Zondag, 29 maart, 2020

Geschreven door: Simon, Coen
Artikel door: Verplancke, Marnix

Pleidooi tegen enthousiasme

“Kunst zou wel eens een uitweg kunnen bieden”

De eerste zin:

“Op een middag in de kerstvakantie, tijdens het slaapje van de jongste, vertelden we aan de twee oudsten dat we gingen scheiden.”

Recensie

Het nieuws van de nakende scheiding van hun ouders veroorzaakte bij de kinderen van Coen Simon en zijn vrouw mateloos veel verdriet. Zo veel verdriet dat Simon er zelf van schrok en het probeerde te stelpen met rooskleurige toekomstverhalen. Natuurlijk zou hun leven anders worden, maar zou het daarom ook meteen slechter zijn? Misschien werden ze wel allemaal gelukkiger van dit nieuwe begin en naast het stapelbed van zijn dochter staand slaagde hij er zelfs in haar laatste traantjes te laten verdwijnen in een glimlach. En hij ging ook zelf in zijn enthousiaste verhaal geloven, tot de realiteit hem terug met beide voeten op de grond dwong. Enthousiasme mag dan misschien wel een leidraad zijn in onze maatschappij, en de emotie die je hele dagen op tv ziet, besefte hij, veel heb je er in feite niet aan, want “als enthousiasme de grote zingever is in het leven, dan wordt stuurloosheid ons kompas”.

Technisch Weekblad

Coen Simon, auteur van publieksfilosofieboeken als Oordeel zelf en Filosoferen is makkelijker als je denkt brengt in Pleidooi tegen enthousiasme precies wat de titel belooft: een betoog dat het hedendaagse enthousiasme ontmaskert als hol en als het perfecte antwoord op onze verwarrende tijd. In de uit 1998 daterende film The Truman Show zag de kijker nog precies het verschil tussen de nepwereld waarin Truman figureerde en de realiteit erbuiten. In het twintig jaar later uitgebrachte Vox Lux is alles gewoon nep en kan hoofdpersonage Celeste enthousiast schreeuwen: “Ik geloofde in God en nu nog alleen in mezelf” duidt Simon waar het schoentje wringt.

Pleidooi tegen enthousiasme is een bijzonder gecondenseerd boek waarin geen woord of voorbeeld te veel staat en heel veel ideeƫn en denkers met elkaar in verband worden gebracht. En het brengt een waarschuwing voor onze tijd. Geestdrift durft nogal eens omslaan in drift, schrijft Simon, waarbij mensen opperen dat het hele systeem op de schop moet. Waar dat toe kan leiden, hebben we in het verleden al meermaals gezien. En dus pleit hij voor nuchterheid, zoeken naar overeenkomsten en sociale evolutie in plaats van revolutie.

3 vragen aan Coen Simon

Is enthousiasme niet fantastisch? Hoe maak je van de wereld anders een betere plek?

Simon: “Als je geraakt wordt door iets schoons of buitengewoons kun je boven jezelf uitstijgen in enthousiasme. Ik zie om me heen echter vooral imitatie-enthousiasme, en dat is iets anders. Dus zoekt iedere werkgever enthousiaste medewerkers en willen we allemaal enthousiast kunnen vertellen. Voor mij is dat type enthousiasme vooral een teken van wanhoop en controleverlies. Niemand weet vandaag meer enthousiasme op te wekken dan Greta Thunberg, hoewel zij zelf allesbehalve enthousiast is, eerder activistisch en fanatiek. Het enthousiasme van haar toehoorders getuigt van een ongebreidelde pathos. De zinloosheid van onze wereld zou ons in feite tot schroomvalligheid moeten aanzetten, maar in plaats daarvan zijn we net schaamteloos enthousiast.”

Heeft die zinloosheid niet te maken met het post-truthtijdperk waarin we leven, waardoor we de waarheid niet meer kennen?

Simon: “Daar leven we dus niet in, maar wel in een post-autoriteitstijdperk, de ideale voedingsbodem voor enthousiasme. Ik kan immers wel tegen jou zeggen dat ik dit of dat doe omdat ik weet dat het goed is op grond van deze of gindse bron, maar ik weet ook dat er altijd weer een andere bron tegenover kan geplaatst worden die mijn betoog ondermijnt. Om dat voor te zijn breng ik mijn verhaal vol vuur en enthousiasme, zodat ik de ander overtuig van mijn standpunt. En mezelf, want ik weet het zelf ook niet natuurlijk. Enthousiasme is dus niet alleen een retorisch, maar ook een psychologisch overtuigingsmiddel geworden. Vandaar dat het zo populair is in tijden van onzekerheid. ‘Ik heb geen idee, maar ik ben gewoon enthousiast,’ zeggen mensen dan.”

Maar als je de waarheid wil kennen, kijk je toch gewoon naar de feiten?

Simon: “Nee dus, want feiten zijn altijd constructies. Van zo gauw ik het over feiten heb, construeer ik een verhaal en iemand anders kan daar andere feiten en een ander verhaal tegenover stellen. Er is wel waarheid, maar zodra je begint te praten komt die waarheid niet dichterbij. Dat is het hele idee van de toren van Babel. Ik geloof dat laten zien een beter alternatief is. Kunst zou hier wel eens een uitweg kunnen bieden, omdat ze niet in gesprek gaat, maar laat zien hoe we kijken. Ik denk dat kunst ons veel dichter bij elkaar kan brengen dan al het activistische gepraat bij elkaar, maar dan bedoel ik dus niet de geĆ«ngageerde kunst die erop uit is een boodschap te verkondigen.”

Eerder verschenen in KnackFocus