Vrijdag, 19 april, 2013

Geschreven door: Fresco, Louise
Artikel door: Haes, Helias Udo de

Hamburgers in het paradijs

Niet het standaardwerk dat het had kunnen zijn

Hamburgers in het paradijs is een lijvig boek voor een breed publiek. Het is niet geschreven als wetenschappelijk boek, maar eerder als een verhaal. Maar wel een veelzijdig verhaal, gebaseerd op een uitzonderlijk brede en gedegen kennis. Het biedt een goudmijn aan feiten, visies, argumenten en tegenargumenten. Helaas is het boek onnodig lang. Door weglaten van herhalingen en een compactere schrijfwijze had het gemakkelijk 50 bladzijden dunner kunnen zijn. Er staan ook nogal wat fouten en slordigheden in. Zo komt levertraan niet van walvissen maar van kabeljauw en schelvis, is spinazie niet speciaal ijzerrijk vergeleken met andere groenten en is de cerrado in Zuid-Amerika allesbehalve een waardeloos gebied uit het oogpunt van biodiversiteit. Dat zijn méér dan schoonheidsfoutjes.

Een belangrijker probleem is dat Fresco soms maar moeizaam de problemen in de gangbare landbouw erkent. We noemen drie voorbeelden. (1) Bij de veehouderij zou niet grootschaligheid en intensivering het probleem zijn, eerder onzorgvuldigheid. Dat is een aanvechtbaar standpunt. (2) De gangbare landbouw zou niet veel onderdoen voor de biologische landbouw bij het beperken van het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Dat geldt hooguit voor delen van de glastuinbouw. Fresco bagatelliseert ook de schadelijke effecten van neonicotinoĂŻden op de bijenstand. (3) Voor de pijn die dieren lijden in de intensieve veehouderij suggereert ze als mogelijke oplossing genetische modificatie van de dieren met het doel dat ze meer endorfinen gaan aanmaken en daardoor minder pijn voelen. Dat is ethisch gezien een dubieus standpunt.

Critici van de huidige landbouw zet Fresco weg als “schaduwdenkers”. Daarmee verspeelt ze een belangrijk deel van haar beoogde lezerspubliek. Ze wekt de indruk dat ze in de jaren ‘60 ook Rachel Carson als schaduwdenker zou hebben weggezet.

Toch is Hamburgers in het paradijs een belangrijk boek. In de eerste plaats lijken veel van de sneren tegen alternatieve vormen van landbouw en tegen dwarse wetenschappers bedoeld als provocaties, die ze later in het boek ten dele weer relativeert. Het is een boek dat vaak verschillende visies tegenover elkaar plaatst en er op uit is om mythes door te prikken. Zo stelt ze dat de biologische landbouw – bij het huidige consumptiepatroon – bij lange na niet de hele wereld kan voeden. Ook stelt ze dat er tot nu toe geen aanwijzingen zijn voor negatieve ecologische en gezondheidseffecten van de teelt van genetisch gemodificeerde gewassen, maar wel degelijk voor schadelijke sociale effecten. Dat is geen slechte analyse. En door het hele boek heen wijst ze er op dat het criterium van ‘natuurlijkheid” onvoldoende houvast biedt voor een toekomstige duurzame landbouw.

Hereditas Nexus

Fresco is zoals bekend een voorvechtster van genetische modificatie. Ze heeft geen bezwaar tegen het inbouwen van Phytophthora-resistentie in aardappelen op basis van cisgenese vanuit wilde aardappelrassen, of tegen een meeldauw-resistente druif op basis van transgenese vanuit gerst of zijderups. Tegelijk is ze ook verrassend kritisch tegenover de wijze waarop deze technologie tot nu toe in praktijk is gebracht. Ze acht de door winstbejag gedreven start van Monsanto met herbicide-resistente gewassen in de vorm van Roundup-ready soja en maïs hoogst ongelukkig. Een veel beter begin was geweest om van cassave, het armenvoedsel in veel ontwikkelingslanden, een eiwitrijker en minder kwetsbaar gewas te maken. Ook erkent ze dat de aanvankelijke claims aangaande productieverhoging niet zijn waargemaakt, en dat er nauwelijks een trickle down van kennis en inkomen naar kleine boeren heeft plaatsgevonden. Ze bepleit ook monitoring van schadelijke ecologische en gezondheidseffecten en een open source systeem voor genetische informatie. Wel laat ze de risico’s van machtsconcentratie bij chemo/zaadbedrijven als Monsanto, Syngenta en Bayer onderbelicht.

Fresco legt een basis voor een duurzame landbouw die de hele wereld kan voeden, inclusief het arme deel van de bevolking van ontwikkelingslanden, die tegelijk milieuvriendelijk is – bijvoorbeeld door toepassing van geĂŻntegreerde bestrijding van ziekten en plagen – en die door hoge producties per hectare natuurgebieden spaart. Als lezer houd je het onbehaaglijke gevoel dat de ecologische grenzen strikter zullen blijken dan ze in haar technologisch optimisme veronderstelt, te meer omdat ze redenen noch mogelijkheden ziet voor beperking van de bevolkingsgroei. Maar het is op zijn eigen manier een kritisch en dwars boek geworden, dat een duurzaam toekomstperspectief biedt. Toch is het niet echt het standaardwerk geworden dat het had kunnen zijn.

Dit artikel verscheen eerder op Foodlog.