Vrijdag, 31 juli, 2020

Geschreven door: Kelley, William M.
Artikel door: Nooij, Marjon

Uit de maat

Woke* : het moment van bewustwording

[Recensie] 1957. Sutton, een buurtschap in een niet bestaande staat ergens in het diepe zuiden van Amerika.

Meneer Harper houdt vanaf vroeg in de ochtend, in zijn rolstoel, de wacht op de veranda van de plaatselijke kruidenierswinkel. Hij vertelt de andere rondlummelende mannen het – door overlevering misschien niet helemaal meer waarheidsgetrouw – mythische verhaal van een bijna titanische zwarte slaaf die de geschiedenis in is gegaan als ‘De Afrikaan’ en zo sterk was als de Bijbelse Samson. Gedurende de overtocht zit de Afrikaan – Hij heeft een baby bij zich – vastgeklonken aan de wand van het ruim, tot hij zich ineens met een luid gebrul losbreekt en weet te ontsnappen. Wanneer zijn eigenaar, Generaal Dewey Willson, hem te pakken heeft gekregen vermoordt hij hem, de baby neemt hij mee naar huis.

De Afro-Amerikaanse auteur William Melvin Kelley (1937-2017) is geboren in New York en opgegroeid in The Bronx, een volkswijk waarvan de bevolking voor 10% wit is. Hij studeerde aan Harvard University, in de tijd van de Black Arts Movement, en in 1962, op zijn vierentwintigste, debuteerde hij met A different drummer, nu schitterend vertaald door Arthur Wevers als Uit de maat. Met dit gepassioneerde debuut schreef Kelley een urgente allegorie over de black struggle, de strijd voor burgerrechten en de sociale cohesie tussen de zwarte en blanke bevolkingsgroepen, wat nog altijd dezelfde importantie heeft getuige #blacklivesmatter. Het verschijnen van zijn boek is in dezelfde donkere periode als waarin Martin Luther King en Malcolm X zijn vermoord. Omdat hij zelf het woord ‘negro’ en ‘nigger’ heeft gebruikt in dit boek, heeft de vertaler ervoor gekozen om dit n-woord in een letterlijke vertaling te gebruiken en zo de oorspronkelijk schrijfwijze recht te doen. Tien jaar eerder dan Kelley, is ook het eerste werk van de jonge Afro-Amerikaan James Baldwin verschenen en van hem is twaalf jaar later Als Beale Street kon praten als herontdekte klassieker is uitgebracht in het Nederlands en is opgenomen in de Schwob Winteractie van 2018-2019.

Tucker Caliban, een man met een zeer zwarte huid, is een ongeschoolde arbeider en het bloed van ‘De Afrikaan’ stroomt door zijn aderen. Hij heeft een stem die een aantal octaven te hoog klinkt, is klein van stuk en brildragend, en hiermee zet Kelley direct de toon door hem in een tegenovergestelde gedaante neer te zetten als zijn grote en sterke voorvader.

Technisch Weekblad

Wanneer Tucker een lading grof zout heeft gekocht, strooit hij tot ieders verbazing “de hagelachtige kristallen” uit over zijn akkers, schiet zijn schamele veestapel af, vermorzelt de klok die ooit met de Afrikaan is meegekomen en verbrandt letterlijk al zijn schepen achter zich. Dan reist hij met zijn gezin de noorderzon tegemoet. De klok is een prachtige metafoor die aangeeft dat Tucker met het stukslaan ervan ook de tijd die achter hem ligt te gronde richt. Met stomheid geslagen zien de dorpsbewoners deze taferelen aan. Over het waarom van hun vertrek kunnen ze alleen maar gissen. En wat Tucker waarschijnlijk nooit heeft vermoed is dat langzamerhand de ook andere zwarte dorpsbewoners hun spullen bijeen pakken, alsof Tucker hiervoor het startsein heeft gegeven. Ook Harry Leland en zijn zoon zien deze exodus met lede ogen aan. Harry zegt hem dat de negers vrije mensen zijn en het recht hebben om te vertrekken.

“‘Waar gaan al die nik… negers naartoe, papa?’ Hij inspecteerde de appel, probeerde te bedenken waar hij de eerste hap zou nemen..
‘Dat weet ik niet, Harold.’ Zijn vader beet in de zijne, kauwde, slikte. ‘Ik denk dat ze zich STRAGEGISCH TERUGTREKKEN, zoals we dat in het leger noemden. […] Ik denk dat de negers zich helemaal terugtrekken.’
‘Zijn ze dan geen lafaards, papa?’
‘Dat denk ik niet. Ik denk dat er nu meer moed voor nodig is om je terug te trekken, jongen'”

Vanuit het gezichtspunt van enkele witte dorpsbewoners wordt het verhaal van Tucker uit de doeken gedaan. De tijdswisselingen geven een compleet plaatje. Alleen zij krijgen het woord en het is opmerkelijk te noemen dat een auteur van Afro-Amerikaanse literatuur in de huid van witte mensen kruipt. Kelley weet messcherp te verwoorden hoe de witte achterblijvers het vertrek van de zwarte bevolking ondergaan.

Tucker heeft, net als zijn vader en grootvader, altijd bij de familie Willson gewerkt en ook zijn vrouw Bethrah is op een dag bij hen aan de deur verschenen, omdat ze op zoek was naar een betrekking als dienstmeid. Samen bestieren ze een eigen boerenbedrijfje. De gezinsleden van de Willson’s hebben warme herinneringen aan Tucker en Bethrah en in de afzonderlijke hoofdstukken komen zij aan het woord. Elk personage vertelt zijn/haar eigen verhaal over de verhouding tot Tucker. Maar onderhuids is de rassenongelijkheid pijnlijk voelbaar, zoals wanneer de jonge Tucker met de riem krijgt als hij een telg van de Willson’s leert fietsen en hij daardoor te laat thuis komt voor het eten. Het is subliem hoe Kelley elk persoon een geheel eigen karakter heeft gegeven, door de schrijfstijl en vocabulaire aan te passen. Vooral de kleine Harold (meneer Leland voor Tucker) maakt indruk met zijn kinderlijke vertrouwen en naĆÆviteit.

Maar niet bij iedereen kan deze uittocht op sympathie rekenen en op de veranda wordt er dan ook druk gespeculeerd en de gouverneur komt ook met zijn statement.

“‘Er is geen enkele reden om ons zorgen te maken. We hebben ze nooit nodig gehad en nooit gewild en redden ons ook wel zonder hen; het Zuiden redt zich wel zonder hen. Onze bevolking is misschien met een derde geslonken, maar het komt allemaal goed. Er zijn nog genoeg goede mannen over.’Ā 
Dit wilden ze allemaal graag geloven. Ze leefden nog niet lang genoeg in een wereld zonder zwarte gezichten om ook maar iets zeker te weten, maar ze hoopten dat alles goed zou komen, probeerden zich ervan te overtuigen dat het allemaal voorbij was, maar voelden wel dat het voor hen nog maar net was begonnen.”

Toch blijven de gevolgen van het vertrek van de grote groep zwarte dorpsbewoners niet ongemerkt en de gemoederen keren zich. De komst van Bennett T. Bradshaw, een geaffecteerde, Noorse, zwarte dominee, zet de verhoudingen in het dorp op scherp. Het einde van dit sterke, maar hartverscheurende verhaal blies me uit mijn schoenen. Een kippenvel-verhaal waar nog lang over na te denken valt. Wat heeft Tucker gedreven om uit de maat te lopen? 

* Woke, als een politieke term van Afro-Amerikaanse afkomst, door Kelly gelanceerd, verwijst naar een ervaren bewustzijn van kwesties met betrekking tot sociale rechtvaardigheid en raciale rechtvaardigheid. Het is afgeleid van de Afrikaans-Amerikaanse Engelse uitdrukking “blijf wakker”, waarvan het grammaticale aspect verwijst naar een voortdurend bewustzijn van deze kwesties. (Bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Woke

Eerder verschenen op Met de neus in de boeken