Zondag, 1 juni, 2008

Geschreven door: Frölke, Viktor
Artikel door: Hopman, Bob

Fake

NĂ©t geen grootse queeste

Victor Frölkes debuutroman Fake wil een verhaal vertellen dat te groot is om zich in Nederland af te spelen, en dus is Amerika het decor. Het verhaal begint op een ochtend in een New Yorks appartement, als hoofdpersoon Vincent Berging stilletjes uit zijn bed kruipt, zich voorziet van een aantal noodzakelijke spullen en vooral een fikse stapel geld. Hij laat vrouw, zoon, carriĂšre en identiteit achter om zichzelf te gaan ‘herontdekken’. En dat alles zonder een enkel woord van verklaring, noch aan de achtergebleven familie, noch aan de lezer.

De reis van herontdekking begint in Maine, aan de Noordoostkust, waar Vincent, zich inmiddels verplaatsend onder de naam Richard Grayson, toevallig een gepensioneerde vrouwelijke psychiater ontmoet. Bij haar verblijft hij een tijdje. De band die hij met haar opbouwt is complex: zowel mentaal als fysiek voelt hij zich tot de dame op leeftijd aangetrokken. Hoewel nergens een leeftijd van de hoofdpersoon wordt genoemd, is hij zelf vermoedelijk niet veel ouder dan veertig, wat de relatie een nogal obsceen karakter geeft. De psychiater, Avodah genaamd, laat uit een soort liefhebberij voor het vak de psychoanalyse op haar gast los, en daarmee maakt ze hun relatie nog complexer. Hoe het ook zij, de twee geven al snel om elkaar.

Toch moet Richard van zichzelf zijn herontdekking sterker doorzetten. Hij moet Avodah vaarwel zeggen en naar Los Angeles. Voor een sceptische hedonist, zoals Grayson zichzelf graag beschrijft, is dit de ideale leefomgeving.

‘In de meeste landen zijn wegen aangelegd om van A naar B te komen, maar in CaliforniĂ« is nog een ander soort wegen, voor wie niet naar B hoeft, en ook A niet zonodig hoeft te verlaten. Rijden zonder reden, rijden zonder haast.’

Bazarow

Dit soort wegen, een mooie pars pro toto voor de leefstijl in L.A., tezamen met wat experimentele sodomie, plastische chirurgie, enkele tatoeages en een nieuw paspoort, laten Vincent voorgoed naar het achterhoofd verdwijnen, en maken dat de nieuwe hoofdpersoon onder de naam Adam Quark herboren wordt. Dit wordt duidelijk als Quark, de ikfiguur, Vincent vanuit de derde persoon, en in verleden tijd begint te beschrijven.

Frölke doet tijdens het beschrijven van Quarks herontdekking wat veel te weinig romanauteurs tegenwoordig doen: hij neemt de tijd. Het is niet in de eerste plaats de stijl die zorgt dat ik Vincent ga vergeten, het is het aantal pagina’s dat de auteur eraan durft te besteden. Een aantal dat bovendien niet leidt tot sleur of saaiheid, maar dat eerder lucht geeft aan de lezer. De herontdekkingsqueeste wordt bijzonder luchtig beschreven, en de hedonistische, vrije levenshouding van Quark maakt dat het verblijf in Los Angeles, met alle avonturen die het met zich meeneemt, voor zowel hoofdpersoon als lezer helemaal niet te snel voorbij hoeft te zijn. Het siert de schrijver dat hij hier niet probeert op papier te besparen.

Dan vindt toch een onvermijdelijke omslag in het boek plaats. Quark, voor zijn vroegere omgeving onherkenbaar door de chirurgische ingrepen, gaat kijken hoe zijn oude leven ervoor staat. Hij keert terug naar New York, naar vrouw en zoon, en probeert zo dicht mogelijk bij hen te komen. Dit leidt tot enkele aangrijpende scĂšnes: een weerzien met zijn vrouw Iris, en het bijwonen van een afscheidsdienst ter ere van de inmiddels doodverklaarde Vincent, ooit de hoofdpersoon zelf. Quarks liefhebbende psychiater, een karakter wier meespelen vanaf de eerste ontmoeting een meerwaarde voor het boek is, neemt ook weer een belangrijke rol in in dit tweede deel van het verhaal. Zij begeleidt Adam geestelijk op de weg terug naar zijn gezin.

Ondanks het in potentie zo melancholische van de terugkeer naar Vincents oude leven, valt in dit deel van het boek de schrijver tegen. Frölke, wijsgerige van opleiding, heeft conceptueel goud in handen: een man besluit zichzelf te begraven om te zien hoe zijn omgeving reageert. Dat biedt perspectief. Naar aanleiding van de sterk beschreven herontdekkingsqueeste had ik echter van dit tweede boekdeel meer verwacht. Fake blijft tot aan het eind een verzameling handelingen, en wat tijdens de herontdekking van Quark een meerwaarde was, een vertelling die uit voornamelijk gebeurtenis bestaat, blijkt ten slotte toch gebrek. Frölke wilde een verhaal vertellen dat te groot was voor Nederland, maar een uitvergroting van de gebeurtenissen, de uitwerking van het idee blijft uit, en Fake wordt niet meer dan een heel gewoon verhaal. Prettig, maar niet echt groots.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *