Donderdag, 28 november, 2019

Geschreven door: Bergman, Joost
Schutte, Xandra
Artikel door: Stoel, Jan

Niki de Saint Phalle - aan Zee

Vrolijkheid verbergt verdriet

Als je de naam Niki de Saint Phalle hoort dan popt meteen het beeld op van de Nana’s. De kleurrijke sculpturen van forse vrouwen met brede heupen, volle borsten, kleine hoofden. De vrouwen lijken zwaar te zijn. Ze staan op één been, lijken ze soepel te bewegen, te dansen. Eén en al vrolijkheid en ongedwongenheid. Maar achter die Nana’s en het werk van Niki de Saint Phalle zit ook een ander verhaal waarin verdriet, streven naar bevrijding, maatschappijkritiek elementen zijn.

[Recensie] Het boek Niki de Saint Phalle aan zee, uitgegeven bij de gelijknamige tentoonstelling in Museum Beelden aan Zee te Scheveningen toont al die aspecten van het kunstenaarschap van deze bijzondere beeldhouwster. Het boek, met teksten van Joost Bergman en Xandra Schutte, ziet er schitterend. Ontwerper Bart van den Toorn heeft in het boek gespeeld met de primaire kleuren, maar wel zo dat het nergens schreeuwerig wordt. De teksten zijn in het Nederlands en Engels. Het is een boek geworden dat een feest voor het oog is en een prima zicht geeft op Niki’s persoonlijkheid en haar artistieke ontwikkeling.

Naast een biografie van de kunstenares  wordt aandacht besteed aan de Nana als symbool van de bevrijding van de vrouw en aan de tentoonstellingen in Nederland waar Niki aan meewerkte. Deze bijdragen zijn uiterst toegankelijk en uitnodigend geschreven. Dus geen wollig, moeilijk te volgen taalgebruik. Taal voor iedereen en dat past bij het werk van Niki die wilde dat haar kunst voor iedereen bereikbaar was en daarom ook bijvoorbeeld multipels maakt zoals de Nana Balloons die voor enkele tientjes te koop waren. In het boek is wel aandacht voor haar grafisch werk en tekeningen, maar er wordt niet dieper op de beeldtaal die ze daarin gebruikt in gegaan. Dat is jammer.

Niki werd als Catherine Marie-Agnès in 1930 geboren als tweede van vijf kinderen. Haar vader stamde uit een oude, aristocratische Franse  familie en haar moeder Jacqueline Harper was van Amerikaanse afkomst. Vader had veel geld verloren door de beurskrach en Niki (de naam die haar moeder haar gaf) werd ondergebracht bij haar grootouders  tot ze in 1933 met haar ouders in Connecticut in de Verenigde Staten werd herenigd. Moeder liet de opvoeding over aan een gouvernante die de bijnaam ‘Nana’ kreeg. Toen Niki elf jaar was werd ze seksueel misbruikt door haar vader. Pas in 1994 schrijft ze daarover in haar autobiografie Mon Secret. Je zou kunnen zeggen dat de vrolijkheid van de Nana’s haar verdriet maskeert.

Sociologie Magazine

Rebellie en onafhankelijkheid markeren haar jeugd. Ze valt op, bijvoorbeeld als ze in 1944 op school vijgenbladeren die voor de genitaliën van klassieke sculpturen hangen rood schildert. Niki trouwt in 1949 en krijgt twee kinderen. Als ze drieëntwintig is wordt ze in een psychiatrische kliniek opgenomen.  In 1960 verlaat ze man en kinderen om zich helemaal aan de kunst te wijden. Een bijzondere relatie heeft ze met Jean Tinguely met wie ze veel samenwerkt en met wie ze in 1971 trouwt (hoewel dat alleen gebeurt om de afzonderlijke nalatenschappen veilig te stellen). In 2002 overlijdt ze. Ze had veel problemen met haar luchtwegen en het werken met polyester was een aanslag op haar gezondheid.

Je zou kunnen zeggen dat haar kunst een middel was om zichzelf te genezen. In haar vroege werk overheerst de agressie. Haar Tirs zijn spraakmakend. Ze brengt op schilderijen, assemblages zijn het eigenlijk met allerlei voorwerpen zakjes verf aan, die ze met een geweer kapot schiet. De verf gutst eruit als ‘bloed.’ Ze schiet als het ware op haar vader, de maatschappij, de kerk iedereen. Ze is bij die performances sexy gekleed (ooit was ze model en sierde onder meer de cover van Vogue). Ze verzet zich tegen de macht van mannen én tegen de rol die de vrouw heeft. Ze vindt dat een vrouw ook kunstenaarschap mag opeisen en niet alleen door en voor mannen geportretteerd moet worden. Slangen zijn een thema in haar werk en staan voor die kwaadaardige mannelijkheid. De  Nana’s zijn voor haar het toonbeeld van de bevrijde vrouw. Zelf was ze een dunne vrouw, maar een vrouw moet zich kunnen uiten zoals ze is. Vandaar die forse Nana’s waarmee ze ook verwijst naar het oerbeeld van een vruchtbare vrouw De Venus van Willensdorf.  Er komen ook zwarte Nana’s ten bate van de Black Rights Movement ondersteunen.

Ze maakt enorm grote beelden, die spraakmakend zijn, zoals Hon – en katedral (Zij – een kathedraal) voor het Museum voor Moderne Kunst in Stockholm, een beeld van achtentwintig meter lang en zes meter hoog waarbij de ingang van het museum zich tussen de gespreide benen van de Nana bevond en in een van de borsten een melkbar was. Hoezo provocatie? De Tarot Tuin in Italië is haar levenswerk. Ze werkte er meer dan twintig haar aan en woonde zelfs zeven jaar in een van de beelden. De tweeëntwintig beelden symboliseren de levensweg die iedereen moet afleggen.  Ze financierde de tuin zelf en om dat te kunnen betalen kwam er onder meer een door haar ontworpen parfumflesje op de markt (met slangen; mooie verwijzing).

In Nederland zijn er weinig werken in musea te vinden. Niki exposeerde een aantal keren in het Stedelijk Museum in Amsterdam. In 1967 had ze er een solo-expositie met Les Nana au pouvoir. Nergens in de openbare ruimte in Nederland vinden we werk van haar. Rotterdam heeft een kans voorbij laten gaan. Eind jaren negentig zou vlak bij de Erasmusbrug een wetenschapscentrum over het menselijk lichaam moeten verrijzen met een dertig meter hoge Nana. Het zou het grootste beeld van Niki de Saint Phalle worden. Na elf jaar bakkeleien ging het project niet door. Gelukkig kunnen we nog wel op andere plekken haar werk zien, zoals nu in Beelden aan Zee. En misschien heeft u wel een parfumflesje van deze bijzondere kunstenares.

De tentoonstelling in Beelden aan Zee te Scheveningen is tot 1 maart 2020 te zien.

Voor het eerst gepubliceerd op De Leesclub van Alles