Zaterdag, 1 september, 2018

Geschreven door: Barnard, Pip
Artikel door: Voskamp, Nico

Het kompas

Drama in een wiegende zeilboot

[Recensie] Als het goed is, laat de frase ‘uitgeverij Lemniscaat’ bij u allerlei bellen rinkelen in verband met kwalitatief ruim boven het maaiveld uitstekende historische jeugdromans. U hebt gelijk: deze uitgever investeert al jaren in uitstekende boeken van uitmuntende schrijvers, zo ook nu met Joyce Pool. Ze schreef Het Kompas.

Eerder maakte ze De Castraat en Bloedlijn, en nu dus samen met haar echtgenoot Pip Barnard Het Kompas: het waargebeurde verhaal van de Wangle III en haar bemanning. Een kloek boek, iets groter van formaat dan een ‘gewoon’ kinderboek, zwaar, gebonden, met een prachtig kleurenomslag waarop – zeer sfeervol – een petieterig bootje een heftig tekeergaande zee trotseert.

Het komt allemaal door Texel. Daar liggen zes van de tien opvarenden van de boot in kwestie, de Wangle III, begraven, en Joyce Pool woont (met Pip Barnard) op Texel. Dus was het misschien gewoon logisch dat ze onderzoek ging doen naar de geschiedenis van het bootje met die gekke naam (Wangle betekent zoveel als ‘list’, omdat de persoon die de boot aan de scoutingclub schonk, veel van zijn contacten moest aanspreken. maar ook omdat het woord ‘Wangle’ deed denken aan het wiegen van een boot (wangle, wangle) op de Theems)

Die boot waagde in 1950 de oversteek van Dover, Engeland naar Calais, Frankrijk, maar kwam nooit aan. Het is een raadsel wat er met de tien bemanningsleden gebeurde, en een nog groter raadsel wat er met de goed geprepareerde, zeewaardige boot misging. Joyce zocht het uit en zette het meeslepende verhaal over Davey op papier, de jongen die wegens pijn in zijn buik (echt waar) niet mee kon en zo aan de ramp ontsnapte.

Geschiedenis Magazine

Het boek heeft een tweede deel, dat er direct achter geplakt is. De man van Joyce, journalist Pip Barnard, laat daar zien hoe ze op zoek gingen naar de geschiedenis van de Wangle III. Ze spraken met familieleden, speurden in archieven naar documenten over de gebeurtenissen en ontrafelden zo het verhaal. Dit deel is voorzien van foto’s, nieuwsberichten en kaarten uit die tijd en vormt de feitelijke onderbouwing. En is wat mij betreft volledig overbodig. Sorry Pip, als ik een journalistiek verslag wil, lees ik wel oude kranten, het gaat mij meer om het verhaal.

Het verhaal van Joyce laat vanuit het perspectief van de jonge scout Davey alles zien rondom de fatale reis. De tekst loopt op punten wat stroevig. Maar de geestesgesteldheid van een jongen van 15 is over het algemeen goed getroffen, zeker als hij langzaam opgewondener wordt naarmate hij dichter bij het voorlopige hoogtepunt in zijn leven komt: de oversteek.

Hij werkt hard met zijn scoutingmaten om de Wangle III, een oude ‘whaler’, op orde te krijgen, om het varen ermee te leren, om alles gesmeerd te laten lopen. Tot het moment dat hij pijn in zijn buik krijgt. Iets onschuldigs, dat morgen weer over is? Nee, het is volgens de dokter ernstiger, hij mag niet mee deelnemen aan de reis. Dat redt zijn leven, maar dat weet hij dan nog niet. Pool laat goed de wanhoop en teleurstelling (van zijn buikpijn) vóór de reis zien, en het verdriet en de rouw na de reis, als hij zijn vrienden is verloren. Met het kompas (jaja, je dacht al, waar blijft het?) dat hij van zijn vriend kreeg, gaat hij alsnog de zoektocht aan om de toedracht van het drama te achterhalen.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leeslub van Alles