Vrijdag, 7 april, 2017

Geschreven door: Szalay, David
Artikel door: Verplancke, Marnix

Wat een man is

De inherente crisis van het man-zijn

De eerste zinnen

“Berlin Hauptbahnhof. Het station waar de treinen uit Polen binnenkomen, de twee jonge Engelsen zijn net aangekomen vanuit Krakau.”

Recensie

Simon en Ferdinand hebben de middelbare school achter de rug en gaan op reis naar Praag. Ze komen er in een louche B&B terecht waarvan de uitbaatster duidelijk een oogje heeft op een van hen. Hij rouwt nog om een fout afgelopen kalverliefde en gaat niet in op haar avances, wat haar slaapkamerdeur wagenwijd openzet voor zijn vriend natuurlijk.

Hereditas Nexus

In Wat een man is geeft David Szalay in negen thematisch verbonden verhalen een beeld van een mannenleven. Ieder verhaal speelt ergens anders in Europa en de personages zijn iedere keer weer anderen, maar toch gaat dit in wezen over Ć©Ć©n persoon: de man. De naĆÆeve zeventienjarigen uit het eerste verhaal maken plaats voor pocherige twintigers en dertigers, die op hun beurt veranderd in uitgebluste veertigers en vijftigers, om uiteindelijk te eindigen als levensmoeĆ« en berustende zestigers en zeventigers. Want zo eindigt het boek, met een man die al 45 jaar getrouwd is maar het grootste deel van de tijd gescheiden geleefd heeft van zijn vrouw. Hij heeft niet slecht geboerd, zit in zijn Italiaanse vakantiehuis en voelt zijn tijd wegtikken. Het is niet slecht geweest, beseft hij, maar het had ook beter gekund.

David Szalay stond met Wat een man is op de shortlist van de Man Booker Prize en hij had die volgens haast iedereen die niet in de jury zat ook moeten winnen. Niet alleen omdat zijn roman zo ingenieus geconstrueerd is, maar ook omdat hij zo scherp en zuiver schrijft en hij zijn personages tot in de kern van hun psyche weet te doorgronden. Hij is de perfecte observator die nergens een waarde-oordeel uitspreekt. Dat laat hij aan de lezer over, die af en toe van plaatsvervangende gĆŖne in elkaar duikt, luidop ā€˜nee, zo ben ik nietā€™ denkt, maar nog wekenlang achtervolgd wordt door de mannen uit dit boek.

Drie vragen aan David Szalay

Al bij al zijn de mannen in uw boek toch een beetje zielig. Zijn ze niet passief, dan maken ze zich onhebbelijk als alfamannetjes. Wanneer iemand vraagt of hij gelukkig is, antwoordt een van uw hoofdpersonages: “Ik ben niet ongelukkig”. Is het echt zo zwaar om een man te zijn?

Szalay: “Ik focus op problematische episodes uit het leven van mijn personages. Ze vechten en verliezen. Toch wilde ik er ook een verhaal in over een man die wint. Dat is een schandaaljournalist geworden die promotie maakt door een minister aan de schandpaal te nagelen omdat deze een relatie heeft met een getrouwde vrouw. Hij is succesvol, maar ik weet niet of je in zijn schoenen zou willen staan. Ik toon een mannelijkheid in crisis, maar is het ooit anders geweest? Misschien is die crisis precies inherent aan de mannelijke identiteit en zijn mannen precies daarom altijd en overal bezig zichzelf te bewijzen.”

Uw boek gaat in grote mate over Europa. Wat betekent het voor u om Europeaan te zijn?

Szalay: “Mijn moeder is Canadees en mijn vader Hongaars. Ik ben in Montreal geboren, maar heb het grootste deel van mijn leven in Londen gewoond, maar ook een paar jaar in Brussel en nu woon in Boedapest. Ik kijk daardoor anders aan tegen nationaliteit. In mijn boek reizen mensen om allerhande redenen door Europa, om er te werken, om op vakantie te gaan of om familie te bezoeken. Zo ziet de hedendaagse Europese realiteit eruit, en het continent is er ook anders door geworden. Vanuit bepaalde kring ontstaat oppositie tegen dit fenomeen, maar het is niet meer om te draaien. Het aantal jonge Hongaren dat in Duitsland of Groot-BrittanniĆ« werkt is gigantisch. En er is ook een omgekeerde trek gaande. Veel oudere Europeanen komen in Hongarije van hun pensioen genieten, omdat het een mooi land is en je er meer kan doen met je euroā€™s.”

Er is dus een discrepantie ontstaan tussen het politieke Europa en dat van de straat?

Szalay: “Ik beweer niet dat Europa bezig is Ć©Ć©n land te worden, maar het besef dat we Ć©Ć©n gemeenschap vormen is duidelijk groeiende. Er wordt veel meer over de nationale grenzen heen getrouwd en steeds meer kinderen hebben ouders die uit verschillende landen komen. Ik zou echter niet durven beweren dat ik vandaag nog even positief ben over Europa als twee jaar geleden, toen ik mijn roman afwerkte. Brexit was een breuk en het zou me niet verbazen wanneer een ander land in de toekomst het Britse voorbeeld zou volgen.”

Eerder verschenen inĀ Knack