Vrijdag, 24 augustus, 2018

Geschreven door: Umbral, Francisco
Artikel door: Lierop, Tea van

Sterfelijk en roze

Ontroerend, literair en puur

[Recensie] De titel Sterfelijk en rozeĀ is afkomstig uit een citaat van Pedro Salinas*. Het volledige citaat, tevens het motto, luidt:

“Dit sterfelijke en roze lichaam, waardoor
de liefde zich de eindeloosheid schept”

Deze ene zin verwoordt goed wat de auteur wil zeggen met dit, in dagboekvorm gegoten, requiem voor zijn op tragische wijze gestorven zoon. Slechts vier jaar werd het jongetje dat geen enkele keer bij zijn naam genoemd wordt, maar zo liefdevol aangesproken wordt door zijn vader, dat het soms pijn doet om te lezen.

Het boek is als gezegd in dagboekvorm geschreven, het bestaat uit fragmenten. Waarom deze vorm? Om de grote eenvoud te vinden, niet te vervallen in kunstmatigheid, aldus de auteur. De hoofdstukken hebben geen nummer of datum. Het eerste gedeelte is optimistisch van toon, hij beschrijft zijn eigen lichaam, vaak hilarisch: “De aap in mij komt in opstand”, zolang de aap domineert is het leven primair, wanneer de aap wordt losgelaten slaat de stemming om in wat latinisten “tristitia post coitum” noemen. Soms diepzinnig en zo waar: over het bot, waar “de liefde niet kan komen”. Naar het midden toe wordt het proza wat donkerder, ondergronds, de metro, catacomben, openbare toiletten, opgesloten, gevolgd door de wanhoop en de burn-out van de vader. De seizoenen spelen hierbij een ondersteunende rol, het boek begint in de zomer.

Bazarow

Omzichtig

Alsof het kind in het midden van het universum aanwezig is, wordt alles wat de vader bezighoudt om de jongen heen gesponnen als een licht weefsel van gedachten en herinneringen. Heel voorzichtig, vaak poƫtisch, soms filosofisch, maar altijd ongrijpbaar en daardoor zo voorstelbaar, want het ƩƩn lokt het ander uit, voor een buitenstaander niet te bevatten. Er zit niet echt een lijn in, het is meer associatief proza dat toch een samenhang kent omdat veel terug te leiden is naar het kind. Soms met een enorme omweg wanneer de liefdes aan bod komen,

“Een middelmatige vrouw is als een slecht boek: het doet je twijfelen aan de hele literatuur, aan de vrouw in het algemeen.”

Van de vrouwen naar de kunstschilder die: “blindelings schept in zijn kader, het doek geselt, de zweep erover haalt om tot leven te laten komen, om te voorkomen dat het sterft, om het bloed zwart te laten vloeien uit verse wonden.”

Literatuur

Achterin het boek staat een lijst van 72 voetnoten die verwijzen naar proza, poƫzie en schilderijen. Ze vormen samen het weefsel van het dagboek. Het zijn allemaal steunpunten en maken het boek bijzonder en troostrijk, alsof de auteur door het werk van anderen zijn onmetelijk verdriet kan verwoorden. De tweede voetnoot verwijst naar Jean-Paul Sartre, die de droom elke betekenis ontzegt. Hij schrijft de droom geen enkele mogelijkheid toe om ook maar ƩƩn samenhangend beeld te kunnen formuleren omdat, wanneer je dat probeert, al wakker bent. De auteur citeert Sartre omdat dromen hem niets dan chaos brengen, hij stelt dat alleen mensen zonder verbeeldingskracht steun zoeken bij de droom, hiermee krijgt Freud het verwijt dat hij geen fantasie zou bezitten.

Vagevuur

Het donkere komt op veel plaatsen terug in het boek, graven, grafplaten waar het jongetje overheen fladdert, de catacombe:

“Nee, de stad bestaat niet, is een dwaze gril, een verzinsel, een hoop, een leugen. De stad wordt gedroomd door mensen die daarbeneden in de metro zitten, massa’s gelovigen, zielen in het vagevuur, dat brandt in de buizen, dampend voorgeborchte, catacombe waar de snelheid heerst. We bestaan niet, drinken geen koffie, bedrijven geen liefde. We worden enkel gedroomd door een stille man die in de diepte reist.”

Wit

Tegenover het donker staat het wit van de sneeuw, de witte gevangenis van het ziekenhuis, waar het kind gekweld wordt en waar de vader moet denken aan de woorden van Albert Camus, die in De Pest zei:Ā  “Ik weiger van een schepping te houden, waarin kinderen gekweld worden”. “De witheid van de doodsangst”, zo beschrijft Umbral de reactie op iemand die aangevallen wordt door de dood, huiveringwekkend.

Dit boek beklijft, ik las het twee keer. De tweede keer om erachter te komen waarom het bijblijft. Het antwoord hierop is niet eenvoudig te geven. Ik denk omdat het een hartverscheurend dagboek is, maar door de manier waarop het is geschreven minder hard overkomt. Het boek roept geen tranen op. Door de manier waarop de auteur vertelt, hij beroert zonder rake klappen uit te delen, wordt het draaglijk voor de lezer. Vreemd om een boek zo te ervaren, het is ten slotte niet het leed van de lezer zelf, maar de lezer is wel nauw betrokken bij de inhoud. Precies daarom is het te dragen en daarbij komt een flinke dosis respect voor de auteur. Het is een verdienste om zo’n precair thema zo mooi onder woorden te brengen!

Over de auteur

Francisco Umbral is een Spaanse schrijver, geboren 11 mei 1935 in Madrid – overleden 28 augustus 2007. Umbral schreef meer dan tachtig boeken. Mortal y Rosa (1975) en Trilogia de Madrid (1984) behoorden tot zijn bekendste werken.Ā Umbral schreeft dagboeken, romans, verhalen, monografieĆ«n en essays. Daarnaast is hij bekend als columnist, de laatste jaren voor El Mundo. Francisco Umbral is in zijn vaderland Spanje een waar fenomeen. Dat is niet alleen te danken aan zijn virtuoze pen maar ook aan zijn duizelingwekkende productie en zijn recalcitrante optredens in de media. Toch lijkt de inzet van Umbrals werk serieus te zijn. Hij is een schrijver die – in het voetspoor van de romantici en de decadenten – zijn heil in de kunst en de literatuur zoekt, als alternatief voor het gewone, banale leven. Umbral doet dit niet alleen door in zijn werk heel veel te verwijzen naar kunst en literatuur, maar ook door lyrisch en barok te schrijven. [Bron: Kunstbus.nl]

*Pedro Salinas y Serrano ( Madrid, 27 november 1891-Boston, 4 december 1951) was een Spaans dichter. Hij behoorde tot de Generatie van ’27.

Eerder verschenen op Met de neus in de boeken