Vrijdag, 20 april, 2018

Geschreven door: Diaz, Junot
Artikel door: Voskamp, Nico

Het korte maar wonderbare leven van Oscar Wao

Een taalvirtuoze achtbaan

[Recensie] Tsja. Wat moet je zeggen na het lezen van HKMWLVOW – die afkorting hanteren we hier voor het gemak -, dat het een wereldboek is? Dat het overdondert? Dat het sprankelt, om de andere zin verrast, hoge en lage wenkbrauw op een meesterlijke manier mixt, zware thema’s luchtig brengt? Dan zou ik het boek tekort doen. HKMWLVOW is een boek dat je zelf moet ondergaan als een taalvirtuoze achtbaan. Beter kan ik het niet samenvatten.

Of toch maar proberen. In de Dominicaanse wijk van New Jersey, woont Oscar Wao. Hij is een beetje weird. Zijn wereld is die van de comics, fantasy- en sfboeken en computerspellen. Hij leeft in die fantasiewereld en precies zo komt hij op zijn medemensen over: een nerd die praat als een boek. Daarnaast is hij dik en sociaal onhandig, zodat hij nooit meisjes scoort en op school definitief bij de losers hoort.

Oscar zou graag schrijver worden, een missie die tot mislukken gedoemd is, wat niet wegneemt dat hij dagelijks een paar bladzijden vol schrijft. We krijgen een beeld van zijn familie, van zijn land van herkomst (De Dominicaanse Republiek), de lotgevallen van zijn moeder en zus.

Oscar wordt ouder. Hij doorloopt schooltijd (met kleerscheuren), neemt een baantje als leraar aan (niet zo’n goed idee), mist de boot op 2340 verschillende manieren, tot hij op vakantie gaat naar de plek van zijn roots. In de Dominicaanse Republiek vindt hij eindelijk een meisje: Ybón. Nou ja, meisje. Een puta is ze eigenlijk, een dame die horizontaal in haar levensonderhoud voorziet. Voor Oscar geen bezwaar.

Bazarow

Met zijn nieuwe liefde Ybón komen de problemen pas echt op gang. Haar ex-vriendje is namelijk capitán bij de militaire gezagsdragers. En als iets goed georganiseerd is in de Dominicaanse Republiek, dan is het wel het militaire apparaat. Dankzij jarenlange bloedige dictatuur, waar ook genoeg over te lezen is in dit boek, maar we dwalen af. Het conflict met de capitán loopt hoog op, met een ontroerende finale als gevolg.

Dat ontroerende aspect is wel Ă©Ă©n van de belangrijke pijlers van dit boek. Junot Diaz hanteert een springlevende, humoristische stijl (met heuse voetnoten, die uiterst grappig zijn) waar je regelmatig om grinnikt. Alleen de onderwerpen zijn niet om te grinniken. Integendeel.

De grofste misdaden tegen de menselijkheid komen voorbij. De mensonterendste dingen die Oscar (en zijn vader vooral!) overkomen beschrijft Diaz tintelend, met terzijdes, leuk – maar gruwelijk. Dat maakt de betrokkenheid van de lezer bij het verhaal groter. En de leeservaring ontroerender. Junot geeft een mooie boodschap mee. Ondanks misĂ©re, armoede, corruptie, manipulatie, lelijkheid is er toch hoop. Al moet je soms diep graven.

Dan die stijl. Alleen al het motto is briljant. Het is een citaat uit Fantastic Four: “Van welk belang zijn deze korte, naamloze levens… voor GALACTUS??” De meeste schrijvers geven motto’s aan hun boeken mee uit de wereldliteratuur, van filosofen, wereldleiders, Nobelprijswinnaars. Dit is een citaat uit een comic (in Nederland bekend als De Vier Verdedigers). Maar het slaat precies op Oscar en zijn leven.

Als het verhaal losbarst, neemt Diaz je mee vanaf de eerste bladzij en hij laat je niet meer los. In voetnoot 1 geeft hij geschiedenisles: “Voor wie op school zijn halve lesminuut Dominicaanse geschiedenis heeft gemist: Trujillo, een van de beruchtste dictators van de twintigste eeuw, heerste tussen 1930 en 1961 op wel zeer meedogenloze wijze over de DR.” … “De langste en bloedigste door de VS gesteunde dictatuur op het westelijk halfrond (en da’s niet zomaar een record, want het tolereren van door de VS gesteunde dictators is in ons deel van de wereld een Olympische sport; de chilenos en argentinos nemen nog altijd hun petje voor ons af)”.

De spitsvondigheden spatten van de pagina’s – met complimenten aan vertaler Peter Abelsen: “…en kwam hij weer bij met een scrum aan bezorgde passanten om zich heen.” Als Oscar angstig belt met een meisje: “Zijn hart ging zo tekeer dat hij er bang van werd. Maar toen ze opnam was het gelijk: ‘HĂ© Oscar, moet je horen wat mijn zus heeft geflikt – en daar gingen ze, enkele reis BabbeloniĂ«.’ De dialogen zijn soepel: ‘Wat doe je, vroeg Ana. O, niets. Ga je mee naar de film? OkĂ©.'”

Affijn, citeren uit HKMWLVOW is goed beschouwd zinloos. Het hele boek IS een citatenexplosie. Die lopen van goed geformuleerde terzijdes tot messscherpe observaties. Er is maar Ă©Ă©n ding dat ik kan zeggen: leg je afstandsbediening weg en ga dit boek lezen. Je zult er geen spijt van krijgen.

Eerder verschenen op www.nicovoskamp.com