Woensdag, 20 april, 2005

Geschreven door: Schröder, Allard
Artikel door: Bergman, Henk

Favonius

Je vrouw en je beste vriend

Je kunt heel wat criteria hanteren om te bepalen of je een boek ‘goed’ vindt. Ikzelf maak meestal een pragmatische afweging: is het boek het waard om een plaatsje in mijn boekenkast te krijgen? Of nog duidelijker: wat is de kans dat ik het ooit nog eens zal opslaan, zoekend naar de passage of de formulering die me bij eerste kennisname heeft getroffen en die ik graag nog eens – misschien wel regelmatig – wil herlezen? Favonius, de laatste roman van Allard Schröder, behoort zeker niet tot de boeken die aanspraak kunnen maken op mijn blijvende belangstelling. Sterker: ik vind het een nietszeggend verhaal, dat er dan ook geen moment in slaagde mij mijn dagelijkse zorgen te doen vergeten.

Het gaat allemaal om Felix Favonius, een vitale einddertiger. Hij is met zijn assistent op weg naar de stad P***, waar hij de leiding zal overnemen van een groot dat zijn company daar sinds een jaar uitvoert. Maar het is beestachtig slecht weer en de auto waarmee ze reizen, slipt en komt in een sloot terecht – waardoor verder rijden onmogelijk is. Zoekend naar hulp belanden ze in De Fransche Lelie, een aftands hotel/café in het nabij P*** gelegen desolate dorpje Overlethe.

Kort na zijn onfortuinlijke trip komt Favonius een keer onverwacht thuis en vindt hij zijn vrouw Vita – die voor geen goud in P*** wil wonen, ook niet tijdelijk – in bed met zijn beste vriend Garmer. Het paar (dat het uiteraard druk heeft) merkt Favonius niet op. Garmer is al vele jaren contractueel aan de company verbonden en verzorgt de public relations. De vriendschap tussen beide mannen gaat terug tot uit hun jeugd. Toen ik zover gekomen was, wist ik al dat het wat mij betreft niet meer goed zou komen met Favonius. Allemachtig, je vrouw en je beste vriend: kun je nu echt niets beters verzinnen?

Na de ontdekking van zijn vrouws ontrouw doet Favonius wat de gemiddelde bedrogen echtgenoot doet: hij laat even niet blijken dat hij het weet, achtervolgt het overspelige duo een tijdje (zelfs op een weekend), en confronteert Vita uiteindelijk met haar vreemdgaan. Ze ontkent eerst nog, maar het bewijs is zo overweldigend dat ze wel moet toegeven. Het komt tot een handgemeen, waarbij Favonius zijn echtgenote onder bedreiging van een pistool (dat hij geleend heeft) tot seks dwingt. Vita krijgt uiteindelijk het pistool te pakken, schiet op Favonius en weet te vluchten. Favonius raakt daarbij echter nauwelijks gewond raakt. Maar overspelige vrouw of niet, het werk gaat door. Favonius wordt door zijn baas betrokken bij het omkopen van een politicus in P***, waardoor een aantal hinderlijke bureaucratische barrières in het stadsuitlegproject wat makkelijker opgeruimd kan worden.

Archeologie Magazine

Enkele dagen later wordt Garmer dood in een rivier aangetroffen. En nee: het is geen natuurlijke dood. Terug in Overlethe van de crematie komt Favonius terecht op een feest in het grootste huis van het dorp. Hij belandt met de bewoonster in haar slaapkamer, maar wordt daar betrapt door haar halfbroer, die hem het pand uitzet. Saillant detail: deze halfbroer lijkt sprekend op Favonius (‘Er is er nog een als ik’). Na deze van elke ratio gespeende lookalike-scène had ik Favonius graag voorgoed dichtgeslagen. Maar voor de goede zaak zette ik door. Het kostte moeite, want juist dan komt het deel waarin de hoofdpersoon de aanwezigheid van een mysterieuze ‘vrouw in het grijs’ voelt, ‘s avonds op een open plek in het bos een eenhoorn ontmoet en verzeild raakt in het huis van een militair dat zich op een niet-bestaande plek bevindt.

We zijn weer terug in de realiteit als blijkt dat Favonius’ inspanningen in P*** allemaal voor niets zijn geweest. Zonder hem ervan op de hoogte te stellen verkoopt de company de grond die men inmiddels heeft verworven aan een concurrent. Het blijkt vanaf het begin de opzet te zijn geweest.

Favonius is het eerste boek van Allard Schröder dat ik las. Wat me er nog het meest aan irriteerde is de – onverklaarde – schizofrenie waaraan de hoofdpersoon lijdt. Enerzijds is Favonius de nuchtere projectontwikkelaar en boze (want bedrogen) echtgenoot, maar daarnaast is hij ook de man die gevoelig blijkt voor allerlei irrationele onzin. Ofwel Schröder weet niets van de wereld van de projectontwikkeling, ofwel hij vond de rechttoe-rechtaansfeer die daar overheerst toch wat te beperkt voor een heel boek. Ik gok op het eerste.


Eerder verschenen op Recensieweb

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *