Donderdag, 2 december, 2021

Geschreven door: Stubbs, David
Recensie door: Mourits, Bertram

Mars By 1980 & Je t’aime

Engelse en Franse popmuziek

[Recensie] “Het verhaal van elektronische muziek”, wil de Brits popjournalist David Stubbs vertellen in zijn boek Mars By 1980. Dat is ambitieus, en hét verhaal is het ook niet geworden; dat kan ook niet in 400 bladzijden. Stubbs begint in 1626, met een futuristische tekst van Francis Bacon (de filosoof dus, niet de schilder) en eindigt bij de dj-sets aan het begin van deze eeuw. Met hink-stap-sprongen gaan we door de muziekgeschiedenis. Van Varèse naar Zappa naar Marinetti naar Devo, van John Cage naar Skrillex, Derrick May, Joe Meek en vele anderen. Als het geen echte geschiedenis is: mooie essays zijn het wel – al is de uitgebreide aandacht voor de elektrische periode van Miles Davis wel weer merkwaardig: daar kwam geen elektronica bij kijken. Wel overtuigend is het portret van Karlheinz Stockhausen, die geborneerd reageerde op de elektronische muziek van Aphex Twin of Plasticman. Mars By 1980 is chaotisch en associatief, zeker niet volledig maar wel heel rijk, en met een tijdlijn en een playlist die de boel een beetje bij elkaar houden. Stubbs is een goeie verteller, die maakt dat je de muziek wil horen; zijn toon is relativerend met een vage melancholie die al blijkt uit de titel, waaruit een soort optimisme blijkt dat achterhaald is: Mars is bijna veertig jaar na 1980 nog steeds niet gehaald; futurisme is geschiedenis geworden.

De Franse muziekjournalist Véronique Mortagine  (ze schreef eerder over onder anderen Johnny Halliday, Manu Chao en Cesaria Evora) ontrafelt in Je t’aime niet alleen de liefdesgeschiedenis tussen Jane Birkin en Serge Gainsbourg maar portretteert en passant het Franse culturele leven in film en muziek. Kan ook moeilijk anders: de schaduw van Brigitte Bardot – die toch maar bij haar man bleef in plaats van met Gainsbourg verder te gaan – hangt levensgroot boven het verhaal. De filmopnames van Roger Vadims Don Juan, waarin Bardot en Birkin het bed delen, is een dramatisch hoogtepunt in het boek. Niet eenvoudig voor Birkin om in Bardots voetsporen te treden, zou je zeggen, maar zelf maakte ze er geen kwestie van. Het hielp ook dat ze muzikaal voor Gainsbourg veel meer betekende dan Bardot ook kon. Ze komt ook veel fraaier uit het boek dan Gainsbourg, die kwetsen en mislukken als ideale voedingsbodems voor zijn kunst beschouwde – maar zij bleef proberen om hem te veranderen, met liefde als wapen. De ontroerendste poging vond postuum plaats, wanneer Birkin met groot symfonieorkest de liedjes van Gainsbourg opneemt; zoiets kan al snel te theatraal worden, maar Birkin/Gainsbourg: le symphonique (2017) werd juist een prachtige plaat.

Eerder verschenen op Heaven

Boekenkrant