Vrijdag, 19 juni, 2020

Geschreven door: Bijnens, Michael
Artikel door: Verplancke, Marnix

Het beste uit onszelf

Band tussen vader en dochter belast door verleden

De eerste zin:

“Wist ik veel wat het leven te betekenen had.”

Recensie

Lewis is een aan lager wal geraakte stand-up comedian die alleen nog in kleine kelderzaaltjes optreedt, waarna hij eenzaam naar huis waggelt en in discussie gaat met zijn kat Robin Williams, als speelde hij de hoofdrol in een remake van The Long Goodbye. Veel te veel pizza en gin hebben hem herleid tot 120 kilo obesitas, maar ook tot 120 kilo pijn, omdat zijn dochter Amy acht jaar eerder op haar achttiende van huis is weggelopen, wat meteen ook het einde was van zijn huwelijk met de neurologe Samantha. Tot hij op een avond achteraan tussen het publiek Amy’s gezicht herkent. Ze is terug, zo blijkt, maar het verleden is ze nog lang niet vergeten.

Dans Magazine

Vijf jaar geleden debuteerde Michael Bijnens mits veel mediagedruis met het autobiografisch geĂŻnspireerde Cinderella, over de zoon van een prostituee die haar pooier werd en daar psychisch niet geheel ongeschonden uit kwam. In zijn tweede roman, Het beste uit onszelf, gaat hij verder op dezelfde weg. Opnieuw staat de bezwaarde relatie tussen een ouder en een kind centraal, want Amy heeft het niet zomaar op een lopen gezet. Er is iets gebeurd, en wat dat in gang heeft gezet is niet fraai.

Dat Amy niet lekker in haar vel zit, hoort Lewis meteen aan haar eindeloze tirades tegen alles en iedereen. Tegen kleinburgers vooral, die veganistische dadelprutcake kopen met een verhaal eraan en denken dat ze zo de wereld redden. “Hebben we daarvoor vijfduizend jaar lang de vloek van de beschaving doorstaan?” vraagt ze retorisch, wat Lewis tot stilte dwingt. Haar vader kan haar duidelijk niet helpen, besluit de jonge vrouw en dus trekt ze naar haar moeder en broer die samen een mindfulness-bedrijfje runnen dat tachtig man tewerkstelt en een succesvolle app uit heeft. Dat ze zich zo zeikerig voelt en een mislukte zelfmoordpoging achter de rug heeft, ligt allemaal aan haarzelf, fezelen moeder, broer en app haar in het oor, en dus gaat Amy aan de meditatie, waarna Lewis opmerkt dat hij het virulente cynisme van de verbaal agressieve Amy nog geen klein beetje mist.

In Het beste uit onszelf dansen Amy en Lewis 246 bladzijden lang de psychologische tarantula, wat enerzijds aanleiding geeft tot een paar fantastische scènes, maar jammer genoeg ook tot heel veel theoretische dialogen die de schwung uit het boek halen.

3 vragen aan Michael Bijnens

Je debuut Cinderella ging over de relatie tussen een moeder en een zoon. Dit boek over die tussen een vader en een dochter. Dacht je: ik doe het anders, maar toch ook een beetje hetzelfde?

Bijnens: “Een jaar of drie geleden pleegden nogal wat mensen uit mijn omgeving zelfmoord. Er was een bijzonder intens voorval waarbij mijn hele vriendenkring een maand lang probeerde om zo’n zelfmoord te voorkomen, tevergeefs. Ik vond dat een supergoed basisplan voor drama. En wie wordt er dan bijzonder hard getroffen? De ouders natuurlijk. Wat me ook intrigeert is hoe de verstoorde relatie tussen een ouder en een kind tot een trauma kan leiden dat het hele verdere leven bepaalt. In Cinderella was dit vrij autobiografisch. Deze keer wou ik daar ver van weg blijven.”

De grote discussie in je boek gaat over de vraag in hoeverre psychische problemen ook persoonlijke problemen zijn, lijkt me. Juist?

Bijnens: “Therapie is er vandaag op gericht de regie over je eigen leven weer in handen te krijgen. In de DSM V, de positivistische bijbel van de psychiatrie, krijgt iedere diagnose een schier onwrikbaar statuut, terwijl we niet echt goed weten wat er achter de verschillende symptomen schuil gaat. Er zijn veel mensen die als kind verwaarloosd zijn en later zes of zeven DSM-diagnoses opgespeld krijgen, zoals depressie of verslaving, maar nooit ontwikkelingstrauma, want dat kent de DSM niet. Die labels leiden tot het idee dat iedere stoornis individueel is, helemaal ons atomaire, neo-liberale mensbeeld waarin ieder individu verantwoordelijk is voor zijn eigen identiteit en geluk. Terwijl we heel goed weten dat mensen groepsdieren zijn.”

Misschien kan de coronacrisis ons wakker schudden?

Bijnens: “Dat hoop ik ook, en dat we een nieuw evenwicht vinden tussen het ik en het wij. Uit onderzoek is gebleken dat mensen in traumatiserende situaties vaak steun zoeken bij de groep. Het is dus het ideale moment om ons ervan bewust te worden dat het atomaire mensbeeld nefast is voor ons algemeen welzijn. Maar even belangrijk is preventief werken op vlak van geestelijke gezondheidszorg. Veel klachten waarmee mensen naar een psycholoog stappen vloeien voort uit de kindertijd, uit een verstoorde relatie tussen hen en hun primaire verzorger, omdat die misschien zelf getraumatiseerd was of te veel afwezig door andere verplichtingen. Doe daar op tijd iets aan, dan moet je later de brokken niet lijmen.”

Eerder verschenen in Knack