Vrijdag, 3 juni, 2005

Geschreven door: Peeters, Elvis
Recensie door: Versteegh, Martien

De ontelbaren

Homo homini lupus

In zijn beroemd geworden Leviathan, gebruikt Thomas Hobbes in 1651 de woorden Homo homini lupus, ofwel de mens is voor zijn medemens een wolf. Uit zelfbehoud streeft een mens voor zichzelf de grootst mogelijke vrijheid na, waarbij de vrijheid van de ander in het gedrang komt. Om veiligheid te kunnen garanderen, moet er een contract worden afgesloten, hetgeen onze vrijheid inperkt. Dat gebeurt in de vorm van onze sociale staat met haar wetten. Als dat contract niet meer werkt, krijg je een oorlog van allen tegen allen. En dat is wat je ziet gebeuren in De ontelbaren, de beklemmende tweede roman van Elvis Peeters, geschreven in samenwerking met Nicole van Bael.

Peeters geeft in een interview met Joost Nijsen van uitgeverij Podium aan dat zijn boek geen politiek manifest is, maar een roman pur sang. En daarin heeft hij gelijk. Het is echter wel een roman die je aan denken zet, een roman waar je eigenlijk niet om heen kan in deze tijden van onrust en angstgevoelens. Peeters geeft geen antwoorden in zijn boek, hij schetst alleen een beeld van het westen, dat overspoeld wordt door vluchtelingen. Niemand weet waar ze zo massaal vandaan komen, niemand weet hoelang ze zullen blijven, niemand weet wat er tegen gedaan kan worden. Maar duidelijk is dat de situatie uit de hand zal lopen.

De roman begint met een deel over een niet bij name genoemde man die in een land leeft waar chaos, armoede en agressie overheersen. Niet zonder humor beschrijft Peeters zijn hopeloze situatie:

‘Ze nam het hemd en de onderbroek uit mijn handen, hing ze over een stoel, nat, vuil. Stinkend, zoals mijn broek en mijn jas. En mijn sokken, waar ik het nog niet over heb gehad, die maar voor de helft stonken omdat ze voor de andere helft uit gaten bestonden.’

Boekenkrant

De man regelt voor zichzelf en de dove hoer, bij wie hij toevallig terecht is gekomen, een plek op een boot die ze de hel uit moet varen. De tocht blijkt echter minstens zo’n grote hel en in het beloofde land blijkt geen plek voor ze te zijn. Maar dan zijn we al aangekomen in het tweede deel van het boek en verdwijnt het hoofdpersonage om plaats te maken voor veel verschillende personen, die er alles aan proberen te doen om hun bezittingen te beschermen tegen de oprukkende mensenmassa.

De vluchtelingen lijken nauwelijks geweld te gebruiken. Ze rukken alleen op, dringen binnen, stelen en eigenen zich toe. Vaak met een onbeholpen glimlach. Dat doet de angst van de verwende westerlingen enigszins belachelijk overkomen:

‘De inwoners kon je er gemakkelijk uithalen, met hun degelijke pakken, hun modekleuren, hun doel voor ogen, ze wisten welke straten ze wilden inslaan, welke deuren ze wilden binnengaan, maar hun gezichten waren vertwijfeld, hun wegen overhoop gehaald, ze ergerden zich aan de vreemdelingen, aan de autoriteiten, aan de hitte, aan alles wat niet draaide zoals het moest. De vreemdelingen liepen er vredig bij, ze wisten dat ze zochten, dat ze zouden vinden en dat ze het zouden krijgen, ze zagen met hun eigen ogen dat het allemaal aanwezig was, dat wij het probeerden te verbergen, maar dat ons daarvoor het geduld ontbrak, dat wij hetzelfde wilden als zij, dat het enige verschil was dat wij het al bezaten en als de dood waren het te verliezen en het daarom hardnekkiger vastklampten, zodat hoe meer we het probeerden te loochenen hoe meer het ons verraadde.’

Het laatste korte deel is weer vanuit het perspectief van een vluchteling geschreven. Je gaat ervan uit dat het dezelfde man is als in het eerste deel, maar het zou net zo goed een ander kunnen zijn. Hij is niet op zoek naar de vrouw met wie hij vluchtte. Hij is nergens aan te herkennen. Hij is een van de miljoenen, die van de ene hel in de andere terecht is gekomen.

Hoewel dit boek geen hoofdpersoon heeft met wie je mee kunt leven, boeit en intrigeert het van het eerste tot en met het laatste moment. Van Peeters’ opmerking dat hij en Nicole nauwgezet schrijven en dat ze zich beperken tot de essentie van wat ze willen zeggen, lijkt geen woord gelogen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Alleen inhoudelijke reacties die gaan over het besproken boek en/of de recensie worden geplaatst.