Zaterdag, 10 december, 2016

Geschreven door: Maso, Benjo
Artikel door: Peters, Micha

Nederland heeft de gele trui

Hoe Nederland wielergek werd

Nederland is gek op de Ronde van Frankrijk. Dat is wel eens anders geweest, zo leert Nederland heeft de gele trui van Benjo Maso. Wielrennen op de weg was in Nederland zelfs lange tijd verboden! Maso legt uit hoe Nederland in de loop der tijd langzaam verliefd werd op de wielrenfiets, en begin jaren vijftig zelfs voor het eerst last kreeg van Tourkoorts.

Maso beschrijft in zijn boek de beginjaren van het Nederlandse wielrennen. De Motor- en Rijwielwet van 1905 – die pas in 1951 zo werd aangepast dat wegwedstrijden niet langer verboden waren – speelt een grote rol in die geschiedenis. In die wet werd verboden, ‘tenzij er verlof is gegeven’, op een weg een snelheidswedstrijd te houden. Wanneer enkele knapen op ‘racerijwielen’ om het hardst reden en daar een prijs aan verbonden, moesten ze vijf dagen de cel in.

Ministers van Waterstaat mochten naar eigen inzicht uitzonderingen maken, maar dat gebeurde eigenlijk nooit. “Elke lankmoedigheid stuitte op het verzet van streng christelijke partijen”, zo schrijft Maso. Die partijen zagen sport, en vooral beroepssport, als ‘heidensch vermaak’, ‘duivelsche zonde’ en ‘verderf van ons volk’. Daarbij kwam dat, door al die wielrenners in korte broek, de openbare zedelijkheid in het geding kwam. Moeders houd uw dochters binnen, de wielrenbroekjes bevatten nauwelijks linnen!

Als gevolg van de Motor- en Rijwielwet waren er in Nederland nauwelijks renners die in staat waren om een zware wedstrijd als de Tour de France uit te rijden. In de eerste jaren van de ‘Rondrit door Frankrijk’ wijdde de Nederlandse kranten dan ook hoogstens enkele regels aan de uitslagen. Liefhebbers die er meer van wilden weten, waren aangewezen op Franse of Belgische bladen.

Wordt Vervolgd

De Pel

Begin jaren vijftig werd alles anders. Dankzij ploegleider Kees Pellenaars, een man die wist hoe wielrenners moesten samenwerken om etappes te winnen, won Nederland in 1953 zelfs het ploegenklassement van de Tour de France. Ook werden er vijf individuele etappes gewonnen. Nimmer was de Nederlandse ploeg zo succesvol.

De belangstelling voor de Tour was in Nederland ook nog nooit zo groot geweest. Iedereen wist opeens wie Wim van Est, Wout Wagtmans en Jan Nolten waren. “Elke middag luisterden honderdduizenden naar de reportages van Jan Cottaar op de radio, ook al waren deze zelden rechtstreeks”, aldus Maso.

Ketelbinkie

“De kranten werden bedolven onder telefoontjes van mensen die het laatste nieuws wilden horen. Berichten over de Tour haalden dagelijks de voorpagina en de oplaag van kranten nam met vele duizenden toe. Er werd geklaagd dat arbeiders of ambtenaren alleen nog maar over de Ronde van Frankrijk spraken, vooral wanneer de laatste uitslagen bekend waren. Zelfs tijdens debatten in de Tweede Kamer gaven de parlementsleden elkaar fluisterend de uitslagen door.” Ook de Nederlandse kinderen werden met het wielervirus besmet. In de populaire strip ‘Ketelbinkie’ konden ze lezen hoe de held in de Toerdefraans een duel met de Italiaanse kampioen Hofi aanging.

Het boek van Maso eindigt waar het Nederlands Toursucces stopt; begin jaren zestig. Maso heeft een compleet en verzorgd overzicht van een halve eeuw vaderlandse wielergeschiedenis afgeleverd. Het is een mooie afwisseling van feiten en anekdotes geworden, waarbij Maso vaak tracht, zoals blijkt uit het verhaal over de Motor- en Rijwielwet, om zaken in een breder historisch perspectief te plaatsen.

Zo is Nederland heeft de gele trui veel meer dan een opsomming van wedstrijdverslagen. Aan de hand van de wielerfiets leren we terloops ook veel over de cultuurgeschiedenis van ons land. Maso heeft de eerste decennia van de geschiedenis van wielrennend Nederland uitstekend op papier gezet. Nu is het wachten op een overzicht van de laatste vijftig jaar. Maso weet wat hem te doen staat.

Eerder verschenen op http://sportgeschiedenis.nl/

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *