Maandag, 1 september, 2008

Geschreven door: Nobel, Elizabeth
Artikel door: Hopman, Bob

Zonder

Heel veel ellende

Elizabeth Nobel (1937) debuteerde in 1996 en heeft met Zonder inmiddels haar vijfde boek laten uitgeven. Blijkbaar doet ze iets goed in de ogen van de uitgeverij, maar aan de hand van deze nieuwste roman is moeilijk te zien wat dat is. Zonder is wat een psychologische roman zou moeten zijn, over drie vrouwen die om verschillende redenen vallen voor dezelfde man, een vrijzinnige kunstschilder genaamd Jack.

Wat de drie gemeen hebben is hun bagage – een zwaar verleden of een vervelende thuissituatie – die ze naar Jack en elkaar toe drijft. De lezer verwacht dan een uitwerking van de nare situatie van de vrouwen, en de reden dat dit juist tot een geestelijke, en in het geval van de mannelijke kunstenaar ook fysieke band leidt. Hierin wordt hij helaas teleurgesteld. Het wordt wel genoemd: Marian, Jacks echtgenoot, respecteert diens seksuele vrijheid volledig en heeft een droevig verleden door het verlies van een tweeling. Natasja, de buitenechtelijke scharrel en de oudste van het stel, zorgt thuis voor een dementerende man en vindt blijkbaar troost in de genegenheid die ze bij de schilder ontvangt. En de pas zestienjarige Dominique is verliefd op Jack als invallend tekenleraar; zij heeft een achtergrond van seksueel misbruik door haar vader, en een rusteloze thuissituatie. Haar vader ligt nu namelijk onder vuur wegens vermeend misbruik van het buurmeisje.

Maar het alleen noemen van de problemen is niet genoeg, zo werkt literatuur niet. Mogen wij dan bij Dominique een psychoanalytisch kunststukje verwachten? Een pubermeisje, op zoek naar een vaderfiguur omdat haar eigenlijke vader een smeerlap is, die een seksuele relatie aangaat met een ook van de situatie misbruik makende docent die haar onzekerheid aanvoelt? Nee, ze lijkt haar vaders incestueuze kwaaddoenerij totaal vergeten, en vertrouwt de man volledig. En niet uit schuldgevoel of angst, maar oprecht, zo krijg ik het gevoel. De liefde voor Jack maakt meer de indruk van de kalverliefde die elke zestienjarige naar een leraar toe kan voelen, en dat is een roman niet waard.

Dat is één voorbeeld van tekort, binnen het verhaal. Stilistisch is het erger, zoals in de volgende alinea, vanuit het perspectief van Natasja:

Kookboeken Nieuws

‘Ze viel met hem in een diepte, ontsnapt aan de wereld, het leven. Haar lichaam was niet meer van haar, haar gedachten zweefden los in de ruimte. Ze was binnenin, in de zinderende warmte, in de beslotenheid leverde ze zich aan hem uit, aan dat vreemde lichaam, even vreemd als dat van haarzelf. Haar mond, haar handen streelden als vlinders die even neerstrijken op een onbekende plek, of zoals je de zachte neusgaten van een paard aait, omdat het niet mogelijk is het hele dier in je armen te nemen. Ze zou hem willen omvatten en in zich opsluiten.’

Voor de lezer die het nog niet had vastgesteld: het gaat hier om een seksscène. ‘Binnenin, in de zinderende warmte’ is een cliché van ongekende orde. Wat het paard precies met deze vorm van liefde te maken heeft zou ik niet durven gokken, maar de vergelijking maakt hoe dan ook een belachelijke indruk. Het pijnlijke daaraan is dat scènes als deze duidelijkheid zouden moeten geven over de vorm van fysieke liefde die de verschillende vrouwen met Jack delen. Daarvoor is meer explicietheid nodig, meer dan deze opsomming van bijna abstracte clichés.

Alles wat om verdieping vraagt in Zonder is onvoldoende uitgewerkt en stilistisch onafgewerkt. Of onhandig, zoals een gezelschap na een theologische discussie over moeders eventuele euthanasie: ‘Ongelovig volgen Sofie en een verpleegster Marian de tuin in.’ Het woord ‘ongelovig’ is hier wel heel ongelukkig gekozen. Dat getuigt niet van sterke redactie. Misschien ben ik een muggenzifter, hoe dan ook, ik word in de woorden van Van Deyssel een ‘beetje ongesteld’ van zoveel onkunde. En hoe hilarisch die woorden bij hem ook klonken, ik vind het helemaal geen fijne ervaring.