Maandag, 30 november, 2020

Geschreven door: Wright, Ronald
Artikel door: Lansink, Cyril

Kleine geschiedenis van de vooruitgang

Vooruitgang keert zich tegen zichzelf

[Recensie] Je hoeft geen doemdenker te zijn om je zorgen te maken over de stand van zaken in onze wereldwijde beschaving. Ecologische kaalslag, grenzeloze verkwisting van grondstoffen, honderden miljoenen mensen die hun leven slijten in erbarmelijke omstandigheden, tienduizenden die dagelijks sterven door honger, vervuild drinkwater en gebrek aan elementaire gezondheidszorg, en daarbij de inertie van de gevestigde macht om werkelijk iets aan de status quo te veranderen – ze vormen de constanten in een globaal economisch systeem van westerse makelij. Geloof in de vooruitgang vormt de ‘religie’ van dit systeem, economische groei en technologische innovatie fungeren als de oplossingen voor alle problemen. 

Dat die vooruitgang zich wel eens tegen zichzelf kan keren, is een boodschap die men minder graag hoort, laat staan dat men zich er veel aan gelegen laat liggen. Toch wordt dat de hoogste tijd, aldus de Britse schrijver-historicus Ronald Wright in een boeiend en verontrustend essay. Want zonder een duidelijke koersverandering stevent onze beschaving op de afgrond af en zal ze aan haar eigen ‘succes’ ten onder gaan. 

Het is vijf voor twaalf: het is vaker gezegd. In de uitwerking van deze stelling is Wright echter even origineel als overtuigend. Zijn cultuurkritiek wordt gevoed door een onderzoek naar de opkomst en vooral ondergang van vroegere culturen. Door na te gaan hoe Soemeriërs, Romeinen, Maya’s en Paaseilandbewoners hun beschavingen tot wasdom lieten komen om ze daarna om zeep te helpen, wordt – ondanks de verschillen – een algemeen menselijk patroon zichtbaar, waarin we ook onze eigen samenleving kunnen herkennen. Ongebreidelde bevolkingsgroei, roofbouw op de natuur, de concentratie van macht en rijkdom, de ideologische legitimatie daarvan, het onvermogen om de lange termijn te laten prevaleren boven de korte termijn – het zijn terugkerende elementen in de neergang van wat eens rijke culturen waren. Zelfdestructie blijkt voor een beschaving het gevaar bij uitstek; “vooruitgang kent een innerlijke logica die tot een catastrofe kan leiden”. 

Vroeger was het dus niet beter. Helaas – voor ons – echter ook niet slechter. De mens lijkt onverbeterlijk. In de spiegel van verloren gegane beschavingen laat Wright zien hoe we zijn: “ons huidige gedrag is typisch dat van falende samenlevingen op het hoogtepunt van hun hebzucht en arrogantie”. Maar, zo waarschuwt hij, “iedere keer dat de geschiedenis zich herhaalt, gaat de prijs omhoog”. Als onze kapitalistische beschaving in elkaar stort, zullen de gevolgen voor mens en aarde desastreuzer zijn dan ooit in de geschiedenis. 

Bergen

Volgens Wright is het echter nog niet te laat. De logica van de zelfdestructie is niet dwingend. Onze kennis van eerdere beschavingen kan ons helpen het tij te keren. We weten wat er fout ging en hoe. We kunnen nog steeds kiezen voor matiging en voorzorg in plaats van voor buitensporigheid en roekeloosheid; we kunnen nog steeds beslissen om hulpbronnen beter te delen, verspilling en vervuiling te beperken en de economische grenzen af te stemmen op de natuurlijke. Maar in het besef dat de huidige leiders, die van de VS voorop, alleen externe vijanden van de westerse beschaving wensen te zien (de oorlog tegen de terreur) en nooit blijk geven van het zelfkritische inzicht waartoe Wright uitnodigt, hoeven we ons voorlopig weinig illusies te maken dat er iets aan de status quo van onze ‘beschaving’ zal veranderen. 

Eerder verschenen in Intermediair