Zondag, 29 december, 2019

Geschreven door: Schaap, Sybe
Artikel door: Dijk, Jos van

Het wendbare verleden

Nietzsche en het populisme

[Recensie] Is het populisme met zijn simpele, oppervlakkige stellingen, zijn botheid en leugenachtigheid wel een diepzinnige filosofische analyse waard, vroeg ik me af. Sybe Schaap gaat in zijn boek Het wendbare verleden; Nietzsche in postmoderne tijden diep in op het denken van hedendaags populisten. Hij grijpt daarvoor terug op Friedrich Nietzsche, de 19e eeuwse filosoof en cultuurcriticus die volgens Schaap zijn tijd ver vooruit was. Nietzsche’s filosofie biedt aanknopingspunten voor het begrijpen van het postmoderne denken dat van grote invloed is op het populisme. Schaap schrijft op een hoog abstractieniveau en geeft slechts spaarzaam actuele voorbeelden van het populistisch denken dat hij probeert te duiden. Dat is jammer voor de leesbaarheid, maar anderzijds ook wel begrijpelijk als je een politieke stroming wilt analyseren en daarbij niet de aandacht wil afleiden met incidentele uitspraken van min of meer toevallige vertegenwoordigers. Want -bij nader inzien heeft Schaap me wel overtuigd van de waarde van zijn onderneming- het populisme is gegeven zijn invloed en aanhang wel degelijk belangrijk genoeg om dieper op in te gaan. En dan, voor een goed begrip, juist los van de dagelijkse tweets en provocerende oneliners van hedendaagse representanten. Schaap maakt het echter niet makkelijk voor degenen die niet gewend zijn aan filosofische betogen.

Ressentiment

Dat Nietzsche een goed uitgangspunt biedt voor het begrijpen van het denken van de populisten maakt Schaap wel duidelijk. Hij koppelt de belangrijkste thema’s en leerstukken uit Nietzsche’s filosofie aan het postmoderne denken en laat dan zien hoe de populisten dit vervolgens verwerken en verdraaien in hun kijk op de wereld. Een van zijn belangrijkste stellingen betreft het omgaan met de geschiedenis. Nietzsche schrijft over de breuk tussen de pre-moderne cultuur waarin religie de hoofdrol speelde en de moderne, geïndustrialiseerde en geseculariseerde samenleving. Populisten koketteren met het pre-moderne verleden, niet omdat ze terug willen keren naar vroeger tijden, maar meer om hun afkeer van bepaalde aspecten van het heden beter te kunnen etaleren. De hang naar een idyllisch verleden heeft geen ander doel dan het creëren van kunstmatige wij-zij tegenstellingen gekoppeld aan de politieke ambitie om het ‘volk’ van de wij-kant een overwinning te laten boeken op andere identiteiten.

In deze wijze van omgaan met het verleden zit veel ressentiment ten opzichte van hedendaagse maatschappelijke veranderingen. Het oproepen van een fictief verleden ter meerdere eer en glorie van de eigen identiteit vloeit voort uit gevoelens van angst voor het vreemde en een verzonnen dreiging van de kant van heimelijke complotten. Het geschiedenisverhaal levert niet meer op dan een wij-gevoel van angstige en verontwaardigde lieden, schrijft Schaap. ‘Het gaat er om onvrede en wrok gerichtheid te geven. Slachtoffergevoel dient ertoe te beschuldigen en aan te klagen.’ Populisten maken zichzelf tot slaaf van de omstandigheden. Zij ageren vanuit een ‘mentale beklemming’ en wentelen hun onbeheerste en onverwerkte onvrede af op anderen die zij zo ook slachtoffer  maken. (p. 187-189)

Archeologie Magazine

Geen toekomst

Een van Nietzsche’s cultuurkritische leerstukken is zijn typering van ‘de laatste mens’. Hij duidt hiermee op een stadium in de ontwikkeling van het mensdom waarin van vooruitgang geen sprake meer is. Het hier en nu krijgt een eeuwigheidswaarde en daarin moet alle geluk gerealiseerd worden, zo niet dan is er sprake van onrecht, nood en slachtoffers. Nietzsche schrijft dat mensen deze gesteldheid in zichzelf moeten overwinnen. Schaap: “dit vraagt van de mens om in persoon tot een soevereine geest uit te groeien, iemand die in staat is tot zelfkennis, zelfbeheersing en verantwoordingszin.” (p. 259) Hier herkennen we de klassiek-liberale wortels van de auteur, tot voor kort lid van de Eerste Kamer voor de VVD. Anders dan de liberalen en andere nazaten van De Verlichting is het populisme niet toekomstgericht en kent het geen doelen voor maatschappijverandering. Populisten kijken eigenlijk vooral wrokkig om naar een fictief verleden.

Niets is meer waar

Chaos en nihilisme domineren in Nietzsche’s beelden van de moderne wereld. De mens is in alle opzichten van god los, een zwerver, die innerlijk verwildert (kan de aanvechting om in dit woord een s toe te voegen ter illustratie van het gezegde ‘nomen est omen’ nauwelijks bedwingen). De relativering van de waarheid is ook het kenmerk van de postmoderne filosofie. Maar als niets meer waar is, is alles dan geoorloofd?

“Dat ‘niets waar’ is wordt misbruikt voor moraliserende oordelen. Dit door feiten weg te laten, te vervalsen, ze in een ander perspectief te plaatsen, of ze te verzinnen. Maar dan wel als populistische vrijbrief voor het presenteren van ficties en leugens als geloofszekerheid. Op deze wijze zet het populisme, gelegitimeerd door de post-moderne ontkenning van de idee van waarheid, het verleden naar zijn hand. Een wendbaar gemaakt verleden legitimeert het oordeel over goed en kwaad. Een cynische houding tegenover de idee van waarheid maakt alles mogelijk, alles geoorloofd.” (p.169)

Daarbij voedt dit post-moderne waarheidsrelativisme ook het ressentiment tegen degenen die al dan niet vanwege hun professie de waarheid blijven zoeken: wetenschappers, rechters, journalisten. Uitsluitend wat de machtsclaim van de populisten dient is ‘waar’.  De rest is machtsmisbruik van de vijandelijke elite.

Poetin

Ook vanuit andere bekende thema’s uit de filosofie van Nietsche, zoals ‘god-is-dood’, de ‘wil tot macht’ en de ‘Übermensch‘ legt Schaap via de post-moderne filosofie lijntjes naar het populisme. Een nadere definitie of begrenzing van deze stroming geeft hij niet. Dat riep bij mij soms wel vragen op. De verheerlijking van het hier-en-nu lijkt me geen exclusief kenmerk van het populisme. Een van de spaarzame momenten dat Schaap een actueel voorbeeld van populisme bespreekt is te vinden in een verhandeling over Poetin en de Russische filosoof Ivan Ilyan, door historicus Timothy Snyder ‘de filosoof van het Russische fascisme’ genoemd. Maar in hoeverre mogen populisme en fascisme in elkaar geschoven worden?

Sybe Schaap schreef een doorwrochte en diepgaande analyse van het post-moderne en populistische denken. Hij vraagt wel veel van de lezer. Ik kan niet zeggen dat hij er in geslaagd is zijn boek voor een breder publiek toegankelijk te maken. Daarvoor zijn er veel te veel lange uitweidingen over begrippen van Nietzsche en andere filosofen, voorafgegaan door alinea’s vol met reeeksen vragen waarop het antwoord vervolgens niet of moeilijk te vinden is. Een compacte populaire versie van zijn beslist waardevolle inzichten zou welkom zijn (dan graag met een aantrekkelijker, beter leesbaar omslag).

Eerder verschenen op sargasso.nl

Lees ook de recensie van de hand van Bas Aghina: Nietzsche in postmoderne tijden