Vrijdag, 12 juni, 2015

Geschreven door: Lieuwma, Michiel
Artikel door: Gaal, Monique van

Paaltje aan de horizon

Het onmaakbare leven van een verstokte nietsnut

We kennen Michiel Lieuwma van de webserie De Snijtafel, waarin hij samen met Kasper C. Jansen op ludieke wijze de tekst van liedjes en tv programma’s ontleedt. Nu ligt zijn debuutroman Paaltje aan de horizon in de schappen, een vermakelijk boek over een gedesillusioneerde jongeman die het maar niet kan verkroppen dat zijn vriendin hem heeft verlaten. In een desperate poging haar terug te winnen belandt hij in een één-met-de-natuuroord en moet het zien te rooien met de misfits die deze commune bevolken.

Het ‘paaltje aan de horizon’ – als variant op de bekende stip op de horizon – van de naamloze ik-persoon is zijn ex-vriendin Nathalie. Ondanks dat zij ervandoor is gegaan, blijft hij geloven dat het allemaal wel goed zal komen. Hij reist naar een één-met-de-natuurcommune in het zuiden van Frankrijk, waar hij Nathalie hoopt te treffen. Deze voor haar bekende plek zal zij zeker aandoen op haar wandeltocht naar Santiago de Compostella, zo vermoedt hij.

Nathalie laat echter maanden op zich wachten. Intussen verkeert hij tussen mensen die hij eigenlijk maar bespottelijk vindt, en bepalen regeltjes en klusjes zijn dagritme. Zijn tegendraadse gedrag brengt hem veelvuldig in aanvaring met de dominante leidster van de commune, Marie-Louise. Zij is vastbesloten een beter mens van hem te maken: ‘Hier thuis hoort men zich te gedragen en daarmee uit.’ Niettemin blijft hij onvermoeibaar ‘nieuwe diepten in de ondoorgrondelijke krochten van de valse hoop’ aanboren. Waarom ga je niet lekker terug naar huis, zo vraag je je af.

Een regelrechte nietsnut

In een interview voor het radioprogramma Nooit meer slapen, laat Lieuwma weten dat hij met deze roman de maakbaarheid van het leven in twijfel wil trekken. Dat is op zich een mooi streven, ware het niet dat de schrijver toch echt met het verkeerde voorbeeld komt. Zijn protagonist is namelijk een regelrechte nietsnut die helemaal niets klaarspeelt. Voor zich uit staren en kniezen, dat zijn zoal zijn bezigheden. Hij streeft het onbereikbare na, zoekt gezelschap van mensen die hem totaal niet liggen, en vindt de schuld van zijn tegenvallende bestaan vooral buiten zichzelf.

Bazarow

 ‘En in niets straalde ik uit het überhaupt een beetje naar mijn zin te hebben. Nu goed, niemand straalde uit het naar de zin te hebben. Men deed maar wat. Je hoefde maar een beetje chagrijnig voor jezelf uit te staren om uitstekend in de groep op te gaan.’

Het door Lieuwma beeldend geschetste tafereel levert tenenkrommende, kluchtige scènes op, die nu eens dolkomisch, dan weer ietwat ergerniswekkend zijn, maar die Paaltje aan de horizon wel maken tot wat het is: een amusant boek vol zielenstrijd, kwaadsprekerij en wrijvingen.

 Een ontzettende sukkel

Tot overmaat van ramp is het niet Nathalie, maar haar nieuwe vriend Ewoud die als eerste het terrein komt oplopen. Hij zal haar op haar wandeling gaan vergezellen. Zonder zijn duistere geheim prijs te geven, knoopt de hoofdpersoon een innige vriendschap aan met deze ‘ontzettende sukkel’, wiens allergrootste probleem is ‘dat hij zo afgrijselijk gelukt was.’ Grenzeloze jaloezie stelt de ik-persoon heimelijk voor de keuze, hij dood of ik dood, ‘Er blies een zachte wind, helaas te weinig om een van [ons] beiden naar beneden te blazen, de diepte in. Ik moedigde Ewoud aan om zo dicht mogelijk de rand te naderen.’ Eigenlijk heeft hij alleen nog ‘een allerlaatste kopstoot nodig’, maar hoeveel allerlaatste kopstoten is hij bereid te incasseren?

In wezen is de roman één grote monoloog, waarin de protagonist heel direct tot de lezer spreekt:

‘Bij de rest kun je je vast wel wat voorstellen, ik heb geen zin ook om uitvoerig te beschrijven wat er vervolgens allemaal gebeurde. […] Ik probeer hier in alle rust een verhaal te vertellen, […] laat de verbeelding de rest maar doen, dan ga ik nu verder met mijn verhaal.’

Een vermakelijk boek met gebreken

Paaltje aan de horizon is een onderhoudend boek, waar toch ook wel het een en ander op af te dingen valt. Er had best wat geschrapt mogen worden, want naast rake zinnen en grappige dialogen, zijn daar ook de passages – ja, soms hele hoofdstukken – waarin de protagonist maar een slag in de rondte kletst en dubieuze levensbeschouwingen eindeloos herhaalt. Het lezen wordt er niet prettiger op met breedsprakige, lastig te volgen filosofietjes als ‘Ambitie en liefde blijven onlosmakelijk met elkaar verbonden, ze verhouden zich paradoxaal ten opzichte van elkaar. Ze lijken in elkaars verlengde te liggen en heffen elkaar op’.

Lieuwma heeft een buitengewoon vermakelijke roman geschreven, maar van zijn intentie om de lezer in te laten zien dat het maakbaarheidsideaal op de schop moet, blijft niet veel overeind. Simpelweg omdat de protagonist geen maakbaar leven nastreeft. Wonderwel geeft hij dat stiekem ook toe: ‘Al mijn hele leven was ik bang geweest om te handelen. Ik wilde op geen enkele manier invloed uitoefenen’. En zo is het cirkeltje weer rond geredeneerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.