Donderdag, 4 maart, 2021

Geschreven door: Harrie Nijen Twilhaar
Artikel door: Voskamp, Nico

Marco Bakker Het complete verhaal

Spreek, geheugen

[Recensie] Voor ons ligt de biografie van Marco Bakker. “De levensbeschrijving van één van de succesvolste opera- en operettezangers ter wereld,” meldt de biograaf bescheiden. Ook wel bekend als het ongecensureerde verhaal van een al dan niet schuldige artiest die vindt dat hij beter had verdiend. Want dat is waar de nadruk hier op ligt: Het Ongeluk.

“Zijn glanzende carrière kreeg in 1997 een dramatische wending na een fataal ongeluk op het parkeerdek van de Amsterdam ArenA, waarbij een 38-jarige vrouw om het leven kwam. Het was het dieptepunt in zijn leven.

Als gevolg van imagoschade belandde Marco Bakker nagenoeg aan de grond en moest hij zelfs zijn landgoed verkopen, waar hij met de liefde van zijn leven, Willeke van Ammelrooy, woonde. Met haar steun wist hij deze nachtmerrie te overwinnen.”

Aldus Harrie Nijen Twilhaar, biograaf en journalist bij De Telegraaf en weekblad Privé, tevens gastdocent aan de Postacademische Deeltijd Opleiding Journalistiek van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Archeologie Magazine

Nijen Twilhaar kijkt niet op een superlatief meer of minder. De net geciteerde twee alinea’s bijvoorbeeld bevatten bovengemiddeld veel superlatieven: “één van de succesvolste, ter wereld, glanzende, dramatische, fataal, dieptepunt, belandde […] nagenoeg aan de grond, liefde van zijn leven, nachtmerrie, overwinnen.” Is dat erg? Nee, maar het is een kenmerk van roddeljournalistiek. Een vorm van journalistiek in het leven geroepen door de makers van tabloids: op sensatie drijvende ‘kranten’ die zoveel mogelijk sappige en liefst compromitterende roddels van celebrities bij elkaar brengen om zoveel mogelijk kranten te verkopen. Met journalistiek heeft dat weinig te maken. Dat het boek in deze stijl is gegoten is jammer, want het zou hebben bijgedragen aan de kwaliteit als het neutraler zou zijn gebleven.

Lange uitweiding, korte conclusie: het boek is in deze stijl geschreven en daar moet je tegen kunnen. Zeker als het start met deze zinnen: “Ik ben op 8 februari 1938 in Beverwijk geboren met een prachtige baritonstem, alleen in de baarmoeder was ik me daar nog niet van bewust. Bovendien had ik ook geen idee wat me de komende tachtig jaren te wachten stond.”

Genoeg technisch geleuter, hoe zit het met de inhoud? Die komt van Marco zelve. Hij vertelt (of dicteert) zijn levenswandel. De jonge Marco blijkt, na de Tweede Wereldoorlog doorstaan te hebben, goed te kunnen zingen. Hij gaat naar het conservatorium, komt in de belangstelling te staan, wordt aangenomen bij de Nederlandse Opera en komt via de toen zeer bekende Willem Duys bij het grote publiek in beeld. Grotere concerten volgen met meer roem en zijn ster rijst snel. Op het privévlak ligt hij erg goed bij de vrouwen (zegt hij zelf) zodat de ene na de andere relatie opbloeit, eindigt en er alweer een andere welgeschapen vrouw in zijn armen valt. Of andersom.

In a nutshell is dit Marco’s bestaan: schitteren op een podium en naar huis gaan met een oogverblindende vrouw aan zijn arm. Tot oktober 1977:

“Het ongeluk in de Amsterdam ArenA en de daaropvolgende enorme media-aandacht, verpulverde mijn reputatie tot schroot. Het was de TROS zelf die wilde stoppen met het populaire radioprogramma Muziek uit Duizenden. Overigens werd om de hete brei heen gedraaid.” (brij, Harry, het is BRIJ. En ‘verpulverde tot schroot’ is niet zo’n mooie metafoor).

We zijn op pagina 113 van de 206 en de rest van het verhaal draait om dat ongeluk. Begrijpelijk want het luidde de neergang van Marco in. Zijn werk droogde op, hij moest zijn landgoed verkopen, een periode van armoede brak aan.

De ware toedracht van dat fatale ongeluk is nooit helder geworden, maar het boek lezend kan de lezer zijn eigen conclusies trekken. Tip: het draait om het vermeende op hol slaan van de cruise control van een Opel Omega – dat merk en type wordt te veelvuldig genoemd om te negeren. Hoe Marco’s leven na dat ongeluk eruit ziet en hoe hij weer knap weet op te krabbelen, vormt de rest en apotheose van het boek.

Ook verschenen op Nico’s recensies