Donderdag, 3 december, 2020

Geschreven door: Merwijk, Jeroen van
Artikel door: Veen, Evert van der

Kanker voor beginners

Kennismaken met


[Recensie] Jeroen van Merwijk is cabaretier, tekstschrijver en beeldend kunstenaar. In de 35 jaar dat hij actief is, heeft hij 20 theaterprogramma’s gemaakt.

In dit boek Kanker voor beginners beschrijft hij op lichtvoetige wijze, vaak met een ondertoon van humor, zijn ervaringen als hij hoort dat hij een ernstige vorm van kanker heeft. Het boek Kanker voor beginners heeft dan ook als ondertitel Een handleiding kanker volgens de methode Van Merwijk mee gekregen. Heeft hij een methode? Eerder een stijl van omgaan, een manier van leven die de lezer wellicht kan inspireren om de strijd met kanker aan te gaan en daarbij ondanks alles het zicht op het leven niet te verliezen.

Na een voorstelling op oudejaarsavond in De Kleine Komedie in Amsterdam voelt Jeroen zich niet helemaal goed. De serieuze toon van de arts treft hem en alleen al daaraan merkt Jeroen dat het bericht ingrijpende consequenties voor hem zal hebben. Hij beschrijft zijn ervaringen in het ziekenhuis en die zijn informatief voor lezers. Hij legt uit wat er allemaal gebeurt en hoe hij dat ervaart. Wie nooit in het ziekenhuis is geweest, kan daar het nodige uit leren en hoort vrij gedetailleerd hoe het proces van onderzoeken en behandeling verloopt.

Jeroen is eerlijk over zichzelf en beschrijft in een korte, krachtige stijl wat hij zoal meemaakt. Zijn boek laat zich gemakkelijk lezen en is herkenbaar voor wie zelf met kanker heeft te maken of daar van dichtbij mee in aanraking komt. Ingrijpend is de zin waarin alles samenkomt: “Daar is verder niets aan te doen en dus kan ik niet meer genezen”, pag 53. Toch komt Jeroen van Merwijk niet in opstand maar aanvaardt hij zijn ziekte, niet gelaten maar energiek. In een hoofdstuk Misschien blikt hij terug op zijn leven en overweegt hij allerlei gebeurtenissen en aspecten van zijn bestaan.

Geschiedenis Magazine

Soms is zijn toon mild-cynisch zoals in deze zin: “Zonder bijwerkingen van een kuur is een kanker geen echte kanker en kun je eigenlijk net zo goed geen kanker hebben”, pag 65 – 66. Hij realiseert zich overigens wel hoe deze uitspraak kan overkomen. Hij wil er maar mee zeggen dat kanker per saldo ingrijpende gevolgen heeft voor een mens en verwoordt dat op deze hem typerende manier. Het zal niet iedereen aanspreken natuurlijk maar zoals mensen in alle opzichten verschillend zijn, zo beleven ze ook hun ziekte op een persoonlijke manier. De een wordt stil en trekt zich van anderen terug, de ander gaat nadrukkelijk de strijd aan en is niet van plan zich op voorhand gewonnen te geven. Weer een ander heeft een mateloze behoefte om erover te praten en moĂ©t overal z’n verhaal kwijt of zoekt overal naar hulp en een medische oplossing, soms tegen beter weten in.

Opvallend is dat Jeroen van Merwijk in dit hele proces zijn positieve levenshouding weet te bewaren. Menig mens wordt somber en angstig, verliest de levensmoed en klampt zich krampachtig aan elke strohalm van het leven vast. Jeroen schrijft zelfs: “Ik had tot nu de kanker dan ook niet willen missen”, pag 129. Hij beleeft de ziekte als een verrijking en dat zal niet iedereen hem kunnen of willen nazeggen.

Bijzonder is dat hij in een radioprogramma Spijkers met koppen over zijn boek en zijn ziekte praat. Hij schreef namelijk het boek Was volgend jaar maar vast voorbij, met 365 liedteksten over actuele gebeurtenissen in de wereld. Na de uitzending komen er veel reacties en “het lijkt wel alsof Jeroen van Merwijk plotseling een ander woord is geworden voor kanker”, pag 97. Hij heeft daarbij een dubbel gevoel want “kanker krijgen kan iedereen”, pag 94 en bedoelt daarmee dat het geen bijzondere ‘prestatie’ is maar iets dat een mens gewoon overkomt.

Goed is ook de aandacht die Jeroen voor zijn vrouw heeft. Zij staat er dicht bij maar kan zich eenzaam voelen want de aandacht gaat meestal grotendeels uit naar degene die ziek is. Het is dan ook waardevol dat Jeroen haar positie en beleving benoemt. De partner is de meest nabestaande van iemand die kanker heeft maar hij of zij komt nogal eens tekort in de ruimte om te praten over wat de ziekte met hem of haar doet. Jeroen maakt zo duidelijk dat een mens deze – maar dit geldt voor elke – ziekte nooit alleen heeft.

Aardig is zijn moeite die hij verwoordt om verder te schrijven met dit boekje. Leerzaam maar wel wat gedateerd zijn de vijf stadia in het rouwproces van Elisabeth KĂŒbler Ross, al wordt haar naam niet genoemd maar deze benadering is wel van haar afkomstig. Jeroen schrijft een ervaringsverhaal en pretendeert geen medische of psychologische deskundigheid. Er zijn tal van nieuwere inzichten in rouw die dit beproefde model in een ander licht zetten. De vijf stadia blijken in de praktijk toch meer variaties te kennen. Ook wordt er tegenwoordig wel gesproken van rouwtaken: de ‘opdrachten’ die het leven na een verlies met zich meebrengt om vanuit dit verlies verder te gaan. ‘De draad oppakken’ zoals we dat in de volksmond noemen.

Een zeer toegankelijk boekje dat mensen door de herkenning een steuntje in de rug kan bieden. Jeroen weet deze nog altijd beladen ziekte speels en tegelijk met de nodige ernst te verwoorden.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles