. En Annie ook.’
‘Er zijn geen mooie ansichtkaarten van Tucson! Het is er vreselijk!’
‘We zouden nog een tijdje hier kunnen blijven?’
‘Nee’, zei Mari. ‘Je moet dingen nooit herhalen. Dat zou een verkeerd einde zijn.’
‘Nou ja zeg, schrijvers …’ zei Jonna en ze verdeelde hun vitamines voor de volgende dag over twee glaasjes.”

Wanneer Jonna een uiterst somber ingesteld beschermelingetje heeft en haar schromelijk verwent, brengt dat toch wat jaloezie teweeg bij Mari.  Een hint aan het adres van Jonna zorgt ervoor dat de kwestie kort wordt uitgesproken, waarna ze het onderwerp weer laten rusten.

De kracht van dit boek is dat er zoveel meer te lezen is dan alleen woorden. De witregels lijken ook te spreken en juist de verborgen tekst in die witregels is heel veelzeggend. Door middel van strak en helder proza, zonder allerlei onnodige details – ‘less is more’ -, zegt wat ze heeft geschreven zoveel meer dan wat er daadwerkelijk op papier staat. De verhaaltjes zijn humorvol, contemplatief, getuigen van een bewuste aandacht voor elkaar en bieden een oplossing van hun kleine onenigheden met een filosofisch tintje.

Een liefdevol en magnifiek geschreven pareltje waarvan we alleen maar heel erg blij kunnen zijn dat het uiteindelijk toch in een Nederlandse vertaling op onze boeken-markt is terecht gekomen.

Auteur

Tove Marika Jansson (spreek uit Toewe Jansson) was een Zweedstalige Finse auteur, kunstschilder en illustrator van onder andere kinderboeken en stripverhalen. Ze is de auteur van de series boeken en stripverhalen over Moem. Een groot deel van haar werken is vanaf de jaren 70 door Cora Polet (pseudoniem van C.W. Appel) in het Nederlands vertaald. In 2007 begon de Belgische uitgeverij Clavis opnieuw met de reeks, in een nieuwe vertaling van Maaike Lahaise. In 1953 werd haar de Nils Holgersson-plaketuitgereikt en in 1966 de Hans Christian Andersenprijs voor haar hele oeuvre.

(Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Tove_Jansson)

Eerder verschenen op Met de neus in de boeken