Zaterdag, 31 augustus, 2019

Geschreven door: Jonge, Harm de
Artikel door: Ros, Bea

Vuurbom

Bom onder vriendschap

[Recensie] Vriendschap tussen kinderen kan soms desastreus uitpakken. Harm de Jonge beschrijft in zijn  jeugdroman Vuurbom hoe een vriend zich ontpopt als pester.

In veel jeugdromans van Harm de Jonge duikt aan het begin een nieuwe jongen op, door wie de hoofdpersoon heftig gefascineerd raakt. Het zijn vreemde jongens, lichtelijk verontrustend ook, van het type sterke eenlingen die een geheim met zich meedragen.

Zo’n jongen is Bram Bodaar in Vuurbom. Bij hun eerste ontmoeting verklaart hij al meteen dat hij en Jimmy vrienden worden. Jimmy vindt het best. Al begrijpt hij niet helemaal wat Bram bedoelt met zijn ‘wet van de kleine oorzaak en het grote gevolg’, hij bewondert wel zijn lef en zelfverzekerdheid. Dat de vriendschap desastreus eindigt, weet de lezer al vanaf de eerste bladzijde. Jimmy ligt in het ziekenhuis met ernstige brandwonden en een oogwond en wordt ondervraagd door inspecteur Ratelbuis. Zijn vriend Bram is dood en Jimmy lijkt de dader. Jimmy zelf kan zich niet meer herinneren wat er precies in het zomerhuis van Brams vader gebeurd is.

In flashbacks krijgt de lezer de geschiedenis en ontwikkeling van deze vriendschap te horen. Jimmy vertelt dat hij steeds doet wat Bram wil. Wel gaat hij eraan twijfelen of dat wel goed is. Immers, Brams experimenten – hoe reageren mensen op onverwachte dingen? – monden steeds meer uit in gruwelijke pesterijen. Jimmy wil zijn vriend een halt toeroepen, maar weet niet hoe. En dan blijken kleine oorzaken inderdaad grote gevolgen te hebben. De Jonge bouwt de spanning in zijn verhaal meesterlijk op. De ervaren (volwassen) lezer mag vanaf het begin weten dat Bram foute boel is, de gemiddelde jeugdige lezer zal net als Jimmy langzaamaan ontdekken dat Bram geen echte vriend is, maar iemand die speelt met mensen en zijn macht misbruikt. Zie daar maar eens uit te komen als dertienjarige.

Bazarow

Eerder verschenen op Didactief