Vrijdag, 15 oktober, 2021

Geschreven door: Enriquez, Mariana
Recensie door: Verplancke, Marnix

Ons deel van de nacht

Overrompelende vloedgolf

Kun je de gruwelijke geschiedenis van je land vatten in een roman? De Argentijnse Mariana Enriquez doet in alvast een meer dan verdienstelijke poging.

[Recensie] Op een ochtend in januari 1981 roept Juan Peterson zijn zesjarige zoon Gaspar wakker met de boodschap dat ze gaan vertrekken. De auto staat klaar en het wordt een heuse trip van Buenos Aires naar de watervallen van Iguazu, niet ver van de Braziliaanse grens. De reis heeft alles te maken met de dood van Gaspars moeder Rosario, drie maanden eerder, een stom verkeersongeval leek het, maar Juan vermoedde dat er meer achter zat. En dus vertrekken ze, die kleine jongen en zijn vader die, zoals Mariana Enriquez in haar roman Ons deel van de nacht schrijft, geen gewone vader is. De eerste nacht die ze op hotel doorbrengen staat er opeens een vrouw in hun kamer die Gaspar een helse schrik bezorgt, maar volgens zijn vader niet meer is dan een herinnering, waarna hij een handvol as uit een plastic zakje op de vloer uitstrooit, er het middernachtsymbool in tekent en vergeefs probeert contact te maken met Rosario. Het lukt al maanden niet meer.

Zeventien jaar geleden publiceerde de Chileense Roberto Bolano zijn laatste en fenomenaalste roman, 2666, een poging om grip te krijgen op het gewelddadige verhaal van Zuid-Amerika door te vertrekken vanuit de tragische levens van de vermoordde vrouwen van Santa Teresa, wat in realiteit Ciudad Juarez was, de metropool die stijf stond van de drugs en de vrouwenhandel. Bolano putte uit de intellectuele en stilistische grabbelton van zijn tijd en cultuur en stak zijn boek niet alleen vol verwijzingen naar de Mexicaanse realiteit maar ook naar pulp en hard boiled misdaadromans. In Ons deel van de nacht, nota bene een debuutroman, die prompt werd bekroond met de prestigieuze Premio Herralde, doet Enriquez iets gelijkaardigs, maar dan met haar vaderland Argentinië en de genres die vandaag in zijn, horror en fantasy.

Juan blijkt immers niet zomaar een man te zijn, zoals we al in het eerste hoofdstuk van de roman ontdekken, hij is een medium in het geheime genootschap De Orde, dat in een ver koloniaal verleden vanuit Afrika via de Engelse familie van Rosario Zuid-Amerika bereikte. Ook Gaspar is voorbestemd een medium te worden, weet Juan, en dat zou hij in feite liever niet zien, want De Orde is door en door gewelddadig. In de strijd om de macht wordt er geofferd en gemoord. Geen leven is heilig en Juan speelt daar als een gigantisch zwart gat dat alle energie uit zijn omgeving opslorpt geen minimale rol in. Enriquez’ roman, zou je kunnen zeggen is een essay over het geweld en hoe dit in de vorm van de dictaturen en meedogenloze families uit het verleden een continent heeft vormgegeven.

Wordt Vervolgd

Daarom ook dat 1981, het jaar waarin de roman begint, niet toevallig is gekozen. Altijd hetzelfde, denkt Juan wanneer hij in een bar langs de kant van de autosnelweg een krant inkijkt, over het voetbal veel nieuws, maar niets over de verdwijningen, de clandestiene detentiecentra of de nachtelijke schermutselingen. Tussen 1976 en 1983 maakte Argentinië de periode van de Vuile Oorlog mee, een term die de militaire dictatuur wellicht in een vlaag van grootheidswaanzin meegaf aan haar eigen bewind. Ontvoering en marteling werden wettelijke praktijken noodzakelijk om het land te vrijwaren van de instorting. “We gaan 50.000 mensen doden,” zei een Argentijnse generaal in 1976, “25.000 opstandelingen, 20.000 sympathisanten en 5000 die per ongeluk zullen sterven.” Op het einde van het regime werd het aantal slachtoffers op 30.000 geschat, over het algemeen studenten met linkse sympathieën die vanuit vliegtuigen in de Atlantische Oceaan werden gedropt. De afwezige Rosario in Ons deel van de nacht zou daarom ook wel eens een cynische knipoog kunnen zijn naar de Dwaze Moeders, de vrouwen die tijdens de terreur iedere donderdag betoogden op de Plaza de Mayo in Buenos Aires en uitleg eisten over de verdwijning van hun kinderen. Enriquez laat er alvast geen twijfel over bestaan dat het geweld dat uitgaat van De Orde duidelijk verband houdt met dat van het militaire regime. Het maakt allemaal deel uit van een historisch en literair netwerk waarin ook de grootgrondbezitters van weleer, president Juan Péron en zelfs David Bowie beschreven worden in verhaallijnen die zo uit het werk van Cortazar, Borges of Stephen King zouden kunnen komen. Er is zelfs een huis met deuren die nergens op uitgeven zo uit Mark Danielewski’s House of Leaves (Het kaartenhuis) weggelopen zou kunnen zijn. Ons deel van de nacht is een overrompelende vloedgolf van een roman waarin je soms vergeefs naar een droog plekje moet zoeken.

Eerder verschenen op De Morgen