Dinsdag, 24 november, 2015

Geschreven door: Berkvens, Karolien
Artikel door: Schaart, Wouter

Het uur van Zimmerman

De tragiek van het alledaagse

Het leven van de zojuist gepensioneerde Loet Zimmerman bestaat uit regelmaat, precisie en overzichtelijkheid. Tot aan zijn pensioen was hij roostermaker op een middelbare school. De dagen strekten zich vertrouwd en voorspelbaar uit in 8 blokken van 50 minuten. Na zijn laatste werkdag begint hij aan een nieuwe klus: het inplannen van de tijd die hem nog rest. Iedere dag om half 10 een ommetje, de dagelijkse 50 puzzelstukjes (20 stukjes per uur) en stipt om zeven uur eten. Dan wordt Zimmerman overvallen, een jongen ‘met donkere ogen’ steelt zijn horloge, een erfstuk van zijn grootvader. Zijn zorgvuldige tijdsplanning raakt onherstelbaar ontregeld. Dit najaar verrast Karolien Berkvens met de sterke en ontroerende debuutroman Het uur van Zimmerman.

Verlies

We volgen Zimmerman in zijn pogingen om weer grip op het leven te krijgen. Dat gaat maar mondjesmaat, de overval blijkt een flinke impact op hem te hebben. Gaandeweg komen we er achter dat dit niet de eerste keer is dat Zimmerman geconfronteerd wordt met verlies. Tegenslagen lijkt hij te verwerken door zich te verstoppen en zich te concentreren op het indelen van de tijd:

‘In de keuken zaten mensen, misschien was er niet genoeg te drinken, hij wist dat hij naar beneden moest. Hij moest de avond, de nacht, de komende dagen, in stukken hakken, vullen en doorkomen.’

Toch lukt het hem na de overval maar nauwelijks de boel weer op de rit te krijgen. Met zijn horloge is hij ook zijn greep op de tijd verloren. In aangrijpende, haast hallucinante scènes laat Berkvens verleden en heden naadloos in elkaar overvloeien, angstdromen waaruit Zimmerman dan met een schok weer ontwaakt.

Boekenkrant

Huiselijke taferelen

Op andere momenten beschrijft Berkvens kleine, huiselijke taferelen. De zoon van Loet die hem thuisbrengt, koffie zet en een sigaret opsteekt. Een uitstapje naar de supermarkt. Een bezoek van schoolhoofd Boerhaeve en Zimmermans ergernissen hierover. Sterk zijn de beschrijvingen van de gesprekken die hierbij gevoerd worden. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken Karolien Berkvens’ theaterachtergrond hierbij wellicht een rol speelt. Door haar precieze beschrijvingen van alledaagse gebeurtenissen en gesprekken komt het verhaal tot leven, wordt het voorstelbaar en geloofwaardig. Het is in dit soort beschrijvingen dat het schrijftalent van Berkvens het sterkst naar voren komt:

‘“Ik ga me scheren,” zegt Zimmerman.
Daniël draait zich om. “Jezus, ik heb net koffiegezet.” Hij laat de volle kan zien.
Zimmerman pakt de asbak uit de vensterbank en gaat weer zitten. Hij heeft de asbak speciaal voor Daniël gekocht, er staan twee palmbomen op. Het was de minst lelijke die hij kon vinden.
“Je moet uitrusten,” zegt Daniël. Hij schenkt de koffie in en zet de kopjes op tafel. “En zo’n baardje staat je trouwens niet slecht.”’

Vertedering

We zien Zimmerman almaar verder wegzakken in zijn waanvoorstellingen en onbegrip. Onbegrip is dan ook een overheersend thema in de roman. Onbegrip voor de gebeurtenissen die Zimmerman overkomen, en voor de mensen die hij ontmoet. Wederzijds onbegrip in de relatie met zijn zoon Daniël. Maar gelukkig is er ook ruimte voor licht en vertedering in deze roman. Bij zijn vrouw Lucy lijkt Zimmerman wel het geluk en wederzijdse begrip te hebben gevonden. Ontroerend is de scene waarin Lucy er bij Loet op aandringt met hem te dansen in de tuin, ook al is er dan geen muziek, kijken de buren mee en is het al met al ‘toch meer iets voor Daniël’:

‘“Toe nou, Loet,” drong Lucy aan. “Het is zo lang geleden dat we gedanst hebben.”
“We staan in de tuin.”
“Wat geeft dat?”
“Er is hier geen muziek.”
“Je kunt doen alsof.”
Lucy begon te neuriën en ze liet haar ene hand in die van Zimmerman glijden en haar andere legde ze op zijn schouder.
Zijn danslerares zou het vreselijk hebben gevonden dat hij zich liet leiden door een vrouw.
Ze zwierden door de tuin, Lucy omzeilde behendig de vuilniszak en de hark en hij probeerde zich over te geven aan haar ritme. Ze drukte haar lichaam tegen het zijne en sloot soms haar ogen.’

Karolien Berkvens verrast met dit debuut, deze intieme en aangrijpende deconstructie van een te gestructureerd leven. Ze weet het verhaal met kleine, alledaagse scenes tot leven te brengen. Enig minpunt: de bijfiguren blijven wat oppervlakkig. Zoon Daniël als de onaangepaste, rebelse zoon, rector Boerhaeve als de goed bedoelende, maar oervervelende baas. Ze vervullen hun functie in het drama dat Berkvens schept, maar komen zelf niet echt uit de verf. Toch heeft deze roman, in al zijn verwarring, vertedering en eenvoud veel te bieden. Voor een verhaal over het verlies van de grip op de tijd, betrapte ik me er tijdens het lezen regelmatig op zelf de tijd uit het oog verloren te hebben. In dit geval lijkt me dat een goed teken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *