Vrijdag, 18 augustus, 2017

Geschreven door: Blas de Robles, Jean-Marie
Artikel door: Dobbelaer, Roeland

Point Nemo en het drijvende eiland

Steampunk ellende

[Recensie] Weer een nieuwe uitdrukking geleerd in het vak van de letteren. Op achterflap van Point Nemo en het drijvende eiland, de laatste grote roman van Jean-Marie Blas de Robles schrijft de uitgever: “Steampunk proza met een snufje Jules Verne en een scheut Conan Doyle”.

Steampunk, zo leren Google en Wikipedia mij, is een genre dat gaat over verhalen uit het victoriaanse tijdperk (19de eeuw) met beschrijvingen en vondsten van technische (op stoom gebaseerde) snufjes. Voordat ik Wiki raadpleegde dacht ik dat er wel eens een met een enorme vaart geschreven brij van gebeurtenissen mee bedoeld zou kunnen worden, want dat is namelijk wat Point Nemo is. Met zijn roman Waar de tijgers thuis zijn won Blas de Robles meerdere literaire prijzen. Met Point Nemo niet een en dat is terecht. Zelden zo’n vervelende en zinloze roman gelezen. Had zijn uitgever deze man niet kunnen beschermen door het boek niet uit te geven?

Point Nemo bestaat uit twee grote verhaallijnen, met elk weer vele deelvertellingen. De ene lijn gaat over een fabriek in een Zuid-Frans stadje waar het management de Cubaanse traditie van het voorlezen op de werkvloer heeft overgenomen. Er is een voorlezer die, deels zelfverzonnen, verhalen vertelt en er zijn de werknemers aan de lopende banden die ademloos luisteren en hierdoor harder werken, althans dat is de gedachte. In deze verhaallijn maken we kennis met diverse mensen die bij de fabriek betrokken zijn. De meeste van deze mensen zijn op de een of andere manier gestoord, hebben ernstige seksuele afwijkingen of hebben geen idee waarom ze leven, ze lijken in niets op mensen zoals jij en ik. Zo is er de Chinese fabrieksdirecteur die overal camera’s liet ophangen en zich bevredigt  als zijn vrouwelijke werknemers douchen. Hij heeft een soort van relatie met een transseksuele secretaresse, die hem met haar (nieuwe) borsten probeert in te palmen. Een andere werknemer is impotent en we lezen in tientallen hoofdstukken hoe zijn vrouw er alles aan doet om toch met haar man naar bed te kunnen. Weer twee andere werknemers zijn voor elkaar bestemd maar weten dat nog niet. Zij is het mooiste meisje dat in de fabriek werkt, althans dat vindt de fabrieksdirecteur en hij is een computernerd die zich ’s avonds met hacken bezig houdt, maar niet met haar. Ze dromen van elkaar maar doen geen toenaderingspogingen.

En dan is er nog de voorlezer, ene Arnaud, wiens geliefde in coma ligt. Hij heeft zich zelf voorgehouden dat als het verhaal wat hij vertelt aan de fabrieksarbeiders ‘uit is’ zijn geliefde uit haar coma ontwaakt. Dat is de ene verhaallijn en de andere is het verhaal dat Arnaud vertelt aan de arbeiders, dag in dag uit. Een volstrekt onsamenhangende avonturenroman waarin diverse culthelden uit de 19de eeuw al dan niet in een nieuw jasje de wereld rondreizen (via trein, zeppelin, luchtballon, onderzeeboot, et cetera.) om een diamant te zoeken en om de moordenaar van een aantal bijzondere, circusachtige types te ontmaskeren. Je herkent er diverse fragmenten in van romans van Jules Verne (2000 mijlen onder zee en Michael Strogoff, de koerier van de Tsaar) en Conan Doyle met zijn Sherlock Holmes, maar ook Agatha Christi met haar boek Murder on the Orient Express. Alleen waar deze klassieke auteurs tientallen boeken schreven met in elk boek een schurk, mysterie of uitdaging, vertelt Arnaud alias Blas de Robles zeker twintig van deze verhalen door elkaar. En dat gaat volkomen mis.

Boekenkrant

Een enkel verhaal en personages rond de fabriek zijn nog wel te pruimen; Arnaud die verwoed zijn verhaal telkens maar langer maakt omdat zijn geliefde maar niet wakker wordt, de nerd die wraak neemt als zijn geliefde door de fabrieksdirecteur wordt aangerand door de fabriek te hacken. Maar het grote verhaal, het avonturenverhaal is volkomen mislukt, een brij aan onzin en niet te volgen handelingen die elkaar in een onzinnige tempo opvolgen. “Voor iedereen een feest om te lezen” probeerde de uitgever nog op de achterflap. Welnee, dit boek was duidelijk een ‘moetje’ na de eerdere succesvolle roman van deze auteur, waar de uitgever met handen in het haar commercieel nog wat van heeft willen maken en met wervelende teksten op de achterflap lezers probeert te vinden, die alleen maar teleurgesteld zullen zijn.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles