Donderdag, 7 oktober, 2021

Geschreven door: Lanegan, Mark
Recensie door: Mourits, Bertram

Sing Backwards and Weep & Kraftwerk

Autobiografie van een zanger en biografie van een band

[Recensie] Mark Lanegan staat te pissen wanneer er een jongeman op hem afkomt die zich voorstelt als ‘een goede vriend van je ex-vrouw, Anna’. Lanegans reactie is die man onmiddellijk met zijn hoofd tegen de muur te slaan. Het is een typerende scène uit Sing Backwards and Weep, de onwaarschijnlijk duistere autobiografie van Lanegan. Hij heeft geen geduld, communiceert al van jongs af aan vooral via geweld, en vervreemdt vrijwel iedereen zo snel mogelijk van zich. En dat zijn dan nog een paar van zijn betere eigenschappen. Hij maakt muziek met mensen die hij niet mag, wat platen oplevert die hij niet goed vindt. Het brengt hem wel over de hele wereld en is een simpele manier om aan drugs te komen; zijn hele leven staat in het tegen van drugs en alcohol. Een geschiedenis van net-niet-zelfvernietiging dus. Lanegans verhaal stopt in 1997, dus hij vertelt niet over de jaren van herstel en zijn solocarrière. Dat maakt het boek eigenlijk alleen maar sterker. Dat is aardedonker, goed verteld, en staat vol anekdotes over drugs, maar ook over muziek. En dat levert het prachtige en pijnlijke portretten op van overleden generatiegenoten als Jeffrey Lee Pierce, Layne Staley en Kurt Cobain, en mooie verhalen over onder anderen Johnny Cash (een held), Noel Gallagher (een klootzak) en Courtney Love (die zijn leven redt).

Zo duister, gruizig en individueel het verhaal van Lanegan is, zo kraakhelder en groots is de geschiedenis van Kraftwerk, die door de in Duitse literatuurhistoricus Uwe Schütte wordt beschreven in Kraftwerk: Future Music from Germany. Kraftwerk was een van de eerste Duitse bands die afstand namen van de onontkoombaar Angelsaksische achtergrond van popmuziek. Dat was nog ingewikkelder dan het klinkt, want na de oorlog stond Amerikaanse popmuziek symbool voor de bevrijding van het nazisme. Pogingen om ‘Route 66’ te vervangen door ‘Autobahn’ werden dan ook verkeerd begrepen, soms ook kwaadwillig, zoals door het Engelse New Musical Express dat schreef dat Kraftwerk op zoek was naar een ‘Final solution’ voor het ‘muziekprobleem’. Schütte laat echter zien dat de industriële klanken voor een groep uit Düsseldorf in feite een vorm van rootsmuziek zijn: het is industrielle Volksmusik. Kraftwerk zocht die nieuwe Duitse identiteit vooral in de vooruitstrevende kunst in Düsseldorf (waar Velvet Underground Andy Warhol had, hadden zij Joseph Beuys). Schütte schrijft met ongebreideld enthousiasme over zijn onderwerp (voor hem heeft ‘Hütter/Schneider’ dezelfde klank als ‘Lennon/McCartney’!) maar ook met een academische nauwkeurigheid en systematiek die het boek een beetje clean maken. Maar dat past eigenlijk heel goed bij het onderwerp.

Eerder verschenen in Heaven

Bazarow