Zondag, 3 oktober, 2021

Geschreven door: Veltkamp, Henk
Recensie door: Altena, Bert

Nooit heb ik niets met U

Gesprekken over God

[Recensie] De coronaperiode is zoals iedere crisis ook een creatieve tijd. Toen de pandemie begon, startte Henk Veltkamp zijn interviewproject. Hij voerde gesprekken met vijfentwintig verschillende mensen, waarbij telkens als eerste de vraag wordt gesteld: “Als ik ‘God’ zeg, wat is dan het eerste dat bij u opkomt?”. Het blijkt een goede gespreksstarter te zijn.

De opbrengst van al die gesprekken is samengebracht in Nooit heb ik niets met U. De titel is geen quote uit één van de gesprekken, maar ontleend aan een dichtregel van Huub Oosterhuis, overigens één van de geïnterviewden.
Voor alle gesprekspartners van Veltkamp geldt de titel, al zijn de gesprekken natuurlijk zo divers als de medewerkers aan dit project zijn. Veltkamp, van huis uit geestelijk verzorger en getraind in het goede gesprek, heeft een mooie variëteit aan participanten bereid gevonden om aan zijn boek mee te werken. Het is een mix van bekende, publieke figuren en minder bekende Nederlanders, man en vrouw, zwart en wit. Al is het jammer dat voor slechts één van de gesprekspartners God Allah is. De gesprekken gaan vooral over de christelijke God.

Tegelijk gaat het natuurlijk net zo veel, zo niet meer, over de levenservaringen van de geïnterviewden. Wie of wat God is, krijgt vorm in een levensverhaal. Dat levert soms intieme inkijkjes op in ieders ontwikkeling en levensloop.

Het is een boek dat zich niet laat samenvatten. Daarvoor is het ook niet bedoeld. Je kunt je als lezer spiegelen aan de persoonlijke verhalen. Ze zetten aan om jezelf de vragen te stellen, die de interviewer stelt.
Na de vaste openingsvraag, ontspint zich telkens een echt gesprek. Veltkamp beschikt over de gave goed te kunnen luisteren, respectvol en aandachtig mee te gaan in het verhaal van de ander. Diverse malen blijkt dat hij zich goed heeft voorbereid, door eerdere interviews of artikelen van de betrokkenen te lezen, die hij in zijn vragen betrekt. Het levert met elkaar een fraai boek op, waarin God soms verrassend ter sprake komt in en door het verhaal van mensen.

Wordt Vervolgd

Het is verleidelijk om allerlei citaten te geven. Ik beperk me tot één, uit het gesprek met Thandi Soko – de Jong, geboren in 1981 in Malawi, die tien jaar in Nederland woont en promotieonderzoek doet aan de Protestantse Theologische Universiteit. Op de vraag “Hier ervaart u toch echt een andere geloofscultuur?”, antwoordt ze:

“In Nederland ondervind ik – en dat is voor het eerst in mijn leven – hoe het is om als christen in zekere zin alleen en op mijzelf te staan (…) Ik begon hier in Leiden, onder studenten. Iedereen was heel vriendelijk en open. Pas na een poos realiseerde ik mij dat al die aardige mensen me eigenlijk nooit persoonlijke vragen stelden. En al helemaal niet over geloven! Er bleek een soort stilzwijgende afspraak te zijn: als je ’t ergens over wilt hebben, dan moet je daar zelf over beginnen (…) Tja, dat voelde voor mij toch wel eenzaam. Ik bedoel dat niet als kritiek. Maar zo is de cultuur hier nu eenmaal, merkte ik” (p. 172v.).

Het zou mooi zijn als dit boek bij kan dragen aan een kleine cultuurverandering. Stel een vraag en je krijgt een verhaal…

Eerder verschenen op Bert Altena en NieuwWij