Zaterdag, 14 november, 2020

Geschreven door: Kok, Auke
Artikel door: Jager, Koen de

Johan Cruijff

Ik begrijp nu ook veel beter wat voor een talent Cruijff was

[Recensie] De biografie van Johan Cruijff van Auke Kok is een dik boek van 639 pagina’s. Het hadden er ook 1000 kunnen zijn want er is veel te vertellen. Elders in mijn blog noemde ik Cruijff een fenomeen en dit boek onderstreept dat ten volle.

Eerst maar even de ophef. De publicatie in 2019 werd overschaduwd door een zinsnede in het boek waarin Kok aangeeft dat Cruijff zich jaarlijks een miljoen zou laten uitbetalen door zijn eigen Johan Cruyff Foundation. Klopt niet, zo riep de Foundation en de rechter bepaalde dat er gerectificeerd moest worden met een inlegvel. Dat gebeurde ook, maar Kok werd later gerehabiliteerd door een onderzoek van Follow the Money; hij had hoogstens wat gedetailleerder moeten zijn.

Jammer dat die ophef de rest van het boek overschaduwde, want dit is een prima biografie. Ik heb Cruijff op tv nog zien voetballen maar ben te jong om alles meegekregen te hebben van zijn prestaties. Ik ken al die fragmenten van hem, de wereldgoal met dat lintje in zijn hand, de zwembadaffaire in West-Duitsland, het afdalen van de tribune naar Leo Beenhakker, de penalty met Jesper Olsen enzovoort, maar al die losse kennis krijgt nu een verband. Ik begrijp nu ook veel beter wat voor een talent Cruijff was.

Dat wordt al duidelijk in zijn jeugd. Cruijff voetbalt zò goed, hij hoeft niet toe te groeien naar het eerste elftal bij Ajax, hij eist zijn plaats simpelweg op met doelpunten. De strenge Rinus Michels is zijn trainer en Michels zal in heel zijn carrière belangrijk voor Cruijff zijn; ze denken hetzelfde over voetbal. Samen maken ze Ajax kampioen.

Boekenkrant

Cruijff is een prater. Zo jong als hij is, roept en dirigeert hij zijn medespelers onophoudelijk alle kanten op. Met reden, want Cruijff ziet het spel als geen ander. Het spel zonder de bal is voor hem even belangrijk als met de bal. Het werd zijn medespelers wel eens te veel;

“Zijn gebabbel nam met het groeien van zijn zelfvertrouwen alleen maar toe. Zijn oudere teamgenoot Henk Groot riep soms: ‚ÄėHou nou je smoel een keer, kleine.‚Äô Maar lang hielp dat nooit. ‚ÄėNa een poosje ging hij gewoon weer verder met ouwehoeren,‚Äô herinnerde Groot zich later. ‚ÄėDie kleine was een zenuwlijder die zich overal mee bemoeide en altijd zijn mening gaf. Ik moet wel toegeven dat hij bijna altijd gelijk had, maar hij lulde gewoon te veel.”

Privé praat hij een stuk minder overigens. Hij trouwt met Danny en zij bepaalt hoe het er thuis aan toe gaat. Haar vader, Cor Coster, gaat Cruijff op zakelijk vlak bijstaan. Daarin is Cruijff een absolute pionier. Hij sluit sponsordeals, gaat geld voor interviews vragen die niet direct met voetbal te maken hebben en komt op voor zijn salaris en premies. Daar profiteren zijn medespelers vaak ook van. Cruijff schroomt niet om het bestuur van een club onder druk te zetten, bij voorkeur als er een belangrijke wedstrijd voor de deur staat.

Met Ajax wint hij naast nationale titels ook drie maal de Europacup I, maar een op het oog futiele aanvoerderskwestie zorgt ervoor dat Cruijff zijn heil in Barcelona zoekt. Hij komt het land in als semoviente, dat wil zeggen als schaap of koe. Gaat u het vooral zelf lezen. Die club heeft nog geen grote successen gehaald, tot Cruijff komt (Michels is daar inmiddels trainer). Het zal meteen resulteren in een kampioenschap en Cruijff is er mateloos populair. Zakelijk gezien gaat het hem ook daar voor de wind, tot hij Michel Basilevitch tegenkomt. Die wint het vertrouwen van Cruijff en zal namens hem talloze investeringen doen die faliekant verkeerd uitpakken. Cruijff zal er miljoenen mee verliezen.

Inmiddels is er met het Nederlands elftal een WK-finale verloren en gaat het sportief gezien in Barcelona ook niet zo goed meer. Michels is weg en met de nieuwe trainer Weisweiler botert het niet;

Weisweiler herinnert zich nog een dialoog met Cruijff;

“Cruijff: ‚ÄėOch, u bepaalt de tactiek vooraf en ik bepaal de tactiek op het veld.‚Äô
Weisweiler: ‚ÄėDat geloof je toch zeker zelf niet?‚Äô”

Uiteraard geloofde Cruijff dat wel en hij zou gelijk krijgen, Weisweiler kon gaan. Na vijf jaar houdt Cruijff het ook voor gezien. Een overval op zijn gezin heeft er goed ingehakt. Zijn geld is verdampt en hij kan in de Verenigde Staten een hoop geld verdienen om het aan te vullen. Hij gaat in Los Angeles en in Washington voetballen. Ondanks de slechte voorzieningen voor voetballers vindt hij er zijn draai, hij vind het leuk om weer te pionieren. Hij zet zich ook in voor goede doelen en zal daar later in Nederland vervolg aan geven met zijn Cruyff Courts, de voetbalveldjes, en de Cruyff Foundation.

Na een avontuur bij de Spaanse club Levante komt hij terug naar Nederland en gaat als technisch directeur aan de slag bij Ajax. Niet als trainer, want Cruijff gaat natuurlijk geen trainersopleiding volgen en een diploma krijgt hij vooralsnog niet geschonken. Hij doet volop mee met positiespelletjes en rondo’s;

“‚ÄėTijdens het meespelen zie je gemakkelijk fouten,‚Äô zei hij daarover in een interview. ‚ÄėBovendien kan ik alles nog beter voordoen dan de spelers het zelf kunnen, en zie ik alles nog veel beter. Dat dwingt respect af. Het lijkt grootspraak, maar het is gewoon een feit. Ik ben de baas maar tegelijk voel ik me speler.‚Äô”

Hij zou met Ajax twee maal de KNVB-beker winnen en de Europacup II, waarna hij als trainer bij Barcelona aan de slag gaat. Als hij met die club de Europacup I wint kan hij niet meer stuk daar. Ondertussen krijgt hij wel hartproblemen waardoor hij stopt als fervent roker. Ik kan mij de anti-rookreclame van hem nog goed voor de geest halen. Cruijff moet het rustig aan doen, hoewel hij nog wel bondscoach van Oranje zou willen worden. Zijn oude vriend Rinus Michels boort hem dat door de neus als KNVB-bestuurder. Cruijff houdt het bij het geven van commentaar voor de NOS als analist, tot hij in 2016 aan longkanker overlijdt.

Er is nog oneindig veel meer te vertellen, maar gelukkig hebben we daar de biograaf voor. Kok heeft een uiterst leesbare biografie geschreven die ik in no-time uitlas. Je gaat vanzelf op zoek naar zijn doelpunten, de Cruijff-turn of andere acties die beschreven worden. Je kan hoogstens zeggen dat de beginjaren bij Ajax en Barcelona meer aandacht hebben gekregen dan zijn jaren als trainer en analist, dan zouden die 1000 pagina’s wel gehaald zijn. Het had van mij gemogen.

Eerder verschenen op CasaKoen