Vrijdag, 28 juni, 2019

Geschreven door: Hines, Barry
Artikel door: Nooij, Marjon

Kes

Zo vrij als een vogel

[Recensie] Kes is een aangrijpende coming-of-ageroman over Billy Caspar, een vijftienjarige en dromerige jongen uit een Engels mijnwerkersdorpje in South Yorkshire, waar hij woont met zijn oudere broer Jud en zijn moeder. Het leven is er hard, het is geen vetpot en doordat er ook nog eens een vader aan het sjofele gezin ontbreekt, is het Jud die dient te zorgen voor hun levensonderhoud door te werken in de mijnen. Het is een rauw verhaal met scherpe randjes over een solitaire knul. Billy komt nu eens vertederend over, dan weer als een straatschoffie dat op zijn tijd zijn lange, grijpgrage vingers gebruikt en iets gapt omdat hij honger heeft.

Het nest waar hij in opgroeit is niet warm te noemen. Zijn moeder vindt het maar lastig om een liefdevolle en betrokken rol te vervullen en zoekt haar vertier voornamelijk buitenshuis, waarbij ze geregeld vergeet zich te bekommeren om haar twee kinderen en te zorgen voor voldoende mondvoorraad. Doordat het gezin niet ruim behuisd is, slapen de jongens op Ć©Ć©n kamer en in Ć©Ć©n bed. Het boek opent met een scene van het ochtendritueel. Jud moet voor zijn werk eerder opstaan dan zijn broertje, wat de nodige strijd tussen de jongens oplevert. Billy is degene die zijn broer op zijn verantwoordelijkheden wijst, schopt hem bijna letterlijk het bed uit, waarna hij zelf nog even terug kan onder de warme dekens. Helaas moet hij het meer dan eens bezuren, wanneer Jud de laatste boterhammen heeft meegenomen en Billy met een lege maag zijn krantenwijk moet doen. Lopend, omdat Jud tot overmaat van ramp ook zijn fiets nog heeft meegenomen.

De beschrijvingen van onder andere de natuur zijn zo mooi dat je tijdens het lezen steeds met Billy mee kunt lopen en ruiken, voelen en beleven wat hij ervaart. Het is gevuld met veel filmische enĀ  beeldende beschrijvingen, de auteur heeft een scherp oog voor details.
In een paar passages komt heel helder naar voren hoe de hoofdpersoon zelf aankijkt tegen zijn leventje, de dingen die voorbij zijn en de dingen die hij zo graag anders had gezien. De auteur laat de lezer beleven hoe Billy zich de fijne momenten herinnert met zijn vader en hoe hij zijn leefomstandigheden zou willen veranderen.

School lijkt voor Billy een noodzakelijk kwaad te zijn – hoewel hij altijd plichtsgetrouw op tijd aanwezig wil zijn – en zijn resultaten laten danig te wensen over. De sfeer is er vaak onvriendelijk. Leraren zwaaien gretig met het rietje die ze op de handen van “lastpakken” laten zwiepen. Tussen de jongens is ruzie zoeken, vechten en pesten schering en inslag, waar Billy meer dan eens slachtoffer van wordt. Ook de gymnastiekleraar Sugden is behept met nogal sadistische trekjes, wanneer Billy na de les snel zijn kleren aanschiet. Hij staat dan te popelen om weg te gaan, maar mĆ³et zich weer uitkleden om te douchen. De schrijnende passage laat zien hoe ongelijk de verhoudingen tussen leraar en leerling zijn.

“Terwijl Billy bezig was met zijn enkels en hielen, posteerde Sugden drie jongens aan de ene kant van de doucheruimte, waarna hij zelf naar de andere kant liep, waar de toevoer naar de leidingen langs de muur werd geregeld. Hat draaiwieltje waarmee je de toevoer kon afstellen zat op een korte stang en was verdeeld in acht segmenten die de vorm hadden van bloemblaadjes. Ter hoogte van de plek waar de leidingen voor koud en warm water bij elkaar kwamen zat een thermostaat waarvan de meter in het rood stond, op 43 graden. […] Sugden draaide hem via WARM naar KOUD. Een paar tellen lang was er geen verandering van temperatuur af te lezen en bleef de rode schijf het grootste deel van de meter bedekken. Toen begon hij weg te zakken, eerst langzaam, daarna sneller […] Het koude water deed Billy’s adem stokken. Hij stak zijn handen naar voren alsof hij wilde voelen of het regende, en rende toen naar het uiteinde van de doucheruimte. […]
‘Oververhit, Caspar?
‘Laat me d’r uit, meneer. Laat me erdoor.’
‘Ik dacht dat je wel even zou willen afkoelen na al je inspanningen in het doel.’
‘Ik sta te vernikkelen!’
‘Je meent het.'”

De jongens krijgen toch medelijden met hun klasgenoot, maar de leraar weet van geen wijken. De reden dat Billy zo graag snel naar huis wil is Kes, de torenvalk die hij uit het nest heeft gehaald. De naam Kes is een afkorting van ‘kestrel’, wat ‘torenvalk’ betekent. Vele uren hij besteedt hij aan het lezen van boeken over valkerij en wanneer hij ze niet mag lenen bij de bibliotheek, weet hij er stiekem een te gappen. Zo leert hij precies hoe hij zijn valk af kan richten en elk vrij uur is hij met Kes bezig. Op die momenten is Billy helemaal in zijn element. Zijn succesvolle resultaten kunnen ook nog eens rekenen op de oprechte belangstelling van meneer Farthing.
Een onbezonnen actie komt Billy echter heel duur te staan, waarbij hij niet echt hoeft te rekenen op de steun van zijn moeder.

Aan het eind van het boek creƫert de auteur een rustpunt en haalt hij de vaart uit het verhaal, door de omgeving van het leefgebied van Billy heel gedetailleerd op papier te zetten. Het personage van Billy en de relatie tot zijn valk worden psychologisch magnifiek uitgediept. Het is een grote aanwinst dat deze moderne klassieker ruim vijftig jaar na dato eindelijk in het Nederlands is vertaald; uitstekend werk van de vertalers.

In zijn nawoord schrijft Hines dat hij uit eigen rvaringen heeft geput. Ook hij zwierf veel door de natuur rond het mijnwerkersdorpje.

Eerder verschenen op Metdeneusindeboeken