Donderdag, 9 september, 2021

Geschreven door: Norman, Philip
Artikel door: Quis leget haec?

Mick Jagger

Voor fans een must-read

[Recensie] Zo’n 10 jaar terug las ik de autobiografie van Keith Richards, de gitarist van de Rolling Stones. Het andere boegbeeld is natuurlijk Mick Jagger. Die zou ooit zijn biografie schrijven maar dat is er nooit van gekomen, zijn geheugen is ‘te selectief’ gebleken. Erkend biografieschrijver (zie ook mijn bespreking over Jimi Hendrix) Philip Norman heeft de handschoen opgepakt en heeft deze lijvige biografie van 656 pagina’s geschreven.

Het is een boek dat je als Stones-liefhebber, want dat ben ik, gelezen wil hebben. Tegelijkertijd ben ik niet veel wijzer geworden na het verhaal van Keith Richards en de feiten die ik al kende over de band. De voorliefde van de jonge Mike Jagger (het werd later pas Mick) voor de blues is wat hem onderscheidt van zijn klasgenoten en waarin hij Keith Richards vind. Jagger heeft niet bepaald een achtergrond in ellende en misère waar die muziek zo goed bij gedijt, hij heeft een gelukkige jeugd in het graafschap Kent. Toch weerhoudt dit hem niet om een band op te richten en zich vol op de blues te storten. Multi-instrumentalist Brian Jones komt erbij en ontpopt zich tot de leider van de band. Hoe de band moest heten, dat was nog een ding. Brian koos voor de ‘Rolling Stones’, ontleend aan een Muddy Waters-song maar;

“Mick, Keith, Stew en Dick voerden alle vier aan dat het klonk als een kruising tussen een klassiek vioolkwartet en een Iers showorkest, maar de kogel was door de kerk – en het was per slot Brians groep.”

Met manager Andrew Loog Oldham komen er meer boekingen, hoewel het eerste televisie-optreden nog niet direct een daverend succes is. Recensent Craig Douglas over Micks zang;

Schrijven Magazine

“Erg gewoontjes. Geen woord van te verstaan. Met een Liverpools accent had het misschien nog wat kunnen worden.”

De gebeurtenissen volgen zich in rap tempo op. De eerste successen komen, Mick verbreekt zijn verloving met Chrissie Shrimpton en zij doet een zelfmoordpoging. Mick ontmoet Marianne Faithfull en krijgt een relatie met haar. Brian Jones raakt meer en meer verslaafd en gaat erg zorgelijk gedrag vertonen. Ook Keith raakt in de ban van de drugs tot er een inval wordt gedaan in zijn landhuis.

Bij dit voorval staat Norman lang stil, want het zorgt bijna voor het einde van de carrière van de Stones. Norman onthult zelfs dat er een mol van de CIA en MI5 is geregeld om de Stones van lsd te voorzien en ze zo met hoge straffen van het podium te krijgen. De identiteit van deze ‘Acid King’ David wordt in dit boek onthuld. Mick verdwijnt in voorlopige hechtenis en…

“Intussen reed Keith, die nog op borgtocht vrij was, op topsnelheid naar Redlands om schone kleren en wat andere spullen voor Mick te halen, zoals een boek over Tibetaanse filosofie en een legpuzzel.”

Soms is het wat minder rock-‘n -roll blijkbaar. Gelukkig komen ze er redelijk goed vanaf met hun straffen. Mick en Keith hebben inmiddels de smaak te pakken met het schrijven van nummers en dat vind ik verreweg de meest interessante delen uit dit boek. Waar komt een nummer als ‘Sympathy for the Devil’ vandaan en hoe ontstaat het? Die informatie staat in het boek maar vormt helaas niet de hoofdmoot. Wat me bijstaat uit dit boek zijn voornamelijk de relaties van Mick Jagger en dat waren er nogal wat.

Chrissie Shrimpton, Marianne Faithfull, Marsha Hunt (waar hij een dochter mee kreeg), Bianca Jagger (waar hij ook een dochter mee kreeg), Jerry Hall (twee dochters en twee zonen) en Luciana Morad (een zoon). De biografie was nog niet geschreven toen zijn laatste zoon met Melanie Hamrick werd geboren. Voeg daarbij de talloze andere vriendinnen die Jagger heeft gehad en zijn trouweloze gedrag, dan heeft u een aardig beeld van deze biografie.

Valt het dan uiteindelijk tegen? Nee, dat toch ook weer niet. Als Stones-fan wil je het toch lezen en natuurlijk komen de optredens wel aan bod. Norman maakt prettige nuanceringen bij de dood van Brian Jones, waar Jagger nogal eens verwijten krijgt over zijn rol en doet dat ook bij het drama van Altamont. Bij dat optreden viel een dode door de ingehuurde Hells Angels-brigade en Norman neemt Jagger in bescherming waar hij ook hier kritieken kreeg op zijn rol.

Wat wel jammer is, is dat de eerste jaren onevenredig veel aandacht krijgen naar mijn smaak. Als ik op pagina 304 ben zitten we nog steeds in het jaar 1968 en de laatste jaren worden dus iets te snel afgedaan. Er is wel aandacht voor de solo-carriëre van Jagger maar de tournees met de groep vormen de hoofdmoot. Overigens gingen de heren op den duur ook aardige grillen vertonen;

“In Roundhay Park eisten ze dat er backstage een Japanse tuin zou worden aangelegd. Met een beekje, een brug, een waterval en koikarpers. Op de parasols in dit heilige der heiligen moest in het Japans ‘Welkom Rolling Stones’ staan… Het optreden werd gepresenteerd door Andy Kershaw…die weinig moest hebben van zinloze grillen van supersterren. Hij haalde er een kalligraaf van Leeds University bij die een andere Japanse tekst op de parasols schilderde: ‘Zak in de stront, Rolling Stones.”

Dit boek is dus van alles wat met een lichte overkill aan de relaties van Mick. Een iets scherpere redactie had gemogen, omdat de volgende anekdote drie keer wordt genoemd; dat is het geval waarin Mick Jagger drummer Charlie Watts opbelt voor iets en vraagt waar ‘zijn’ drummer bleef. Volgens de overlevering verkocht Charlie Mick hierop een mep en beet hem toe het nooit meer over ‘zijn’ drummer te hebben, want “jij bent mijn zanger”. Ik las dit boek toen ik hoorde van het overlijden van Charlie Watts en dan krijgt het boek toch ineens een andere lading. Maar voor fans dus eigenlijk een must-read.

Eerder verschenen op Quis haec leget?